‘Wie reist kan veel verhalen, Opa De kapitein vertelt’

Scheepsverhalen gebundeld

Opa Eikema uit Norg heeft  de ruim 90 jarige leeftijdsgrens al enige tijd overschreden. Samen met zijn kinderen en kleinkinderen  heeft hij zijn verhalen uit zijn zeevaart periode gebundeld in een tweetal boekwerkjes. Het zijn anekdotes, smeuïge verhaaltjes en indrukken wat onderweg op zee en in havens gebeurde. En alle verhalen geven een passend tijdsbeeld van een periode van zeevaart in de vorige eeuw. In Kleintje Cultuur hierbij een hoofdstuk uit zijn tweede bundel ‘Opa De Kapitein vertelt verder’. 

Verhaal 48. Hereford Express. El Tambo

In  januari 1977 kwam ik aan boord van de Hereford Express. Dit schip was aangekocht van de Duitse rederij Clausen. Het schip lag bij de werf te Terneuzen wegens schade aan de voorsteven in verband met een aanvaring met een Russisch spionageschip in de Straat van Gibralta. De Rus voer hier heel langzaam en de stuurman had dat niet in de gaten en dientengevolge ramde hij het achterschip van de Rus midden in de nacht. Dus ik kwam even voor een tijdje terug in de veevaart.

We kwamen op een vrijdag aan te Dublin en zouden de week daarop vee laden voor Liverpool. Mijn accommodatie lag achter het stuurhuis en de volgende ochtend zag ik al enkele wagens met hooi bij het schip. Ik voelde wat onraad. Vlug naar wal en inderdaad, het hooi was bestemd voor ons. Wat had zich afgespeeld? Een Italiaanse veeboot , de El Tambo, had brand gehad in de machinekamer en het schip was beladen met meer dan 500 koeien en lag ten anker in Fishguard Bay. Wij zouden de koeien overnemen en stro laden en daarmee naar Libië varen. Vroeg in de zondagochtend arriveerden we bij de El Tambo. Het schip lag daar ten anker met enige slagzij. Het vee stond in het donker zonder ventilatie en vanzelfsprekend zonder water. Toen wij langszij lagen kwamen algauw de officials, zoals veeartsen. Wij brachten enig licht in de ruimen. Er werd al gauw besloten dat het vee van boord moest. Met veel improvisatie gingen de eerste koeien van boord. Intussen was ook de Normand Express bij ons langszij gekomen. Deze moest ook een gedeelte van de lading overnemen. Een gedeelte van hooi en stro werd door ons overgebracht op de Normand. Alle koeien kwamen aan boord. Vanuit Londen kwam nog de minister van agriculture en na lang beraad gaf de minister toestemming om te vertrekken, na twaalf uur rust te geven aan de koeien. De minister informeerde nog naar de kwaliteiten van de bemanning. De veeartsen verklaarden dat het stuk voor stuk echte cowboys waren. Dat was de klap op de vuurpijl. Na nog een nacht voor anker te hebben gelegen vertrokken we naar Tripoli in Libië. Alle koeien overleefden de reis.