‘Eenvoudig is het niet, maar we doen het toch maar mooi’

Kunstencentrum K38 viert eerste lustrum!

RODEN – Dit jaar viert Stichting Kunstencentrum K38 haar eerste lustrum. Een mooi moment om terug te blikken op vijf culturele jaren en direct een voorschot te nemen op de komende jaren. De Krant interviewde de eerste voorzitter (Jelly van den Bosch) en de huidige voorzitter (Leo van der Heiden) over het lustrum. Hun conclusie? Vrijwilligers houden deze culturele instelling draaiende!

In gesprek met Jelly van den Bosch over het ontstaan van K38, gaan de gedachten gauw terug naar de jaren ’70 van de vorige eeuw. Jelly, opgegroeid in Rotterdam, vestigt zich in Roden. Aldaar verbaast ze zich over het actieve verenigingsleven in het Rodense. ‘Al viel het me direct op dat er weinig geregeld was voor beeldende kunst.’ Dat moest anders, zo vond de kunstenaar. ‘Ik stapte naar de Culturele Raad. Daar zaten destijds drie oude heren, die jaarlijks een expositie organiseerden over het werk van Jetses. Daar kregen ze een bijdrage van 250 gulden voor. Het had dus niets om het lijf.’

Jelly ging zich bemoeien met de Culturele Raad Roden en regelde dat jaarlijks de World Press Photo naar het Scheepstra Kabinet kwam. ‘Dat deden we samen met een hobbytentoonstelling. Zo hadden we én een sterke expositie, én een expositie die veel mensen aansprak. Laagdrempeliger kon niet.’ Ook werd er een expositieruimte op poten gezet. In ’t Achterhoes (naast museum Kindewereld) kon men jarenlang terecht voor de organisatie van tentoonstellingen. De Culturele Raad Roden zorgde ervoor dat dit jarenlang werd bestierd.

In ’88 verhuisde men naar Mensinge, alwaar ze tot eind jaren ’90 met plezier zaten. Toen de gemeente jaarlijks de subsidies reduceerde, hief de Culturele Raad Roden zich uit protest op. Vanuit de gemeente werd de Culturele Kring Roden opgericht en ook de Verontruste Kunstenaars Noordenveld (VerKuNo) verenigden zich. Zij zorgden jarenlang voor exposities en lezingen in het Koetshuis van Mensinge.

Toen in maart 2013 het bestuur van Mensinge meldde dat er een andere invulling aan het Koetshuis zou worden gegeven, sloegen kunstenaars en kunstliefhebbers in Roden alarm. In december 2013 stond men namelijk op straat. ‘Toen wij bericht kregen dat we eruit moesten, hebben we als een bezetene gewerkt om een nieuw onderkomen te realiseren’, herinnert Jelly zich. ‘Uiteindelijk sloot de gemeente Noordenveld een complexe deal met Woonborg, waardoor wij in maart 2014 groen licht kregen om het pand aan de Kanaalstraat te bestieren.’

Jelly, niet bang voor een uitdaging, blies hoog van de toren. ‘”In oktober gaan we open”, riep ik. Ik was voorzitter van wat toen “Stichting Galerie” heette en later Stichting Kunstencentrum K38 zou gaan worden. We hebben ons rot gewerkt in die tussenliggende periode. We hadden geen cent te besteden en maakten er een sport van om zo goedkoop mogelijk meubilair te vinden voor het kunstencentrum. We kregen lampen van het Haags Museum en meubilair van Welzijn in Peize. Overal haalden we attributen weg. We hebben gescharreld als een idioot’, lacht Jelly.

Uiteindelijk kon K38 dan ook open in het najaar van 2014. Na drie jaar nam Jelly afscheid als voorzitter. ‘Toen kwam Leo en kon ik ermee stoppen. Waar ik trots op ben, is het feit dat we sinds 1977 altijd een expositieruimte hebben gehad in Roden. Dat is toch knap. We hebben ook altijd een gevarieerd aanbod aan exposities en dergelijke gehad.’

