Badmeester Hendrikus Been – Blik in de bajes

Iedereen kent de penitentiaire inrichtingen in Veenhuizen van de buitenkant. Maar niet veel mensen weten hoe het er van binnen aan toe gaat. Hoe het is om er te zitten, of om er te werken. Tijd om eens een kijkje in de gevangenis te nemen in de reeks Blik in de bajes.

Badmeester Hendrikus Been

‘Ik zeg altijd: welkom in de mooiste gevangenis van Nederland!’

VEENHUIZEN – Als je denkt aan een badmeester denk je al snel aan de badmeester bij het zwembad. Korte broek, fluitje om de nek. In de penitentiaire inrichting is ook een badmeester. Sterker nog, in PI Esserheem zijn er wel drie. Twee mannen en één vrouw. Ze hebben geen fluitje om de nek; BAD staat hier voor Binnenkomst Afdeling Delinquenten.

Hendrikus Been werkt al 38 jaar in het gevangeniswezen. Hij geeft graag een rondleiding en legt ondertussen uit wat zijn werk inhoudt. ‘Hier is de remise, hier komen de  gedetineerden binnen met een busje.’ De remise is een grote garage, met deuren die afgesloten kunnen worden. ‘De bus rijdt helemaal naar binnen, vervolgens gaat meteen de deur op slot. Dan pas kan de gedetineerde uitstappen. Dan zeg ik: welkom in de mooiste gevangenis van Nederland.’
Hendrikus benadrukt hoe belangrijk het eerste contact is. ‘Ik vind dat je de mensen vriendelijk moet benaderen. Sommige jongens zijn bang, of overstuur. Dan gaan we even zitten en nemen we een kop koffie, een sigaretje en dan kletsen we wat.’
Om te kijken of de juiste persoon binnenkomt, is er de biometriecheck. ‘Ons systeem is aangesloten op het landelijke systeem. De vingerafdrukken worden tijdens de arrestatie al ingevoerd, en die worden gecheckt. Het is dus niet meer zo als vroeger, dat je broer de straf voor jou op zich kon nemen. Ook maken we een nieuwe foto. Deze foto’s zijn ook geschikt om te gebruiken in een paspoort of op een id kaart. Mocht er een ontsnapping zijn, dan wordt altijd de laatste foto gebruikt.’
Naast de gedetineerde zelf, die wordt gefouilleerd en gevisiteerd om te kijken of er geen verboden waren naar binnen worden gemokkeld, worden ook alle spullen die iemand bij zich heeft gecontroleerd. ‘Alles wat niet naar binnen mag wordt bewaard. Daarbij moet je denken aan dingen als mobiels, camouflagekleding, huissleutels. Ook een teveel aan kleding wordt opgeslagen, gedetineerden mogen namelijk maar een beperkt aantal kledingstukken mee om ervoor te zorgen dat de cel veilig en overzichtelijk blijft.’
In een ruimte staan blauwe afsluitbare bakken in verschillende maten. Ook staat er een röntgenapparaat. ‘In deze bakken bewaren we de spullen tot ze weer vrijkomen. En natuurlijk gaat alles eerst door de röntgen. Alles wordt gecontroleerd, ook de kleren die ze aan hebben. En we vinden regelmatig wat. Een telefoon in een schoen verstopt, een koekenpan met een dubbele bodem waar een telefoon in zat. Je krijgt ook een neus voor zulke dingen. Ooit kregen we een tray schoonmaakazijn. Alles klopte, de pakbon, het bedrijf waar het vandaan kwam. Het enige wat raar was, was het tijdstip waarop de tray binnenkwam. Ons voorgevoel was juist, in elke fles zat een mobieltje verstopt.’

Aangifte
Ongestraft contrabande naar binnen brengen zit er niet in. ‘Je krijgt een aantekening in je dossier en de directie komt bij je langs. Dan volgen er sancties, afhankelijk van het voorwerp. Het kan zijn dat je bijvoorbeeld vier dagen je cel niet uit mag. Maar als we het over iets als heroïne hebben, dan wordt er aangifte gedaan, dat wordt zwaar opgenomen. En het kan zelfs zijn dat bezoekers iets naar binnen proberen te smokkelen. Ook dan wordt er een sanctie opgelegd, bijvoorbeeld een tijdelijk bezoekverbod.’
Gedetineerden kunnen pakketten van buiten opgestuurd krijgen. ‘Ze hebben spullen nodig, zoals kleding. Natuurlijk volgt er een controle op eventueel meegesmokkelde spullen, maar ook kijken we naar de waarde van de spullen die worden opgestuurd. Je mag bijvoorbeeld geen jas hebben die meer dan 400 euro kost. Er komen hier wel jassen van 1500 euro binnen. Dat kan niet. Dat kan als handelswaar gebruikt worden. Dat geldt ook voor dure horloges. Hoe we de prijzen weten? We herkennen de dure merken inmiddels wel. En bij horloges kun je vaak aan het gewicht wel voelen of het duur is of niet.’

Badmeester is een oude benaming. Vroeger waren er badhuizen in de gevangenis, dan werden de mensen verplicht gedoucht. ‘Dat was soms ook wel nodig. Tegenwoordig komt dat niet veel meer voor. En dat verplicht douchen mag niet meer, in verband met privacy.’

Dat Hendrikus van zijn werk houdt is wel duidelijk. ‘Ik werk graag met mijn collega’s en vind het fijn een goede band met de gedetineerden op te bouwen. Je bent het eerste gezicht dat ze hier zien, en het laatste als ze de deur weer uitgaan. Tijden veranderen wel. Gedetineerden zijn mondiger geworden, maar ook agressiever. Ik denk dat dat met opvoeding te maken heeft. Vroeger was er meer respect voor de politie. Ook komen ze jonger binnen, nu soms al als ze 20 zijn.

Het werk is in de loop der jaren wel wat veranderd. Er is een stuk meer administratie bijgekomen. Aan de andere kant zijn er ook taken verdeeld, zo controleerden we vroeger ook de cellen, dat is nu een taak van de PIW-ers, de penitentiair inrichtingswerkers. Maar het is nog steeds een fijne afdeling om te werken.’