‘We hebben mijn vader op de trein gezet, dat ik hem nooit weer zou zien besefte ik niet’

Rodenaar Frans Schreuder ontvangt 76 jaar na de dood van zijn vader een mobilisatie kruisje


RODEN – Een oorlogskruisje is de aanleiding voor een interview met Frans Schreuder uit Roden. Schreuder meldde zich op de redactie van de Krant. Hij had een bijzonder verhaal te vertellen, luidde de mededeling. Schreuders vader Albert Jozeph Franciscus Schreuder stierf als KNIL-soldaat op  19 januari 1942 op 32-jarige leeftijd op het Indonesische eiland Tarakan tijdens de ‘Vergeten Oorlog’. 76 jaar na zijn dood ontving de familie een mobilisatiekruisje van defensie. Een eerbetoon, vindt Frans die opgroeide in Bandung. Samen met zijn moeder Aletta, oma en zusje zette hij zijn vader op de trein en zag hem nooit meer terug.

Frans Schreuder (80) herinnert het zich nog goed. “Ik was een klein hummeltje. We woonden in Bandung. Mijn vader werd opgeroepen om te vechten in Tarakan. We hebben hem in Bandung op de trein gezet naar Batavia. Vanuit daar zou hij naar Tarakan vertrekken. Mijn oma had mijn zusje Truus op haar armen. Mijn andere zusje Lies moest nog geboren worden. Dat ik hem nooit weer zou zien besefte ik niet.” Schreuder maakte de oorlog van dichtbij mee. Het interneringskamp in Bandung lag vlak bij het huis waar hij met zijn familie woonde. “Ik heb de beschietingen meegemaakt, zat op het dak van ons huis om te kijken naar de gevechten. Ook de capitulatie in 1945 heb ik zien gebeuren. Ik zag de mannen uit het interneringskamp lopen. Mijn moeder ging via allerlei instanties op zoek naar mijn vader. Misschien dat hij ook vrijgekomen was, dacht ze. Tevergeefs. Totdat ze op een dag een brief kreeg. Mijn moeder maakte hem open en schoot vol. Ik wist genoeg.”

Tarakan is een eiland aan de noordoostkust van Borneo, wat nu Kalimantan heet. Voor 1941 was het een belangrijk gebied voor de Nederlandse oliewinning. De oliehaven van Indonesië. Japan wilde het gebied dat in handen was van de Bataafse Petroleum Maatschappij veroveren. Japanners landden op 11 januari 1942 met grote overmacht op het eiland.  Na een ongelijke en hard strijd moest de Nederlandse troepenmacht capituleren. De KNIL-strijders kwamen op gruwelijke wijze om het leven. Daarover doen twee verschillende lezingen de ronde, weet Frans. “Het verhaal gaat dat ze twee aan twee werden vastgebonden, met een bajonet gespietst zijn en op een boot zijn gezet die vervolgens tot zinken werd gebracht. Een ander verhaal vertelt dat ze geëxecuteerd zijn.”

Toen zeker was dat Frans’ vader de oorlog niet had overleefd, zocht zijn moeder contact met haar broer Wim die op Celebus (Sulawesi) woonde. “Mijn oom zei: ‘kom hier maar heen, ik heb een groot huis.’ Dat hebben we gedaan. In Bandung hadden we niets meer.’ Een goed besluit, zou later blijken. Frans’ moeder overleed na een operatie in het ziekenhuis. Haar broer adopteerde haar drie kinderen Frans, Truus en Lies.  Het was ergens in 1950 toen Frans’ oom met buitengewoon verlof naar Nederland vertrok. “Samen met hun acht kinderen en wij. Oma bleef achter. ‘Jullie  komen toch wel terug zei ze, ik ga niet mee.’ We kwamen terecht in Zuidlaren. Daar hadden ze een groot huis voor ons.’ Toen we later terugkeerden waren de politionele acties aan de gang. We hielden familieberaad: wat doen we? We gingen terug. Dit keer belandden we in Holwerd, daar was een huis gevonden waar we met z’n allen in konden.” 

Over vader Albert Jozeph Franciscus (Jos) Schreuder werd niet veel gesproken binnen de familie. “Dat kenmerkt ook wel een beetje onze cultuur. Daar sprak je niet over. Het was een zwarte bladzijde in onze familie.” Anders werd dat toen op 19 januari 2012 Monument Tarakan opgericht werd. Op het Ereveld in Loenen werden de gesneuvelde soldaten van Tarakan alsnog geëerd. Het monument kwam er kwam er dankzij zangeres Wieteke van Dort. Zij raakte per toeval in gesprek met iemand die haar vertelde welke vreselijke dingen zich daar hebben afgespeeld. Wieteke schreef er een artikel over en toen is het balletje gaan rollen. Op 19 februari 2011 is commissie Monument Tarakan  opgericht en een jaar later was het monument een feit. “Het bijzondere was dat we daar bekenden tegen kwamen. Ook een goede kennis. Ik heb jarenlang met hem gebadmintond. Hij  heeft nooit ergens over gesproken.”

Frans kan uren vertellen. Boeiende verhalen. Over dat hij na zijn diensttijd ging varen bijvoorbeeld. Als kok op De Oranje voer hij de hele wereld over. Vanuit Amsterdam naar South Hampton, New York, Miami, Fort Lauderdale, het Panamakanaal naar Nieuw Zeeland en Australië, Tasmanië en Singapore. Via de Rode Zee en het Suezkanaal weer terug. Het schip vervoerde emigranten naar Australië en Nieuw-Zeeland. “Uitzonderlijk voor een Schreuder. In het leger prima. Maar varen? Dat doet een Schreuder niet. Ik was een uitzondering in de familie.” Frans bladert door de oude fotoboeken. Hij herinnert zich nog veel van zijn kindertijd in Bandung. Hij is nooit terug geweest naar Bandung. Zijn dochter Foekje wel. “Voor ze ging maakte ik een tekening. Een plattegrond van het dorp. Alles bleek te kloppen. Dankzij Foekje hebben we nu het mobilisatiekruisje. Zij heeft de documenten aangevraagd en opgestuurd. Een mooi eerbetoon. We bewaren het bij zijn uniform.”