‘Even kijken wat die gekke Koster er van gemaakt heeft’

Martin Koster presenteert derde werk in coronatijd

LIEVEREN – Met ‘Ik trap hum an’ presenteert Martin Koster alweer zijn derde boek van 2020. De Lieverse schrijver heeft nu zijn bijdragen voor de rubriek ‘Sjarlefrans’ gebundeld, een rubriek waarvoor hij vijf jaar lang trouw schreef. Zijn hersenspinsels die met leven, dood en alles daar tussenin te maken kunnen hebben, vormen een geestig boekje met bijzondere verhalen. De man die naar eigen zeggen het zuidelijkste Drents van de wereld spreekt, vertelt over zijn nieuwe werk.

Dat Koster jarenlang een platform vond voor zijn verhalen, dankte hij niet in de laatste plaats aan Bernd Otter. De Dagbladjournalist kwam met Sjarlefrans op de proppen, een rubriek waarbij Drentse verhalen en gedichten werden verzameld. Inmiddels is de rubriek ter zielen. ‘Hartstikke zonde’, vindt Koster. ‘Dan valt er toch zo een platform weg.’

Alleen al het uitzoeken van de verhalen die hij zou bundelen tot een boekje, verschafte Koster een hoop plezier. ‘Ik moest een aantal tijdloze verhalen eruit pikken. Dat is volgens mij goed gelukt. Het is leuk om terug te zien wat je door de jaren heen hebt geschreven.’ Verhalen over de Noordenveldse gemeenteraad – met gefingeerde namen als Roekoe en Bietencampagne – passeren de revue. Maar ook verhalen met een historische kwinkslag en één van zijn favoriete figuren (Helmut) staan in het boek.

De omslag is een knipoog naar Jan Cremer. ‘Hij stond met zo’n grote motor op zijn boek. Ik met een elektrische fiets.’ De titel leent hij dan weer van zijn dochter. ‘Zij was hier eens op bezoek en toen ze weer in de auto stapte, zei ze: “Nou, ik trap hum an”. Een uitdrukking die ik nog niet eerder had gehoord, maar blijkbaar in de omgeving van Heerde (Gelderland) veel voorkomt. Ik vond de uitspraak zo grappig, dat ik hem gebruikt heb voor de titel.’

De verwondering over taal en de vele taalgrapjes, maken het voor Koster een eindeloos avontuur om zich in het rijk der lezenden te begeven. ‘Ik heb altijd een fascinatie voor taal gehad’, zegt hij. En dat terwijl hij nu niet bepaald uit een rijk geslacht aan lezers komt. ‘Mijn grootouders waren nagenoeg analfabeet. En ook mijn ouders hadden een beperkt leesvermogen.’ Dat juist Koster leraar zou worden en zich bezig zou houden met de taal, moge dan ook bijzonder worden genoemd. ‘Ik ben overal met taal bezig. Zo weet ik dat ik in Duitsland kwam, net over de grens, waar een Duitser de weg vroeg aan een Nederlander uit de Achterhoek. De Duitser sprak zijn eigen dialect, haast niet te vergelijken met het Duits wat wij op school krijgen. In het Nederlands kon de Achterhoeker hem niet verder helpen, maar toen hij zijn eigen dialect begon te praten, waren ze er binnen een mum van tijd uit. Bijzonder hoe dat dan werkt, die taal. Dat vind ik ontzettend geestig.’

Door met taal bezig te zijn voelt Koster zich naar eigen zeggen ‘als een vis in het Leekstermeer’. Het was pas na zijn pensionering in 2013 dat de oud-leraar zich veel met de schrijfkunst ging bezig houden. ‘Vaak ik combinatie met reizen. Zo schreef ik ‘Oostwaartsch, grensverkennings van een Sudetendrent’. Een boek over mijn treinreis naar Oost-Europa. Reizen en schrijven zijn voor mij onlosmakelijk verbonden. Onderweg zie en hoor je zoveel, dat geeft inspiratie. Bovendien kun je tijdens je reizen veel lezen. Dan lees ik vaak nog even in eigen werk. “Even kijken wat die gekke Koster er van gemaakt heeft”. Dat zit er nu dus niet in. Vandaar dat ik de coronatijd echt helemaal niks aan vind. Verschrikkelijk.’

Een platform heeft Koster dus niet meer. ‘Een goed stuk Vleis’, het zelf uitgebrachte tijdschrift van Koster, zou wellicht nog eens een vervolg kunnen krijgen. ‘Maar misschien dat ik een stel verhalen over mijn vriend Helmut nog eens in een boek verwerk. Ik zie het wel.’

Eind november overhandigde Koster het eerste exemplaar van zijn nieuwe boek aan Commissaris van de Koning Jetta Klijnsma. ‘Een bijzonder moment’, zegt hij. ‘Klijnsma was heel hartelijk en stond klaar met knieperties en rollegies. Onderling spraken we gewoon Drents met elkaar. Ze beloofde het boek te zullen lezen.’

‘Ik trap hum an’ is voor tien euro te bestellen bij Boekhandel Daan Nijman of op www.huusvandetaol.nl/webshop.