Bouwen en koffiedrinken gaan hand in hand: ‘Ik slaap al drie weken niet’

College maakt rondgang langs wagenbouwers

RODEN – Net als ieder jaar gingen leden van het college van burgemeester en wethouders in Noordenveld langs de wagenbouwers van de Rodermarktparade. Niet alleen kregen zij hierdoor een goed beeld van de verschillende bouwgroepen, ook konden ze de bouwers een hart onder de riem steken of – in sommige gevallen – van adviezen voorzien. De Krant volgde de rondgang langs de wagenbouwers.

Verzamelen begint standaard bij het Wapen van Drenthe. Een groot deel van de Volksvermakers is om kwart over zeven al aanwezig, als ook wethouders Jeroen Westendorp, Kirsten Ipema en Alex Wekema aan komen fietsen. Jan Herman Kunst vertelt ondertussen dat er veertig verschillende soorten dahlia’s zijn waaruit Volksvermaken kon kiezen. Daarvan zijn er twintig uitgezocht waaruit de verschillende bouwgroepen mogen kiezen.

Bepakt met drinken en een goed humeur, vertrekt het gezelschap in twee groepen. De ene groep maakt een rondje langs onder andere Nieuw-Roden, terwijl de andere groep begint bij de Henk Halsema Hal. Onder hen wethouders Ipema en Wekema, die in de auto bij Albertus Lieffering zijn gekropen.

In de Henk Halsema Hal zijn vier bouwgroepen aanwezig. Cre-Active, Goed Excuus, de Hoeksteen en GO! zitten hier. Voor Bert-Jan Mol van CBS de Hoeksteen is het zijn eerste jaar als bouwer. Hij is tevreden over de geboekte vorderingen. ‘Ik had niet verwacht dat we zover zouden zijn’, zegt hij. Op de wagen van De Hoeksteen is al duidelijk een boom te zien. Deze is voorzien van schors, waardoor het er echt uitziet. ‘Er is vrij veel animo voor het bouwen. We zijn twee avonden per week bezig. Het voordeel is dat er een paar handige mannen bij zijn. Dat geluk moet je net hebben. Vele handen maken licht werk.’ Nathalie is namens De Hoeksteen verantwoordelijk voor de bloemen en plaatst haar bestelling bij Volksvermaker Egbert de Rink.

Pal naast De Hoeksteen, bouwt de ploeg van GO!. Zij zijn bezig met het Paard van Troje, maar momenteel zijn er maar twee bouwers aanwezig. Een kleine tegenvaller. ‘We lopen achter op schema’, vertelt Remco IJtsma eerlijk. De reden hiervoor is duidelijk. ‘We begonnen heel enthousiast met 23 man, maar daarvan zijn nu nog zo’n tien over. Het is toch lastiger dan je denkt.’ Of de wagen af gaat komen, is nog maar de vraag. ‘Of ik het nog zie zitten? Jawel…’, klinkt het weifelend.

De Henk Halsema Hal, vernoemd naar de in 2016 overleden Volksvermaker, telt dit jaar vier bouwgroepen. Vorig jaar waren dat er zes. ‘Dat was toch wel erg druk’, ziet Albertus Lieffering achteraf ook in. ‘Daarom hebben we dit jaar voor vier gekozen.’ Hierbij moet worden opgemerkt dat er twee bouwgroepen minder zijn dan vorig jaar. Veertien in plaats van zestien. ‘Jammer’, stelt Volksvermaken-voorzitter Lammert Kalfsbeek. ‘Maar wellicht dat we volgend jaar ook een bouwgroep uit Norg mogen verwelkomen…’

Op naar Lieveren alwaar, op het terrein van Albert Noord, OBS de Marke aan het bouwen is. Wethouder Wekema wordt spontaan enthousiast als hij op de wagen veel gelijkenissen met Landgoed Mensinge ziet. ‘Daar gaat m’n hart sneller van kloppen!’. De dames van OBS de Marke durven niet te zeggen of ze op schema liggen. ‘Ik denk het. Het komt vast wel goed.’

Op dan naar de Altena Hoeve. Daar is niet bouwgroep Altena bezig, maar juist de Hopbouwers. Althans, bezig… Het is net koffietijd. En dat komt goed uit, want het college en de Volksvermakers lusten wel een bakkie. Ondertussen meldt Jantina zich bij Egbert voor de dahlia’s. Zij is immers van de bloemen. Wanneer de koffie op is, volgt er een kijkje in de schuur van de Hopbouwers. Daar blijkt dat ze het zeker niet misselijk aanpakken dit jaar. Er wordt gewerkt aan een gigantische draak, waarvan een groot gedeelte zelfs al in de folie zit. ‘Dit wordt wel een serieuze wagen’, benadrukt Cor Nieboer, die bezig is de kop van de draak te lassen. Het college kijkt geboeid toe. Eén van de Hopbouwers geeft aan dat het werken aan een Rodermarktwagen toch ook vooral een stukje bezigheidstherapie is. ‘Dan ben je weer even het huis uit hè…’. Om over het vele koffiedrinken nog maar te zwijgen. ‘Ik slaap al drie weken niet.’

Nog geen honderd meter verderop treffen we Bouwgroep Altena. Een team vol prijzenpakkers, dat moge duidelijk zijn. Ook dit jaar staat er weer een staalconstructie waar je ‘u’ tegen zegt. Om dit alles van bloemen te voorzien, is liefst 62 vierkante meter nodig. De heren en dames van Altena hebben ter inspiratie een kijkje genomen bij de Bloemencorso in Eelde. ‘Dat zag er weer prachtig uit’, zegt Gezinus Mulder, die terloops laat weten dat men in mei al is begonnen met lassen. Het thema van de bouwgroep is Dracula, waarbij het de bedoeling is om één en ander redelijk spannend aan te kleden. Hiervoor is meer dan alleen staal nodig en dat hebben ze bij Altena goed begrepen. Er is namelijk een team van ‘voorwerkers’ aan de gang. Zeven dames die gezellig samen aan tafel zitten en ondertussen mos aan het uitzoeken zijn. ‘Dat doen we al weken’, lacht één van hen. Op de vraag of ze al toe zijn aan de Rodermarkt, wordt nuchter geantwoord. ‘Nee hoor, want dan is het nog niet af.’

Terwijl alle gasten van een drankje worden voorzien, krijgt wethouder Alex Wekema uitleg van Alex Wekema. U leest het goed. Het blijken neven te zijn. Op de bar in de schuur liggen verlofbriefjes klaar voor de jeugdige bouwers. Gezinus legt ondertussen uit hoe het komt dat Altena ieder jaar hoge ogen gooit. ‘Dat komt onder andere door het materiaal gebruik. We werken vrij innovatief.’ Hij laat een lijst zien van alle materialen die gebruikt worden. Roggebrood, sesamzaad en buxuswortel zijn zomaar drie in het oog springende ‘ingrediënten’. ‘We kijken altijd naar nieuwe materialen. Zo blijft het ook leuk.’

Vooral het lassen heeft bij Altena veel tijd in beslag genomen. Ze begonnen dus al in mei, maar pas nu – begin september – zijn de laswerkzaamheden bijna voorbij. ‘Als we al het staal achter elkaar zouden leggen, zouden we van hier tot aan Roden komen’, schat Gezinus in. ‘Als we aan het lassen waren, deden we dat met drie tot vier personen. Meer kan ook niet trouwens. Anders vliegen de stoppen eruit.’