De Heer vertelt

Afgelopen weekeinde vond weer de traditionele open dag (altijd op de laatste zaterdag van augustus) van de Vrije Tijd Tuinders aan de Westeresch plaats. De bedoeling is vooral ook om de kas een beetje te spekken door de verkoop van bonen, bieten, boerenkool en wat dies meer zij. Die verkoop start altijd exact om tien uur, maar desalniettemin zijn er altijd mensen die soms zelfs al een halfuur voor die tijd aanwezig zijn om als eerste aan de beurt te zijn. Het waarom ontgaat me, want er is altijd genoeg voor eenieder, zeker ’s morgens.

Bij dat spekken van de kas moet u denken aan ’een leuk bedrag’ waarvoor een behoorlijk grote ploeg vrijwilligers dagenlang bezig is geweest. Afgezet tegen het uurtarief (het was recent in het nieuws) van de consultants die de Britten van advies dienen om de brexit soepeltjes te laten verlopen is het echter een schijntje. Eén adviseur ’verdient’ namelijk op een halve dag meer dan de ploeg vrijwilligers bijeen wist te harken. Dat harken slaat in dit verband meer op de consultant dan op het vrijwilligerswerk, en kun je geen ’groene’ bezigheid noemen.

Naast de Vrije Tijd Tuinders zijn op de open dag enkele andere verenigingen present, waaronder IVN Roden. De inkomsten van onze vereniging vallen trouwens met € 6,- weer in het niet bij die van de tuinders, maar daar gaat het ons niet om. Zoals bekend zijn wij als (natuur)educatieve vereniging aanwezig en mooi dat we op deze dag toch nog weer een behoorlijk grote groep jeugdigen (vergezeld door hun ouders) enig onderricht in de natuur hebben mogen geven. De ene keer gaat het over vogels, een andere keer over waterdiertjes, maar nu stonden vlinders in de belangstelling. Onze specialist was ook deze keer weer De Heer (zeg maar Herman) die de kinderen (en ouders) op geheel eigen wijze wist te boeien (zie foto).

Geen slak

Met enige regelmaat komen bepaalde natuurzaken aan de orde. De tweede Puur Natuur-aflevering, op een haar na begint de 10e  jaargang, droeg als titel ’Geen slak, maar een rups’. In de tuin achter haar huis aan de Burgemeester van Wageningenlaan (Roden) zag Dinie Mertens toen een slak kruipen, dacht ze eerst, maar dichterbij gekomen bleek het een joekel van een rups te zijn. Zo’n vijf jaar geleden besteedde ik er opnieuw aandacht aan en recent werd deze rups gemeld door Altienus Kemkers uit Roden. Altienus was zelf op internet aan het zoeken geweest en kwam met de verrassende naam Teunisbloempijlstaart op de proppen, een vlinder die zo zeldzaam is dat ik het bestaan ervan al bijna was vergeten. Gelukkig had ’Aoltien’ op mijn verzoek de rups in een potje gestopt en kon ik hem iets later bekijken. Het bleek, net als de vorige twee beschreven keren, een olifantsrups te zijn, oftewel de rups van de ook tot de kleine groep van pijlstaarten behorende nachtvlinder Groot avondrood. De rups wordt zo genoemd omdat hij een slurfachtige voorzijde heeft en een ander kenmerk zijn vlekken die op ogen lijken. Bij bedreiging beweegt de rups zijn kop heen en weer en probeert vijanden door dit imponeergedrag op afstand te houden. Het schijnt dat mensen er ook van schrikken, omdat ze dan denken dat het een slang is. Altienus dacht vanwege de kleur (grijsbruin) van de rups ook eerst aan een slak, maar had al gauw door dat het een rups was. Voor een slak kroop het beest namelijk veel te snel. Het was maar goed ook dat Kemkers de rups opmerkte, want hij kroop vanuit de tuin tussen de huizen door naar de voorzijde, de drukke Nieuweweg. Daar had de rups weinig te zoeken, want er is geen voedsel en bovendien geen plekje om in de grond weg te kruipen om te verpoppen. Dat doen ze namelijk als ze volgevreten zijn. Om te voorkomen dat van de rups slechts een hoopje smurrie zou overblijven heb ik hem maar meegenomen en op een geschikte plek losgelaten. De door Kemkers genoemde Teunisbloempijlstaart wordt de laatste jaren meer en meer uit Zuid-Nederland gemeld en zou een regelrechte sensatie zijn als hij het was geweest. Als…