Het contact tussen Jelly en de toenmalige wethouder Gerrit Alssema herinnert Jelly zich nog levendig. ‘Ik belde hem wekelijks op hoe de zaken ervoor stonden. Hij zal langzamerhand wel gek van me zijn geworden.’ Dat de aanhouder wint, blijkt maar weer eens uit het verhaal van K38. ‘Simpel was het zeker niet en dat is het nog steeds niet. We doen het met vrijwilligers en moeten alle eindjes aan elkaar knopen. Maar het lukt.’

‘We komen rond, maar kunnen niet investeren’

Leo van der Heiden is nu ruim 2,5 jaar voorzitter van K38. Zelf is hij – in tegenstelling tot zijn voorganger – geen kunstenaar. ‘Ik ben een kunstliefhebber. Voor ik bij K38 betrokken raakte, was ik voorzitter van Kunstmomenten. Voor de rest had ik niet zoveel met K38 van doen’, schetst hij. ‘Ik kwam al wel vaak bij exposities kijken. Dit Kunstencentrum is een uniek gebeuren binnen onze gemeente en de regio.’

Wat K38 zo uniek maakt, zijn de vrijwilligers die het draaiende houden. ‘We zijn te klein voor een museum en zijn geen commerciële galerie. Alles gaat hier op vrijwillige basis.’ Een structurele subsidie van de gemeente krijgt K38 niet. ‘Maar we betalen een redelijk huurprijs. Exposities moeten grotendeels betaald worden van entreegeld. Daarnaast organiseren VerKuNo en de Culturele Kring Roden jaarlijks een aantal exposities, waarvoor zij ook expositiegeld betalen.’

Ondanks dat K38 zich al vijf jaren weet te redden, ziet Leo dat het lastiger wordt om de stichting buiten de rode cijfers te houden. ‘Het lukt net aan. Maar de kosten stijgen ieder jaar licht, terwijl de entreegelden hetzelfde blijven. Ons doel is dan ook om in de toekomst meer bezoekers te trekken.’

Uiteindelijk is dat ook het hoofddoel van Stichting Kunstencentrum K38: zoveel mogelijk mensen kennis laten maken met kunst. ‘In de toekomst willen we dat steeds meer laten samenvallen met maatschappelijke thema’s. Dit jaar deden we dat bijvoorbeeld met een expositie over dementie. Volgend jaar zullen wij een expositie organiseren met als thema ’75 jaar vrijheid’. Zo spelen wij op de actualiteit in.’

Afgelopen vrijdag opende het Kunstencentrum haar jubileumexpositie en op 24 november is er nog een muziekuitvoering van Orkest Adorable. Daarnaast zijn de resultaten van het jeugdproject ‘ROOTS’ nog te zien en is er een middag geweest voor medewerkers. ‘In totaal hebben we zo’n honderd vrijwilligers’, schat Leo. ‘Daarnaast hebben we de “Vrienden van K38”, die jaarlijks een bijdrage leveren en in ruil daarvoor naar iedere expositie kunnen. Misschien zouden we daar nog meer op in kunnen zetten, zodat we daaruit meer inkomsten genereren. Maar dan moet je nadenken over wat je de Vrienden van K38 wil bieden.’

Ondanks dat K38 een goede naam heeft opgebouwd in de regio en ook onder kunstenaars uitstekend staat aangeschreven, ziet Leo zeker nog taken voor de toekomst. Meer leerlingen en jongeren betrekken, bijvoorbeeld. Maar ook professionalisme staat bij hem hoog in het vaandel. ‘Qua kunst zijn we al op het gewenste niveau, maar qua organisatie zouden we stappen kunnen maken. Een beheerder zou fijn zijn, maar dat moet betaald worden. Zelf kunnen we dat niet rondkrijgen en dan kijk je al gauw naar de gemeente.’ Extra financiële beweegruimte zou meer dan welkom zijn voor K38. ‘Onze financiën komen rond, maar we kunnen niet investeren. Ruimte voor meer is er niet.’