‘Behagen en behaagd worden’

LEEK – Het regende afgelopen vrijdagmorgen zonnestralen in de gemeente Leek. Een regen van lintjes daalde neer op de dorpen. Nog nooit is het in Leek voorgekomen dat zoveel personen tegelijk de Koninklijke versierselen kregen opgespeld en ook nog eens binnen zo’n korte tijd. Daarnaast ook nog de twee onderscheidingen in de orde van Oranje Nassau die een dikke week geleden werden uitgereikt aan Simon Riepma en Frans Traa uit Lettelbert. Samen elf mensen in de gemeente Leek. Want er zijn gelukkig ook in Leek veel mensen die zich belangeloos en vaak in alle bescheidenheid inzetten op allerlei terreinen. Vaak gebeurt dit al jaren. Voor burgemeester Hoekstra was de morgen van 25 april één van rennen,vliegen en draven tussen Leek, Enumatil, Oostwold en Zevenhuizen. Maar tussen alle vliegbewegingen door was er wel steeds een kort maar officieel rustpunt, waarbij Berend als Koninklijke heraut een feestelijke boodschap van de Koning mocht overbrengen. Zijn strak schema was als volgt: Om 8.35 uur de heer J.G.JJ. Veenstra (Jelle) uit Leek. Vlak daarna om 9 uur de heer en mevrouw Steenbergen uit Enumatil. Drie kwartier later om 9.45 uur de heer D. Feenstra uit Oostwold. Om 10.00 uur de heer S. Helmholt (Stoffer) ook uit Oostwold. Een kwartiertje daarna 10.15 uur de heer J.K. Veldsema uit Leek. Om 10.45 uur ook in Leek mevrouw G.M. van Faassen-Beijer. Daarna om 11.15 uur mevrouw J. Snier uit Zevenhuizen en als laatste om 11.45 uur de heer H. Smit, bij de meeste Leeksters bekent als melkboer Henk Smit uit Leek. Voor acht van hen betekende dit dat ze lid werden in de Orde van Oranje-Nassau. Stoffer Helmholt werd onderscheiden tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau. Het bericht wat burgemeester Hoekstra mocht overbrengen begon steeds met dezelfde woorden ‘Het heeft Zijne Majesteit de Koning behaagd om’ Daarna volgde de naam en werd de reden van het behagen opgelezen. Na deze ceremonie kon er worden gefeliciteerd , gehuild en gekust dat het een lieve lust was. Van tevoren ingelichte fotografen van diverse kranten maakten hun kiekjes voor krant en nageslacht. Zelf werd ik twaalf jaar geleden op vrijdag 26 april met een lintje verrast. Onder valse voorwendselen werd ik naar het gemeentehuis in Leek gelokt en daar trof ik tot grote verrassing mijn vrouw, kinderen, familie en vrienden aan in de raadszaal. Een half uur daarvoor had ik met het hele gezin nog gegeten,waarna ze net als anders richting verschillende scholen vertrokken. Dacht ik. Maar zonder dat ik het door had werd niet de reis naar school aanvaard, maar vertrokken ze heel stiekem naar het gemeentehuis in Leek, waar ik een half uur later moest zijn voor een gesprek. Wat mij die morgen thuis wel ietsjes vreemd voor kwam was dat mijn echtgenote er zo op aandrong dat ik mijn allernieuwste spijkerbroek en ook de iets minder mooie spijkerjas moest aantrekken. Later vertelde de toen nog burgemeester van de gemeente Leek Siepie de Jong aan mij dat dit de enige keer in haar lange burgemeesters carrière was dat ze een onderscheiding op een spijkerjasje had bevestigd. Maar ja, één keer moet toch de eerste keer zijn. Mijn vader, die helaas door ziekte niet bij de uitreiking aanwezig kon zijn, overleed een paar dagen later op 4 mei. Ongetwijfeld begrijpt u wie ik tijdens de dodenherdenking ook herdenk. Gelukkig heb ik mijn vader nog kunnen vertellen wat er was gebeurd en kon hij de foto’s en het blauwe kistje met inhoud, wat iedereen bij de onderscheiding krijgt overhandigd, bekijken. Tijdens zijn begrafenis droeg ik het lintje (miniatuurversiersel) voor het eerst. Over een paar dagen is het weer 4 mei. Herdenken en gelukkig een dag daarna de bevrijding vieren. ‘Ik groet u’. ‘Moi’.