‘Een tuin heb je niet alleen voor jezelf’

EEN – Laten we ze koesteren, de bloemen en de bijtjes. Langs de kant van de weg, langs boerenakkers, langs de waterkant en natuurlijk in eigen tuin. Menig tuinbezitter kan veel betekenen voor een optimale biotoop in eigen woonomgeving waar planten, bloemen en bijen goed gedijen. Jan Ketelaar (Foto) is al jaren een fervent hobbyist als het gaat om het verbouwen van eigen groenten en is liefhebber van bloeiende planten en bloemen die de biodiversiteit ten goede komen. Zijn voortuin aan de Hoofstraat midden in het dorp is een waar paradijs voor de bijtjes.

Klaprozen, stokrozen, papavers, vingerkruid, aardperen, goudsbloemen, tuinbonen, een appelboom, kers, zonnebloemen, kruisbessen en wat al niet meer. Er is genoeg variatie voor elk insect en elke bij. Vooral de klaprozen zijn in trek bij de bijen. ‘Kijk daar eens,’ zegt Ketelaar, ‘die hebben gewoon ruzie om de lekkerste hapjes. Ik zeg altijd, tuinieren doe je tegenwoordig flink door elkaar heen. Dan heb je ook het minste last van rupsen en ander ongedierte die je bloemen en groenten opvreten. Zo hou je de Coloradokever en het koolwitje buiten de deur. Last van vogels heb ik wel, vooral van huismussen. Ik span dan wit garen over de tuin en dat helpt. Tegenwoordig zie je veel bestrating in de tuinen. Daar help je de natuur niet echt mee. Een tuin heb je niet voor jezelf. Een tuin is gezond voor mens en dier, zo kijk ik er tegenaan. De meeste planten en bloemen zijn meerjarig en komen dus elk jaar terug. De Goudsbloem is zo’n bloem. Vroeger hadden mensen niet veel geld om een tuin aan te leggen en daarom noemen ze die bloem ook wel een ‘armelui bloem’. Deze Goudsbloem stelt weinig eisen aan de grond, hoeft geen bemesting en kan goed tegen droogte. Gewoon een ideale plant die iedereen kan aanschaffen, want die komt ook elk jaar weer terug. Veel mensen denken dat tuinieren veel werk is, maar dat hoeft helemaal niet. Eigenlijk als tuiniert met veel bloemen, planten en gewassen door elkaar heb je er minder werk van dan wanneer je alles netjes in rijtjes wilt houden. Zie het als een tip,’ laat Ketelaar weten.