Mazzelaars

In het verenigingsblad PuurNatuur van IVN-afdeling Roden merkte ik een keer op met enige afgunst te kijken naar de leden van de Vlinderwerkgroep. Omdat vlinders alleen actief zijn bij mooi weer trekken de leden slechts dan eropuit wanneer aan die voorwaarde wordt voldaan. Mooi-weer-inventariseerders noemde ik ze dan ook. Dat kan niet worden gezegd van de leden van de Paddenstoelenwerkgroep die er in weer en wind op uittrekken. Slechts bij storm (omvallende bomen) wordt een inventarisatie afgelast.

Dat laatste is in de bijna twintig jaar dat ik deze werkgroep leid slechts één keer voorgekomen. Een andere factor waardoor excursies kunnen worden afgelast is (vroeg invallende) vorst. U weet dat daarvan de laatste jaren nauwelijks sprake is en daarom kan het gebeuren dat zelfs in januari nog op zoek wordt gegaan naar paddenstoelen. En niet zonder succes! Maar u begrijpt dat vanwege het fraaie weer van de laatste weken voorlopig nog helemaal niet aan paddenstoelen hoeft worden gedacht. Daarvoor is eerst regen, heel veel regen, nodig, want slechts dan zijn de schimmels die de zwammen voortbrengen voldoende hersteld van de droogte van nu. En omdat regen voorlopig nog steeds uitblijft kan het wel eens een heel slecht seizoen worden voor paddenstoelen. Het schrikbeeld van 2003 doemt daarbij op toen een langdurige droogte (in juli) een rampjaar voor de mycoflora (en dus voor mycologen) tot gevolg had. Dat zou nu zomaar weer kunnen gebeuren.

Voor de vlinderaars onder ons is het geenszins een rampjaar. Weliswaar gaat het knap beroerd met insecten vanwege de effecten van landbouwgif en dat heeft ook zijn weerslag op de vlinderstand, maar het mooie weer is gunstig voor deze ’vrolijke fladderaars’. Dat blijkt dan ook uit de waarnemingen van tal van zeldzame soorten die nu worden gemeld. Nou is de Koninginnepage die u op de foto ziet niet echt een zeldzaamheid, maar wel wanneer je hem ziet in Stadskanaal waar een vriend hem fotografeerde. ”Je bent een mazzelpik” meldde ik hem. De Koninginnepage heb ik in onze contreien in een ver verleden gezien, dus al een behoorlijke tijd geleden. Ik kijk er wel naar uit, want van deze soort is bekend dat hij zich steeds noordelijker vestigt. U weet wel waarom: het klimaat warmt op.

Zeldzamere dagvlinders worden de laatste tijd tamelijk vaak gemeld. Dan heb ik het dus niet over de Koninginnepage, want in Zuid-Limburg, waar ik hem geregeld heb gezien, is het een algemene soort. Dat geldt ook voor het Dambordje, Groot geaderd witje, Keizersmantel en Resedawitje. Zuid-Limburg is toch een beetje buitenland, zo voelt het althans als ik er ben. Ze praten er een beetje raar en het landschap ziet er ook duidelijk anders uit dan elders in Nederland. Bovendien is de temperatuur daar gemiddeld hoger en dat is aantrekkelijk voor vlinders, mits er ook een bijpassende, gevarieerde flora voorhanden is waarvan ze afhankelijk zijn. De laatste tijd zag ik veel zeldzame dagvlinders langskomen (op internet), zoals het Bruin dikkopje, Boswitje, Dwergblauwtje, Iepenpage, Kaasjeskruiddikkopje, Klaverblauwtje, Scheefbloemwitje en Staartblauwtje. Dat soort jongens (en meisjes) dus. Ze worden vooral gezien op en in de omgeving van de Sint-Pietersberg, maar ook wel op andere plekken in het Zuid-Limburgse heuvellandschap (bergen zien er echt anders uit!). De meesten van u zullen er nooit van hebben gehoord. En wie heeft er wel eens gehoord van het Spiegeldikkopje? Dat is toevallig een soort die niét in Zuid-Limburg voorkomt (misschien af en toe), maar wel in de streek ten zuidoosten van Eindhoven. Het gebied schurkt tegen het Kempens Plateau in België aan, een gebied waar je nog meer vlinders kunt aantreffen. Inmiddels kijk ik uit naar soorten als de Kolibrievlinder, Oranje Luzernevlinder, Rouwmantel. Dat zijn trekvlinders die incidenteel in Nederland zijn te zien. En kent u wel de Pasja? Dat is de grootste dagvlinder van Europa. Die komt voor rondom de Middellandse Zee waar hij vrij strikt gebonden is aan de Aardbeiboom, de waardplant. Voordat deze zich hier laten zien, de vlinder en de waardplant, moet er klimatologisch nog heel veel veranderen, maar het lijkt er steeds meer op, vooral nu, dat we behoorlijk op weg zijn.