‘Geen feestjes, niet stappen, niet drinken. Maar dat heb ik er graag voor over’

Jasper Huitema (18) fietst een mooie carrière tegemoet

RODEN – Begin juli werd hij derde bij de junioren op het NK Wielrennen in Enter. En onlangs tekende hij voor vier jaar bij het Scorpion Racing Team. Het begon allemaal bij de Tour de France. De toen zesjarige Jasper Huitema was met zijn ouders in Frankrijk om bij de Tour te kijken, toen het wielrenvirus hem te pakken nam.
De snelheid, het peloton, alles greep hem op dat moment.Weer thuis begon Jasper meteen met fietsen. Er werd een fiets gekocht en hij werd lid van Wielervereniging Meteoor in Assen. Aanvankelijk mocht hij nog geen wedstrijden rijden, maar op zijn achtste mocht dat wel. ‘Het eerste jaar was ik nog niet goed hoor,’ zegt de inmiddels achttienjarige Jasper. ‘Ik was natuurlijk ook nog heel jong. Later begon ik steeds meer te winnen bij de jeugd. En dan wordt het ook steeds leuker. Ik herinner me de eerste keer dat ik een wedstrijd won nog goed, dat was in Zeeland. Je wint dan geen echte prijs ofzo, maar een criterium. Dat smaakte wel naar meer, ja.’
Het betrekkelijk nieuwe Scorpion Racing Team wist dit jaar vijf nieuwe mensen aan zich te binden. Een daarvan is Jasper. ‘Ja, dat is natuurlijk super! Je moet je hierbij voorstellen dat je niet bij dit team traint, maar ze zijn ervoor om talent op te leiden. Het betekent ook dat de vliegreizen en overnachtingen voor wedstrijden betaald worden. Ook je fiets.’
Dat zal ook voor de ouders van Jasper wel fijn zijn. Hij lacht. ‘Nou en of, want het is wel een dure sport! En dan inderdaad met name de overnachtingen en vliegtickets. Mijn ouders gaan wel eens mee om te kijken, maar dat moet te doen zijn. Dus in Nederland.’
Voor de trainingen blijft hij bij zijn eigen trainer, Stefan Poutsma. ‘Van hem heb ik een trainingsschema. En ik houd dan alles bij, de hartslag, de tijden en dergelijke. We hebben een  schema dat vooral gericht is op de toekomst. Dus niet te veel en niet te gek, zodat er nog genoeg ruimte voor progressie is. En dan kun je denken aan een uur los fietsen tot een rit van zo’n 4 uur hard fietsen.’
Prof worden is een grote wens. ‘Dat zou ik graag willen. En daar doe ik ook mijn best voor. Kijk, het moet wel kunnen. Als je elke keer moet vechten om überhaupt de finish te halen is er niks aan. Maar daar ben ik niet zo bang voor.’
Jasper heeft net zijn VWO-diploma op zak en heeft nu een tussenjaar. ‘Ik wil even kijken hoe het wielrennen zich ontwikkelt, maar ik vind wel dat ik nog een studie moet gaan doen. Er kan zomaar iets gebeuren waardoor je niet meer kunt wielrennen en dan is het wel slim om in ieder geval een opleiding te hebben gedaan. Ik wil qua opleiding iets met sport in ieder geval. Maar dus nu eerst even kijken wat het wielrennen me brengt.’
Als hij prof wordt, heeft hij voorlopig een baan. ‘Dat gaat volgend jaar nog niet gebeuren hoor. Maar wie weet, in de toekomst. Ik zal tegen die tijd wel even goed moeten communiceren met school, maar dat zien we dan wel weer.’
Jasper heeft nogal wat over voor zijn sport. ‘Geen feestjes, niet stappen, niet drinken. En gezond eten. Dat heb ik er graag voor over.’ Ik wil goed kunnen trainen. Dat is nu tussen de 10 en 12 uur per week. Iets rustiger voor een wedstrijd en iets meer tussendoor. Als prof train je rond de 20 tot 25 uur per week. Dan is het je werk.’
Eind augustus is er een wielerwedstrijd in Zuid-Korea. ‘Ik hoop dat ik word uitgekozen om mee te gaan. Dat hoor ik binnenkort. We gaan straks op vakantie, dus dat wordt trainen op vakantie. Maar ja, dat zou ik sowieso wel doen.’