‘Ja, maar hij neemt wel elke dag een weerbericht op’ ‘Nou en’, dacht ik. Ik schrijf al twaalf jaar lang elke week een column. Dat is 12 keer 52 weken (en nog ietsje meer). Dat is bij elkaar een hoop papier. En kom op, zo’n weerberichtje van drie minuten. Wij ploeteren elke dag gewoon acht uur. Piet stond er in elk geval goed op, woensdagavond in Roden. Piet riep iets over de zon, een hogedrukgebied en voorspelde mooi weer. De vrouwen stonden voor Piet in de rij. Moeders, aanstaande moeders, oma’s en kinderen; ze wilden allemaal met Piet op de foto. Met de man die soms zegt dat het warm weer wordt en je vervolgens 24 uur later buiten in de regen staat te vernikkelen. Die Piet. Hoe vaak hij er ook naast zit, hij blijft populair. Opgedofte moeders doen alles voor hem. Ze houden zijn microfoon vast en roepen op commando iets onverstaanbaars. Oké, toen ik langs Piet liep, vielen mijn witte benen op. Dat komt ook omdat ik geen tijd heb om in de zon te zitten. Piet wel, die staat elke dag in de zon. Ergens op een strand, in de duinen, aan zee; voor dat itempje van drie minuten dus. Maar eerlijk: Piet is toch niet de George Clooney onder de weervoorspellers? Hij had, vond ik, een wat rood hoofd. Hij droeg verder geen bijzondere kleding. Hij spreekt iets dat het midden houdt tussen Nederlands en Fries en ook zijn haar is nou niet bijzonder. En toch, als bijen op de honing de wandelende vrouwen. En dan nog iets: die man die bij Piet was. En nee, dan bedoelen we niet Arno van de organisatie. Die ander, met camera. U moet weten, Piet heeft een cameraman bij zich. Die zal Piet ongetwijfeld overal rijden en die heeft ook een rood hoofd. Van het tillen. De arme man zweette zich kletsnat. Piet droeg de microfoon, hij de loodzware camera. Geen vrouw die naar de man omkeek. Die bleken slechts geïnteresseerd in Piet. Het is pure afgunst van mij, ik geef het toe. Drie minuten wat roepen over een wolkendek en fikse neerslag, over onweer en barbecueweer en je bent het heertje. Je schijnt er zelfs rijk van te worden. Piet komt overal binnen, iedereen wil Piet. Was Piet deelbaar, dan was hij op 74 plekken tegelijk. Piet wordt bedolven onder de mailtjes waarin hij verzocht wordt langs te komen. Is er iets leuks? De kans dat Piet er bij is, is levensgroot. Pikt hij die krentjes uit de pap. Ik heb het woensdag met verbazing gadegeslagen. Alsof Onze Lieve Heer langskwam. Alsof Jeroen Krabbé in hoogtijdagen de Leeksterweg opdraaide. Ook al bijzonder is de naam van het item van Piet bij SBS: Piet’s Weer. Alsof Piet’s Weer iets anders is dan hét weer. Je hebt toch maar één soort weer? Of is Piet’s Weer net iets beter (lees: warmer) dan dat van een ander. Soms verlang ik naar vroeger. Naar die overgaande telefoon op de radio. Dat die man na een keer of drie opnam en gewoon zijn achternaam noemde. Ik mis Jan Pelleboer.