De invloed van inflatie op ons koopgedrag

Het is een onderwerp dat de laatste tijd steeds meer naar voren komt: Inflatie. Door een stijging van vooral voeding prijzen en energieprijzen kunnen we steeds minder kopen met dezelfde hoeveelheid geld. Onze koopkracht daalt en daalt, terwijl de inflatie stijgt. Maar hoe reageren consumenten als ze minder kunnen kopen met hetzelfde budget? Zijn er daadwerkelijk aanpassingen in het koopgedrag van de consument? 

Effect van de prijsstijging

Wanneer dit soort forse prijsstijgingen voorkomen zullen vooral mensen die minder te besteden hebben hun koopgedrag aanpassen. Zeker omdat iedereen meer moet betalen voor basisbehoeften als douchen of het kopen van een brood. Hierdoor is er minder vraag naar luxegoederen. Dat zie je bijvoorbeeld terug in een prijsdaling van kleding en schoenen. Dat betekent niet dat je daadwerkelijk minder kwijt bent aan deze goederen. Dit komt omdat de reële koopkracht daalt, je kunt over het geheel een stuk minder kopen met hetzelfde budget. 

Inflatie is niet voor iedereen hetzelfde

Hoewel er door het CBS een inflatiepercentage voor het hele land wordt vrijgegeven, betekent dat niet dat dit percentage voor ieder hetzelfde inhoudt. Als je procentueel gezien minder kwijt bent aan bijvoorbeeld energiekosten omdat je een hoog inkomen hebt, dan heeft een stijging van de prijs ook minder effect op je bestedingsruimte. Maar verdien je weinig en gaat een groot deel van je inkomen naar energiekosten, dan zal de gemiddelde inflatie meer effect hebben op je koopkracht. De invloed van de inflatie op onze koopkracht hangt dus af van het inkomen en waar dit aan wordt uitgegeven.

Verschil tussen arm en rijk

Terwijl de een zijn geld in de beste slots steekt, gaat bij de ander de verwarming uit. Natuurlijk reageert iedereen anders op een daling van de koopkracht, maar je ziet dat de meeste meer oog voor waarde krijgen. Voor een doorsnee consument betekent dit een halt op het kopen van luxegoederen. Voor de mensen die maandelijks meer verdienen, en dus ook meer kunnen uitgeven, maakt dit niet zoveel uit. Zij lijden niet zo erg onder deze prijsstijgingen en zullen hun koopgedrag minder gaan aanpassen. Maar omdat dit een relatief kleine groep is zal het koopgedrag van deze groep niet zoveel effect hebben op de inflatie. Het is het geheel dat het inflatiepercentage tot stand brengt.

Wat nu?

Maar waar stopt dit proces? Zitten we nu vast in een eindeloze recessie? Het antwoord is simpel, nee we zitten niet vast in een oneindige recessie. Maar voor dat het beter gaat met de economie zal het consumentenvertrouwen moeten toenemen. Zo kan de inflatie geremd worden en een eventuele economische krimp voorkomen worden. Uiteraard zijn er meerdere zaken die naast het consumentenvertrouwen een belangrijke rol spelen voor de bepaling van het inflatiepercentage. Denk aan: de oorlog tussen Rusland en Oekraïne, maar vergeet ook niet dat we net een corona crisis achter de rug hebben.