‘Het enthousiasme is groot, maar er is geen plan’

Ergernis over aanpak energietransitie

VEENHUIZEN – Lambert Sijens maakt zich zorgen over de voortgang in de energietransitie in Noordenveld. De ambitie is groot maar er gebeurt te weinig en te langzaam. ‘Laat zien dat de ambitie niet alleen bij mooie woorden blijft. Maak een plan!’, is zijn devies.

Sijens houdt zich al meer dan 25 jaar bezig met duurzaamheid en de energietransitie. Dat begon tijdens zijn studie begin jaren ’90. Later werkte hij onder andere als coördinator duurzaam bouwen bij een gemeente en als medewerker van het programma Duurzame Energie Nederland bij een agentschap van het Ministerie van Economische Zaken. Nu is hij plaatsvervangend commissielid voor de PvdA/GroenLinks fractie en voorzitter van de werkgroep duurzaamheid van deze fractie. In het dagelijks leven runt hij samen met zijn vrouw een zorgboerderij in Veenhuizen. Mij vallen twee dingen op: het enthousiasme is groot maar er is geen plan. Hiervoor verantwoordelijk zijn niet alleen de wethouder maar het hele college én de gemeenteraad.’

Hij vervolgt: ‘Eigenlijk staan we nog maar aan het begin van de energietransitie. Er moet nog enorm veel gebeuren om uiteindelijk te komen tot een klimaatneutrale samenleving. De impact van de energietransitie zal groter zijn dan die van de Deltawerken en de aanleg van waterleiding en het aardgasnet bij elkaar. Het landschap en het leven van mensen zullen ingrijpend veranderen, en het gaat zorgen voor een gewijzigde economische structuur’

Het kabinet worstelt met de doelstellingen voor de CO2-uitstoot. Die uitstoot moet in 2020 25 procent lager zijn dan in 1990 (luchtvaart uitgezonderd). Dat doel gaat helaas niet gehaald worden. In april horen we welke extra maatregelen er genomen gaan worden. Maar hoewel de doelen niet worden gehaald heeft het Rijk tenminste doelen en beleid.

‘Maar hoe staat dat eigenlijk in Noordenveld?’, vraagt Sijens zich hardop af. ‘We willen in 2040 klimaatneutraal zijn, maar hoe? Geen idee! Er zijn bij de gemeente geen cijfers bekend over het huidige energiegebruik, het percentage van de verschillende vormen van duurzame energie: zonne-energie, windenergie, bio-energie, geothermie enzovoort.
Vervolgens is in het geheel geen inzicht in de mogelijkheden die deze verschillende vormen van duurzame energie bieden, laat staan een visie, strategie of plan. Er is alleen een stip aan de horizon. Wij hebben vastgelegd dat we in 2040 klimaatneutraal willen zijn, tien jaar eerder dan Nederland als geheel. Maar er is geen geld beschikbaar, de wethouder die de energietransitie ‘onder zich heeft’ doet af en toe een energieprojectje en de rest van het college en de raad vinden het allemaal prachtig. Het verbaast mij hogelijk dat dit al jaren zo voortduurt’, zegt Sijens.
‘In het college-akkoord is afgesproken dat “duurzaamheid en energietransitie voortvarend worden opgepakt”. Dit wordt toegelicht met een plan om vijf wijken te verduurzamen. Mooi, maar dit is geen energietransitie. In het raadsakkoord staat iets meer: “Om de duurzaamheidsopgave en de energietransitie in Noordenveld goed en gestructureerd op te pakken wordt een specifiek meerjarig uitvoeringsprogramma opgesteld in samenspraak met de adviesraad Duurzaamheid.” Na bijna een jaar heb ik hier nog niets van gezien. Er is aan van alles geld uitgegeven maar niet aan de energietransitie. Wat ik wel heb gezien is een “actieplan duurzaamheid” met een mooie passage over de energietransitie. Nadat dit actieplan in juni vorig jaar werd vastgelegd werd de passage over de energietransitie in oktober alweer ongedaan gemaakt en besloot het college aan te haken bij het RES. Wat is dat nu weer? De RES is de Regionale Energie Strategie, die gaat worden uitgevoerd door de Provincie. Deze trein gaat lopen nadat het nationale klimaatakkoord is vastgelegd. Het RES kun je zien als de  bezemwagen: iedere gemeente moet er verplicht aan meedoen. Mijn fractie sputterde bij de begrotingsbehandeling een beetje toen dit bekend werd, de rest van de gemeenteraad zweeg.’

Sijens: ‘Het komt erop neer dat we nog geen stap verder zijn maar eerder een stap achteruit. Weer een verloren jaar. Wat erger is: zonder concrete plannen kan de raad ook niet controleren want er valt niets te controleren. En zo hobbelen we voort en praten we elkaar aan dat  we het best goed doen.’

Omdat Sijens niet alleen problemen wil constateren, maar ook wil meedenken, draagt hij een oplossing aan. ‘Eigenlijk kun je de energietransitie gewoon als een project zien. Er is een einddoel waar je naar toe wilt. Je begint met een onderzoek waar je nu staat: hoeveel energie wordt er gebruikt, hoeveel daarvan is duurzaam en uit welke bronnen? Vervolgens onderzoek je de potentie van alle mogelijke duurzame energiebronnen. Met deze gegevens maak je een aantal scenario’s waarmee je het einddoel haalt. Over deze scenario’s houd je een uitgebreide discussieronde. Daarna maak je een concreet plan. Klaar!’
Tot slot roept Sijens nogmaals op om daadwerkelijk aan de slag te gaan met de energietransitie. ‘Er moeten slagen gemaakt worden. Je kunt daarbij beter vóór dan achter lopen. Noordenveld heeft ambitie. Laat zien dat de ambitie niet alleen bij mooie woorden blijft. Maak een plan!’