‘We noemen het liever een park, vol bomen en bloeiende planten’

Begraafplaats Nieuw-Roden als idyllische ontmoetingsplek

Maandagochtend 11:00, een drukte van belang op de begraafplaats van Nieuw-Roden. Een club mannen is in de weer met vegers, bladharken, kruiwagens en een vork. Het is vaste prik op maandagmorgen. Al acht jaar lang, vertelt Nei Roner Rits Aalders, die ooit het ooit met de gemeente op een akkoordje gooide om de boel zelf te onderhouden. Klachten over het onderhoudsniveau van de idyllische begraafplaats was de aanleiding om het voortaan zelf te doen. De dorpelingen hebben een park voor ogen, een plek waar mensen tot rust kunnen komen, een plek waar ze kunnen genieten in een prachtige omgeving vol bloeiende planten en hoge bomen. Voor de mannen zelf is het vooral een fijne traditie.

Het klinkt wat vreemd misschien, een wandelingetje begraafplaats om je hoofd even leeg te maken van allerlei beslommeringen. Want een begraafplaats is onlosmakelijk verbonden met de dood. Als je er niet hoeft te zijn, is het niet iets waar je voor je lol naar toe gaat, zullen waarschijnlijk veel mensen denken. Maar zo voelt het allerminst, op de verscholen plek achter het hertenkamp, omringd door hoge bomen. Slenteren langs de kronkelende schelpenpaden doen je voor even ontsnappen aan de waan van de dag. Bankjes om de schitterende omgeving in alle rust in je op te nemen in overvloed. “We hebben een vaste club trouwe vrijwilligers”, vertelt Rits Aalders terwijl hij met een hooivork de wortels van Canna planten uit de grond peutert. Een tropische plant, leert Rits. “Prachtige planten, worden wel 2 meter hoog. Ze bloeien hier in verschillende kleuren. De wortels halen we eruit, die leggen we te drogen in de boerderij van mijn dochter. Ook alle Dahliabollen halen we uit de grond. We hebben veel geïnvesteerd in bloemen. Er zitten hier wel voor zo’n vierduizend euro aan bloembollen in de grond, bekostigd uit de kas van Dorpsbelangen.” En daar komt nog veel meer bij, als het aan de vrijwilligers ligt.

Dorpsbelangen-voorzitter Piet Luursema schuift ook aan op het bankje in de hoek rechts voorin op de begraafplaats. Hij is geen onderdeel van de vaste maandagochtendclub, maar is verantwoordelijk voor het onderhoud van de erebergen. Die moeten onkruidvrij blijven, zegt hij. Piet vindt het een mooi gezicht, het park. Ook al draait het onderhoud van het fraaie park volledig op vrijwilligers, het contact met de gemeente is goed, benadrukt Rits. “Het is een echte win-win situatie. Het financiële plaatje is mooi. Wij ontvangen de helft van het geld dat de gemeente kwijt was voor het onderhoud. De andere helft is voor de gemeente. Wel heeft de gemeente een toezichthouder aangesteld, die de boel in de gaten houdt. Dat werkt perfect.”

Ontmoetingsplek

Rits vindt het mooi, dat het park steeds meer een ontmoetingsfunctie krijgt. “Van het vrijersbankje wordt regelmatig gebruik gemaakt.” Te midden van het park ligt een grote ronde cirkel. Rondom allemaal houten banken. Het rechte pad door het midden scheidt de cirkel in twee helften. Het is net nieuw aangelegd. “Een plek om in de openlucht afscheid te nemen van de overledene. In het midden is ruimte voor de kist, de bankjes eromheen zijn gemaakt door de jongens van de kinderboerderij. Mooi hè? Daar hebben we al zóveel complimenten over gekregen.” Aan de toegangspoort van het park prijkt een levensgroot monument. Ook nieuw. Een letter N, lijkt het. “Dankzij dorpsgenoot Roelie Pater”, verklaart Rits het bijzondere monument van cortenstaal. “Hij was 25 jaar werkzaam voor de Woonborg. Die wilden hem een receptie aanbieden. Daar bedankte Roelie voor. ‘Geef het geld maar aan de jongens van het kerkhof’, zei hij tegen zijn werkgever. Nou, toen hadden we het geld. We besloten dat een kunstwerk wel mooi zou zijn. Wat het voorstelt? Wat iemand er zelf in ziet. De N van Nei Roon kan, van Noordenveld, Neanderthaler of Natuurbegraafplaats, want in de natuur begraven kan hier straks ook. Wanneer? Ik hoop aan het einde van het jaar, begin volgend jaar. Dat is ons beloofd.” Een ding is duidelijk: de ‘jongens van de begraafplaats’ worden op handen gedragen in het dorp. Door ondernemers én particulieren. Elk jaar kunnen de mannen rekenen op een goed gevuld kerstpakket en andere spontane giften.

Rits sommeert alle vrijwilligers om bij het monument te komen. Voor de foto. De bladhark mag mee. De kruiwagen ook. Nei Roners Klaas Boverhof, Gauke Bruinsma, Albert Bouwes, Jan Bijnagte, Ali Kuiper, Folke Hendriks en Klaas Kuiper luisteren gewillig. “Rits houdt ons aan het werk”, roept de club in koor. Al 8 jaar lang. Om 9 uur de aftrap, om 10 uur koffie bij Nieske, de echtgenote van Rits. De mannen vinden het mooi. Die maandagmorgen is heilig voor ze. Helemaal niemand die daar aankomt. Want behalve een prachtig park levert het ook gezelligheid op.