Aan gort

Of ik eens wilde gaan kijken naar het effect dat de ’tocht der tochten’ (op fietsgebied) had veroorzaakt op de wandelpaden in het Mensingebos. Ik heb het over ’Drenthe 200’ dat in dit weekblad werd omschreven als een ’extreme helletocht’. Dat deed ik met een vriendin en we besloten maar eens te kijken bij de Melkweg waar de deelnemers het laatste stukje voor een groot deel lopend (fietsend ging niet) naar de finish moesten afleggen. Dat was op zich al knap, want wij gaven al gauw de moed op en besloten na pakweg 100 meter op onze schreden terug te keren. De boel was er aan gort gereden (foto) en nauwelijks begaanbaar.

Achteraf lees je juichende verhalen (van de organisatie) hoe geweldig het was en dat het de volgende keer minstens 2000 deelnemers moet trekken. Goed voor de middenstand en goed voor de horeca. U kent de ronkende verhalen wel. Ik betwijfel ten zeerste of dat gaat lukken (die 2000) en vraag me bovendien af of je dat überhaupt moet willen. Van de 1600 aanmelders waren er 400 zo verstandig niet van start te gaan en van de 1200 die dat wel deden zijn er krap aan 500 gefinisht. Als sportman kan ik daar nog wel respect voor hebben. De burgemeester, die alvorens het startschot te lossen uitsprak dat iedereen zou finishen, werd pijnlijk op zijn gebrek aan inzicht betrapt, maar hij bedoelde natuurlijk dat hij hoopte dat iedereen zou finishen. Als burgemeester, en dat geldt voor de meeste politici, ben je er voor de praatjes en minder voor visie. Uit de lijst van degenen die de finish wel hebben gehaald blijkt dat het vooral een mannensport is. Maar toch was er een tiental vrouwen bij die de rit hebben uitgereden. Heel knap was de prestatie van Amanda Slot-Willems op plaats 138 en van Andrea van Loo op plek 186, respectievelijk op iets van 4 en 4,5 uur van de winnaar die er 8,5 uur over deed. De laatsten arriveerden na elf uur ’s avonds en noteerden een tijd van meer dan 17 uur. Hoe gek ben je dan?

Van sommige mensen weet ik dat ze onderkoeld waren en niet verder konden, maar ook dat er deelnemers totaal uitgeput over de streep kwamen. Dat mag, maar als je de volgende dag nog zo kapot bent dat je niet kunt werken lijkt het me geen gezonde bezigheid. Ook was er nogal wat schade aan de fietsen, soms honderden euro’s, want het zijn dure dingen die onder deze omstandigheden zwaar hadden te lijden. Of ik het met de deelnemers had te doen? Beslist niet en ik hoop zelfs dat de omstandigheden de volgende keer minstens zo beroerd zijn. Dat maakt de euforie over het uitrijden immers nog groter. Maar ga dan iets zorgvuldiger om met het uitzetten van het parcours en mijdt kwetsbare delen in bossen en leidt de renners meer over openbare zandwegen. En val zo weinig mogelijk andere weggebruikers ermee lastig. Op de foto’s in ’de Krant’ waren de deelnemers meer te voet dan fietsend te zien. Vanwege de vele valpartijen had daarvan ook wel een ’leuk plaatje’ bij mogen zitten. Toevallig kwam ik om een uur of halfvijf bij de finish langs waar geen mens was te bekennen op de speaker en een paar leden van de organisatie na. Voor wie doe je het dan en moet daarvoor een deel van het centrum een paar dagen op slot, vraag ik me dan af.

Het is tevens wat de discussie over het atb/mtb-gedoe overheerst. Mag je voor de lol van een relatief kleine groep het plezier van vele mensen vergallen? Als je naar een organisatie als Staatsbosbeheer kijkt (dit geldt tevens voor Natuurmonumenten) mag het. Hun credo luidt immers dat je het bos moet beleven en benutten. Aan beschermen wordt niet meer gedaan. Dat leverde deze organisatie de titel ’Beste Overheidsorganisatie van het Jaar 2017’ op met als argumentatie: ”Ze heeft namelijk laten zien dat ze zich heeft aangepast naar de 21e eeuw. De genoodzaakte transitie heeft ervoor gezorgd dat zij hun toekomstige identiteit uit eigen roots hebben herontwikkeld…” en meer van dat soort  bla-bla-taal. Als natuurbeschermer weet je dat de natuur er dan niet meer toe doet. Het gaat uit van mensen en het groen (het bekt wel lekker om je als zodanig te profileren) is niet meer het leidmotief. Natuur moet geld genereren. In dit geval 1600 x € 5,- voor Staatsbosbeheer. Daar kunnen ze weer heel wat kuub zand voor kopen om de paden te herstellen. Letterlijk: Zand erover.