Eerste uitgave ‘Een goed stuk Vleis’ smaakt naar meer

‘Ik wil gewoon laten zien hoe het ook kan’

LIEVEREN – Martin Koster komt met een nieuw tijdschrift. In ‘Een goed stuk Vleis’ kan de in Lieveren woonachtige schrijver en dichter zijn eigen ei kwijt. En dat dit een vrij gecompliceerd en bij vlagen verknipt ei is, maakt het voor Koster alleen maar leuker. Het tijdschrift is geschreven door Koster zelf, al komt zijn naam alleen terug in de term ‘kosterworst’. Hoog tijd voor een vermakelijk gesprek met een eigenzinnige taalkunstenaar.

Zijn huis aan de Zwarteweg ligt verscholen in het groen en op een steenworp afstand van het Lieversche Diep. Genieten van de natuur is hier niet moeilijk. Bovendien geeft zijn omgeving inspiratie en dat is niet onhandig voor een schrijver. Hij verveelt zich dan ook niet, ondanks het thuiszitten. ‘Nee, zeker niet’, zegt hij beslist. ‘Ik heb genoeg te doen.’

Schrijven dus. Het liefst iedere dag en het liefst over van alles en nog wat. Soms autobiografisch, vaak met fantasie en eigenlijk altijd apart. Vandaar ook dat hij zijn eigen tijdschrift maakte. Als oprichter van het Drentse tijdschrift Roet, heeft hij daar ervaring mee. ‘Ik vind Roet de laatste tijd een beetje saai’, zegt Koster. ‘Je weet vaak wat je krijgt. Een verhaal, gedicht, recensie en dat is het dan. Ik mis iets. Interviews bijvoorbeeld. Of satire. Het mag wel wat spannender, het mag anders. En ik wilde gewoon laten zien hoe het ook kan.’

En dus begon Koster een jaar geleden met het bundelen van gedichten. Sommige gedichten worden ondersteund met een foto en een enkele keer vertaalt hij bestaande gedichten naar het Drents. Maar het is zijn eigen project geworden. ‘Dit idee kwam in me op en dan gaat het snel. Dan wil je door. Al snel kreeg het tijdschrift meer vorm. Ik bundelde dingen die ik zelf leuk vind. Gedichten die ik nog had liggen, verhalen die niet gepubliceerd waren. Zo ontstond al snel een thema. Varen was dat.’

Iedere bijdrage is door een zogeheten ‘Mitvaarder’ geschreven. En de redactie bestaat uit Lodewijk van Heiden en John Harbours. In feite schreef Koster alles zelf, alleen gaf hij de auteur telkens een andere naam. Ook uitgever Anton Scheepswrak klopt niet. ‘Maar de naam past mooi in het thema’, lacht Koster. ‘Lodewijk van Heiden was de enige Drentse admiraal ooit. Er staat zelfs nog een standbeeld van hem in Griekenland.’ Het zijn dit soort grappen, vaak met een historische kwinkslag, die de eerste editie van ‘Een goed stuk Vleis’ uniek maakt.

Zo af en toe neemt Koster de ‘jongens van Roet’ een beetje op de hak. ‘Dat moet kunnen. Ik wil ze alleen laten zien dat het ook anders kan.’ De verhalen en gedichten hebben soms iets autobiografisch en ‘het heeft altijd wel iets met mij te maken’. Maar Koster vertaalde ook gedichten van Vasalis en Seamus Heaney in het Drents.

Wat er nu ligt is een boek waarin met het Drents wordt gespeeld. Een speels boek dus. Met kwinkslagen, grappen en veel opmerkelijkheden. ‘Ik ben niet eerder zo met het de taal bezig geweest’, zegt Koster. ‘Het was écht mooi om te doen.’ Schijtlollig is ‘Een goed stuk Vleis’ zeker niet. ‘Daar houd ik niet van. Het is scherts, luim en leuk. Maar het is ook weer ernstig. Het was een feest om dit tijdschrift te maken. Nu nog kijken wat het publiek ervan vindt.’

Voor Koster nu zaak om zoveel mogelijk mensen kennis te laten maken met zijn nieuwe werk. ‘Ik hoop dat men er kritisch naar kijkt. Als zij het leuk vinden, gaan we door. En als mensen mee willen schrijven, is dat alleen maar mooi. Ik vond het prachtig om zulk werk te maken. Een tijdschrift zoals dit was er nog niet.’

Voor Koster geen gebaande paden, maar nieuwe uitdagingen. Het maakt dat de Lieverse schrijver nog steeds met pretogen de wereld in kijkt. Of er een tweede uitgave van ‘Een goed stuk Vleis’ komt, ligt aan het publiek. Het boek is voor twaalf euro verkrijgbaar bij boekhandel Daan Nijman te Roden en het redactieadres is: luciemartin@online.nl.