84-jarige Geert Posthumus loopt Nijmeegse Vierdaagse

ZEVENHUIZEN – Je heb bijzondere mensen en je hebt bijzondere mensen die bijzondere dingen doen. In die laatste categorie valt Geert Posthumus. De 84-jarige Zeuv’mhuuster liep de laatste editie van de Nijmeegse Vierdaagse mee. Dat deed hij niet voor het eerst en als het aan Geert ligt ook zeker niet voor het laatst. De oud-ondernemer geniet duidelijk na van zijn prestatie en dat is terecht. Nee, de oudste deelnemer was hij niet. Maar voor ons natuurlijk wel de meest opmerkelijke. Tijd dus voor een gesprek over de avonturen van een 84-man die een prestatie levert waar veel jongere mensen over zouden zijn gestruikeld. Nou ja, gesprek. Geert blijkt een makkelijke prater en we hebben aan één vraag en een kwartje genoeg om een volledige krant te kunnen vullen. Het verhaal van een opmerkelijke man.

“Weet je, dat wandelen begon toen ze hier in Zevenhuizen begonnen met de avondvierdaagse”, antwoordt Geert op onze eerste en enige vraag. “Ik liep samen met mijn wandelvriendinnen gezellig met de scholen mee. Bij mij is het toen begonnen te kriebelen, ik wilde meer lopen. Maar mijn wandelvriendinnen vonden de vierdaagse Zevenhuizen wel genoeg. Dus dan ga je verder kijken. Dan kom je uiteindelijk op klompen terecht in Zevenhuizen. En dan niet ‘ons’ Zevenhuizen, maar die van Zuid-Holland.” Het is 2011 als Zevenhuizen in de race is voor ‘Het Leukste Dorp van Groningen’ en er een ludieke actie op touw wordt gezet, waarbij een aantal inwoners van het Groningse Zevenhuizen de traditionele Klompentocht van het ‘andere’ Zevenhuizen meelopen. “Ze hebben mij ook benaderd om mee te lopen”, herinnert Geert zich. “Daar was ik wel voor in! Dus we zijn met z’n allen op een mooie zomerse zaterdag de bus ingestapt, klompjes mee, en naar Zuid-Holland. Dat was echt een geweldige ervaring! Duizenden mensen stonden langs het parcours de deelnemers aan te moedigen. Die hele tien kilometer lang. Een geweldige ervaring waardoor ik alleen maar meer honger kreeg naar goede wandelingen. En waar is het dan beter lopen dan bij de koning onder vierdaagses. Ik dacht: ‘Hup, naar Nijmegen’.” Al had dat nog wat voeten in aarde, vertelt Geert enthousiast. Zo moest hij een verblijfplaats zien te regelen voor die vier dagen, want dagelijks op en neer rijden is natuurlijk geen optie na zulke lange wandeltochten. “Op het laatste moment heb ik nog een hotelletje weten te regelen in Nijmegen”, lacht hij. “Best knap, want je begrijpt dat tijdens de vierdaagse alles in Nijmegen natuurlijk bomvol zit. Dat bleek even later ook wel toen een andere man uit Zevenhuizen mij vroeg om samen de vierdaagse te lopen. Kon ‘ie dus geen hotel meer regelen. Sliep ik in mijn hotelkamer en hij in een tent.” Geert glundert bij het vertellen van de anekdote. Temeer omdat het op het eerste gezicht lijkt alsof hij de beste nachtrust heeft gehad in zijn veilige, warme en comfortabele hotelkamer. “Maar niet dus hè!”, zegt hij. “De Nijmeegse Vierdaagse is niet alleen lopen, het is ook feest. En dat heb ik geweten. Lig ik dus lekker vroeg op bed, want je moet goed uitrusten, begint opeens de muziek keihard te spelen. Heb ik daar mooi tot één uur wakker gelegen.” Zijn wandelpartner bleek een betere nacht te hebben gehad in zijn tentje. “Jammer dat het maar bij één keer samen lopen is gebleven”, vertelt Geert. “Het jaar daarop werd hij heel erg ziek. Inmiddels is hij helaas ook overleden. Het jaar daarop ben ik alleen gegaan, zoals ook de eerste keer eigenlijk de bedoeling was. Een hotel in Nijmegen heb ik echter nooit weer geboekt. Dit jaar zijn we in Groesbeek gaan kamperen. Mijn vrouw en ik kwamen daar vroeger al veel en zijn daar nu ook naartoe gegaan. Mooi rustig en met de bus ben je zo op het grote plein in Nijmegen. Lekker om 5 uur de bus in, daar een broodje kopen als ze nog niet uitverkocht zijn en ‘hup’ wandelen.” Geert vertelt dat hij officieel vier keer dertig kilometer heeft gelopen. “Maar dat zijn natuurlijk veel meer”, weet hij. “De eerste drie routes zijn 33 kilometer, alleen de laatste dag loop je precies dertig kilometer. Alles bij elkaar loop je zo veertig kilometer per dag. Vanwege mijn leeftijd ben ik daarom ook benaderd door het Rombout Ziekenhuis. Of ik begeleiding wilde hebben tijdens het wandelen. Nou, nee dus. Ik red me wel.” Toch heeft zijn deelname dit jaar op losse schroeven gestaan. “Het volgende mag je wel opschrijven”, zegt hij. “Mijn vrouw werd ziek, dus aanvankelijk zou ik niet heengaan. Dankzij de geweldige Buurtzusters uit Roden kon ik uiteindelijk toch heen en daar ben ik ze zeer dankbaar voor. Mijn training was er bij in geschoten, maar goed. Dan sta je daar ongetraind en ook nog eens in een brandende zon. Het was een zware tocht, water en wilskracht hebben me erdoorheen gesleept.” Voor volgend jaar houdt Geert Posthumus een slag om de arm. “Als mijn vrouw en ik gezond blijven wil ik weer heen. Dat wordt dan de vijfde keer dat ik meeloop. Je krijgt altijd zo’n leuk aandenken mee. Dit jaar hebben we een speldje gekregen. Bij de vijfde deelname krijg je er een leuk doosje bij. Ach, het gaat nergens over, maar je wilt het toch graag hebben. Het is gewoon leuk.”

En zo eindigt een monoloog van een opmerkelijke man. Pas op zijn tachtigste begonnen met fanatiek te wandelen, maar nog altijd niet klaar. Eigenlijk zijn we ervan overtuigd dat dat speciale doosje er gaat komen. Linksom of rechtsom, Geert Posthumus is niet voor één gat te vangen.