‘Een beetje trainen en een beetje karakter’

roden drenthe 200 middag avond 1

roden drenthe 200 middag avond 3roden drenthe 200 middag avond 4roden drenthe 200 middag avond 5roden drenthe 200 middag avond 6roden drenthe 200 middag avond 7roden drenthe 200 middag avond 8roden drenthe 200 middag avond 9roden drenthe 200 middag avond 2Onno Reijnhout uit Donderen winnaar eerste editie Drenthe 200

RODEN – Deelnemers, organisatie en publiek. Ze kwamen superlatieven te kort om de eerste editie van de Drenthe 200, vorige week maandag in Roden, te omschrijven. De wedstrijd over 200 kilometer door hoofdzakelijk modder werd gewonnen door Onno Reijnhout uit Donderen. Zogenaamd al lang met pensioen maar vorige week te sterk voor bijvoorbeeld een Marc de Maar, Martijn Keizer en de favoriet Ramses Bekkenk. Mooi dat juist een inwoner van Noordenveld de eerste Drenthe 200 won. Mooi ook de nuchterheid van de winnaar na afloop. ‘Een beetje trainen en een beetje karakter’, zei hij. Alsof het niets voorstelde wat hij zojuist gepresteerd had.
Reijnhout liet pal voor de start, in het donker om 06.00 uur, weten dat hij hoopte rond 15.00 uur terug te zijn. In werkelijkheid was hij ruim voor 14.00 uur alweer op de Brink, waar speaker Michael Wiese hem schreeuwend opwachtte. De inwoner van Donderen was al in Gieten ontsnapt en reed de volgende 135 kilometer alleen. De demarrage was niet gepland. Reijnhout fietste simpelweg harder dan de andere deelnemers. Toen hij achteromkeek, zag hij niemand meer. Pas tien minuten later kwam Marc de Maar over de streep, Bekkenk werd derde. Reijnhout oogde toen al lang weer fris. Alsof hij zo weer tweehonderd kilometer af zou kunnen leggen.
Achttien uur kregen deelnemers de tijd om het voor 80 procent onverharde parkoers te ‘overleven’. Zeker de laatste 25 kilometer- door open vlakte- werd door velen als bijzonder zwaar beschouwd. Ook door wethouder Reint Jan Auwema, die de nacht voor de tocht logeerde bij oud-burgemeester Hans van der Laan. Auwema reed de Drenthe 200 gewoon uit. Knap, want heel veel had de wethouder niet getraind. Hij had zich min of meer opgegeven na de zeer geslaagde Veldslag om Norg, een tocht over honderd kilometer. Later kreeg hij best wat spijt. Maar hij stond er. Op karakter.

De dappere deelnemers kregen wat voor de kiezen. Tweehonderd kilomeer an sich is al een enorme opgave, gezien de neerslag van de afgelopen periode waren de kilometers ook nog eens lood- en loodzwaar. Deelnemers kwamen soms onherkenbaar over de meet. Vies van de modder en de drek. Onderweg mochten de deelnemers een keer van kleding wisselen. Geen overbodige luxe, zo bleek.
Deelnemers? Die waren er in alle soorten en maten. Onno dus, de zo nuchtere winnaar. Marc de Maar en Martijn Keizer, de profs. Een wethouder. Jans Jagt uit Klazienaveen. Jans Jagt? Ja, Jans Jagt. Hij kwam als laatste over de finish in een tijd van 17 uur en 33 minuten. Jans is 65 jaar en verlegde zijn grenzen. Ook bijzonder: de tandem van Laurent en Gerda. Kwam na 16 uur en 42 minuten binnen. Moe, Vies maar zeer voldaan. En zo druppelden vanaf het einde van de middag de deelnemers binnen. Ieder met een eigen verhaal. Een eigen doel. Je zou er een boek over kunnen schrijven.
Op de Brink in Roden was het gezellig. Met live muziek, met clinics en met veel belangstellenden die een kijkje kwamen nemen. Later werd het wat rustiger en omdat het een maandagavond was, was het toch al niet heel druk in Roden. Toen kreeg je dus die bekende nachtkaars. Toen Jans Jagt binnen was, gingen de talrijke vrijwilligers aan de slag. Opruimen. Want hoe fraai de dag ook was, van nagenieten was nog geen sprake. Bewonderenswaardig hoor, die helpende handen. Na middernacht. Met liefde.
Johan Wekema en Marco Bos stonden aan de wieg van de Drenthe 200. Ze werden de afgelopen weken al geroemd. En het moet gezegd: het duo ging voortvarend van start. Het idee voor de Drenthe 200 lag er al een tijdje, er werd een stichting opgericht en de voorbereidingen konden beginnen. Het organisatiewerk viel Johan en Marco best wat tegen. In de zin van: toch meer werk dan verwacht. Vandaar ook dat het maximum aantal deelnemers voor deze eerste editie gesteld werd op 400. Dat aantal bleef behapbaar. Toch liet Wekema onlangs al weten dat wat hem betreft er volgend jaar tweeduizend renners aan de start verschijnen. En niemand moet vreemd opkijken als die tweeduizend er volgend jaar- eind december- ook daadwerkelijk staan. De Elfstedentocht op de fiets. Nu alleen nog iets bedenken dat te vergelijken is met klunen.