Als Pasen en Pinksteren op één dag vallen

Onlangs reed ik door de landerijen naar huis. Een groot licht veld tussen de boomwallen trok mijn aandacht. Ik parkeerde de auto en liep het stoffige zandpad af richting het veld. Het bleek een weiland vol pinksterbloemen te zijn. Het pinksterbloementapijt danste van de insecten waaronder veel vlinders. Zo vaak zie ik niet zoveel pinksterbloemen in een weiland. Ik ben terug naar de auto gegaan om mijn camera te pakken.

De Pinksterbloem (Cadámine praténsis) is een inheemse plant en komt in heel Nederland voor. Je vindt ze vooral op vochtige tot natte graslanden en moerassen. Pinksterbloemen bloeien in het voorjaar met prachtige ‘beaderde’ licht-lila tot roze of paarse bloemen. Ze behoren tot de Kruisbloemenfamilie (Cruciferae of Brassicaceae) waartoe bijvoorbeeld ook koolzaad en look-zonder-look behoren. Als je mijn achternaam kent begrijp je dat ik wel iets met die planten heb.

Pinksterbloemen? Hoezo, Pasen is net voorbij en Pinksteren ligt nog enkele weken voor ons. Waar komt die naam vandaan? Hierover zijn de meningen verdeeld. Het zou kunnen zijn dat de plant eeuwen geleden bloeide tijdens Pinksteren. Dat was in de tijd dat de winters nog koud waren en het voorjaar later op gang kwam. Door het verschuiven van de temperatuurgrens wordt het tegenwoordig eerder warm. Daarom bloeien de pinksterbloemen nu eerder met eind april als bloei hoogtepunt. Maar erg aannemelijk is deze verklaring niet. Een andere verklaring is dat de planten veel voorkomen op vochtige weilanden. Weilanden waar de boer zijn pinken, de eenjarige runderen, liet lopen. Pinken en Pinksterbloemen, zou kunnen. Laten we het er maar op houden dat het voorjaarsbloemen zijn die voor Pinksteren bloeien om Pinksteren aan te kondigen. 

In Duitsland heet de Pinksterbloem ‘Wiesen-Schaumkraut’, vrij vertaald ‘weide-schuimkruid’. Dat is een logischer naam omdat we regelmatig schuim in de bladoksels van Pinksterbloemen vinden. Dit schuim wordt gemaakt door het zogenaamde ‘schuimbeestje’, de larve van een cicade. De schuimbeestjes verschijnen rond mei. Schuimbeestjes maken het schuim door lucht uit te ademen in vocht dat ze uit de planten halen. Dit schuim beschermt de larve tegen uitdroging en tegen mogelijke vijanden.

Pinksterbloemen kun je eten. Het staat in sommige gerenommeerde restaurants zelfs op het menu. Je kunt in april/mei de verse bloemen oogsten, het liefst vlak voordat je ze gaat gebruiken omdat de bloemblaadjes snel verwelken. Ze hebben een pittige smaak en doen het goed in sausen, kruidenboter, salade en soepen. Hoe smakelijk klinkt pinksterbloemensaus op gepocheerde vis? aardappel-haring- pinksterbloemsalade? Of lilabloemenboter met geitenkaas op brood? De recepten vind je op het internet. 

Naast mensen zijn er ook voorjaarsvlindertjes die van pinksterbloemen houden. Het Oranjetipje. Je ziet ze vanaf maart tot halverwege mei als de pinksterbloemen bloeien. Net als ik hebben Oranjetipjes iets met Kruisbloemigen (Bassicaceae). Ze leggen de eitjes op deze planten (waardplanten genoemd) waarbij de pinksterbloem en look-zonder-look favoriet zijn. Uit de oranje eitjes komen de rupsen die zich tot eind mei tegoed doen aan de planten. Daarna zoeken ze een plek om te verpoppen en te overwinteren.

‘Als Pasen en Pinksteren op één dag vallen’ is een uitdrukking die wordt gebruikt als men zeker weet dat iets niet gaat gebeuren. Maar de kans dat Pinksterbloemen met Pasen bloeien komt wel steeds dichterbij. Dat wordt wellicht een nieuwe uitdrukking voor mensen die in kansen denken.

Andre Brasse – Puur Natuur nr. 70 – mei 2022.