Van harte gegund

Er zullen maar weinig mensen zijn die het best wel grappig vinden dat hun sierplanten door rupsen worden opgegeten. Maar ja, als natuurbeschermer moet je af en toe over je hart strijken en rupsen hun gang laten gaan. Goed voor de instandhouding  van de soort en zeker nu het er zo beroerd met de vlinderstand voorstaat. Nou betreft het hier wel de rupsen van het Groot koolwitje die zich hier tegoed hebben gedaan aan mijn Oost-Indische kers en dat is bepaald geen zeldzame soort.

Dat ik een paar potten met Oost-Indische kers opoffer vind ik dus niet erg. Ik heb er meer van waar de vlinders geen eitjes op hebben afgezet. Hoe ze kunnen huishouden kunt u op de foto zien met rechts een plant die gespaard is gebleven en links… nou ja, u ziet het. Daar hebben ze weinig van heel gelaten. Overigens loopt deze plant alweer opnieuw uit en dus is het straks gewoon weer een rijkbloeiende plant. Of hij wordt wederom door koolwitjes ontdekt. Dat kan ook heel goed, want het Groot koolwitje kun je tot eind oktober zien. Dat geldt tevens voor het zeer algemeen voorkomende Klein koolwitje, die wel in vier generaties kan vliegen, maar gek genoeg trof ik daarvan geen rupsen. Ook niet op de twee kolen die ik in de tuin heb staan, een groene en een rode. Koolwitjes zijn er niet voor niets naar vernoemd, de rupsen zijn er namelijk verzot op. Nou gun ik ze best een smakelijk hapje, maar dit was niet de bedoeling en dus heb ik ze overgezet naar de Oost-Indische kers waar ze verder hun tanden in mochten zetten.

Die koolplanten waren overgebleven van het Scholenproject dat IVN Roden jaarlijks organiseert om de jeugd wat in natuur te onderrichten. Iemand was zo goed geweest voor alle kinderen plantjes in potjes te zetten waarmee ze thuis verder aan de slag konden gaan. Er waren tomaten, komkommers, paprika’s, pepers, courgettes, kool enz. Het waren zoveel planten dat er wat van overschoot, waarover anderen en ik zich ontfermden. Ik pluk er nu letterlijk de vruchten van, want elke week zijn er een paar komkommers, veel pepers en paprika’s. Tomaten zijn er volop, echter dat er een blosje op komt duurt tamelijk lang. En dan die kolen. Dat duurt nog een hele tijd voordat die volgroeid zijn, als dat al gebeurt. Het is meer voor de lol dan ze echt te kweken, maar nu ik er mee bezig ben wil ik ze wel oogsten en dan moet ik in dat proces niet worden gedwarsboomd door die rupsen. Dat zijn echt vreetmachines zoals die tekeer kunnen gaan. Dat ze zo massaal van mijn Oost-Indische kers vraten bracht me trouwens wel op een idee. Ik heb er zoveel zaad van dat ik volgend jaar heel veel kinderen, die in het kader van het Scholenproject op het Volkstuincomplex van de Vrije Tijd Tuinders in Roden langskomen, een plantje cadeau kan doen. Het is dan de vraag of de kinderen het wel leuk vinden als erbij wordt verteld dat het de bedoeling is dat de planten als voer dienen voor rupsen.

Usutuvirus

Naar aanleiding van de column van vorige week over dode en zieke Merels als gevolg van het Usutuvirus waren er veel reacties. Onder andere uit Leek, Haulerwijk, Peize, Donderen, Norg en Nietap. Meestal ging het over gevonden dode Merels die al waren begraven en er waren berichten over vreemd gedrag. Een meneer uit Peize meldde dat hij kippen had die het loodje hadden gelegd met hetzelfde beschreven afwijkende gedrag. Maar dat is toch iets anders geweest dan die merelziekte. Kippen (en hanen) vertelde oud-dierenarts Eli Dijk me kunnen verschillende ziektes oplopen waarbij ze neurologische afwijkingen vertonen. Vanwege de kosten wordt dat dan niet onderzocht. De aanschaf van nieuwe kippen staat niet in verhouding met de kosten van zo’n onderzoek. Wel serieus was de melding van een dode (verse) Merel uit Nietap. Deze was afkomstig van Klaas Vellinga en hij heeft hem gemeld bij de website: www.dwhc.nl waarna een koerier de vogel heeft opgehaald. Zelf verzenden mag niet. Nu is het wachten op de uitslag. Meldingen van dode Merels blijven welkom.