De Man met de Hamer – Jeroen Dijk

Bestuurslid van Tennisvereniging SVA

ZEVENHUIZEN – ‘SVA is een omnisportvereniging en is ontstaan in 1973 uit twee gymnastiekverenigingen. Naast tennis hebben we een gymnastiek-, badminton-, en volleybalvereniging.  Dat is veel voor zo’n klein dorp, maar het gaat goed. Het ledenaantal van de tennisvereniging is erg gegroeid. Het klinkt een beetje raar, maar dat komt ook een beetje door corona. De teamsporten mochten niet meer en binnen sporten kon ook niet. Tennis doe je buiten en op grote afstand van elkaar. We hebben maar heel even gehad dat we niet mochten sporten. Dat heeft nieuwe leden opgeleverd. Wat ook helpt, is dat we voor we naar het MFC verhuisden, nauwelijks zichtbaar waren. Voorheen tennisten we achter het voetbalveld. Er waren mensen die niet eens wisten dat er een tennisvereniging in Zevenhuizen was. Voor die tijd was het ledenaantal teruggelopen naar rond de 35, inmiddels hebben we weer zo’n 75 leden.
We zijn een recreatieve vereniging, maar hebben ook regelmatig toernooien. Zo kun je meedoen aan toss-avonden, wat betekent dat je gewoon alleen kunt komen om te tennissen zonder af te spreken.
Naast recreatief kun je ook competities spelen, zoals bondscompetities van de KNLTB, maar we hebben ook een dorpscompetitie. Ook hebben we regelmatig andere activiteiten, zoals verschillende toernooien, maar ook kennismakingsdagen, waar mensen een les kunnen krijgen, of tegen gereduceerd tarief een paar lessen kunnen nemen. Voor scholen organiseren we regelmatig een clinic, dat is dan voor groepen 6, 7 en 8. Daar komt ook nieuwe aanwas vandaan. Tennissen kan al vanaf een jaar of 4, maar ik denk dat 6 jaar een mooie leeftijd is om mee te beginnen. De jeugd onder de 12 betaalt ook geen contributie. Tussen 12 en 17 wordt een jeugdtarief betaald. Ik vind tennis niet perse een dure sport, het is heel betaalbaar.
Al voor de gemeente Westerkwartier bestond, kwamen de tennisverenigingen uit Westerkwartier al vier keer per jaar bij elkaar. We wisselen dan ervaringen uit, doen ideeën bij elkaar op en werken soms samen. Bijvoorbeeld bij een Bosa-subsidieaanvraag. Dat staat voor stimulering bouw en onderhoud van sportaccommodaties. Sommige tennisverenigingen zijn daar net wat te klein voor en door dat samen aan te vragen krijgen ze dat wel voor elkaar. We werken op deze manier goed samen. En we gaan fatsoenlijk met elkaar om. Zo hebben we afgesproken dat we niet in elkaars gebied flyeren. Zo houd je het netjes.’