Geen groot afscheidsfeest voor bescheiden clubman: ‘Het is goed zo.’

Henk Hagenauw (64) stopt als verzorger bij FC Groningen

RODEN – Nog even en Henk Hagenauw is niet langer verzorger bij FC Groningen. Officieel is hij nog in dienst, officieus al gestopt. Het is het einde van een tijdperk. De oud-keeper, die één seizoen in het eerste elftal keepte en daarna meer dan vier decennia actief bleef bij de club, blikt terug op een rijke carrière. ‘Het is wel goed zo. Een afscheidsfeestje? Vertel jij me dan wie ik wel en wie ik niet moet uitnodigen?’

Tevreden kijkt Henk zijn tuin in. Op een bijzettafeltje staat koffie met cake. Het bescheiden gazon ligt er goed bij, en Henk graaft in zijn voetbalgeheugen. Het gaat over vroeger, hoe het begon. Hij begint net op stoom te komen, wanneer hij plotseling van zijn stoel schiet. Hij hoort de grasmaaier van de gemeente. ‘Mijn auto staat nog voor op het veldje.’ Twee minuten later ploft hij weer neer op zijn houten tuinstoel. ‘Waar waren we?’Henk Hagenauw dus.

De in 1955 geboren Roner is een bekende in de voetbalwereld. Zijn handen beroerden de fragiele hamstrings van Arjen Robben, masseerden de stalen kuiten van Virgil van Dijk en wreven over de knie van Luis Suárez. Dat is een indrukwekkend rijtje voor de gemiddelde voetballiefhebber, maar zelf ziet Henk het niet zo. ‘Ik kijk er anders tegenaan. Als ik met die jongens werk denk ik niet: ik zit hier nu met een vedette. Een voetballer is een voetballer.’ Het zou dan ook niet in Henk opkomen om Van Dijk eens te bellen nu het zo goed gaat. ‘Misschien dat hij een kaartje voor de Champions League-finale zou kunnen bemachtigen, maar zo ben ik niet.’ Goed contact heeft hij nog steeds met oud-spelers. Zo nodigde Dusan Tadic hem onlangs uit voor een wedstrijd van Ajax. ‘Dat was Ajax-Willem II. Dusan heeft zijn eigen skybox en daar mocht ik toen zitten.’

We gaan terug naar het begin. De jaren ‘70. De op dat moment 19-jarige Henk Hagenauw was keeper bij VV Roden en kwam gelijktijdig voor de Drentse Selectie en het Nederlands Jeugdelftal uit. Toen FC Groningen degradeerde uit de Eredivisie, haalde Ron Groenewoud Henk naar Groningen. Ze kenden elkaar van het Nationaal Jeugdelftal. Eén seizoen was Henk keeper voor de FC, toen een ‘kapotte knie’ een einde maakte aan zijn carrière. ‘Kruisbandblessure. Destijds viel er nog niets tegen te doen’, blikt Henk terug.
Al snel werd Henk omgedoopt tot verzorger. ‘Ik had geen medische achtergrond, maar las veel boeken over blessures en dergelijke. Zonder een echte achtergrond rolde ik in het vak van verzorger. Later heb ik de opleiding tot sportmasseur gedaan.’  
Nadat hij een jaar of drie bij de eerste selectie meeliep als verzorger, werd hij in het begin van de jaren ’80 de vaste verzorger. Hij herinnert zich nog hoe Johnny Visser (de nummer 1 verzorger van FC Groningen) voor een cruciaal duel tegen Atlético Madrid niet aanwezig was. ‘Bij de uitwedstrijd, die we met 2-1 verloren, werd hij naar de tribune gestuurd. Zodoende mocht hij bij de return niet op de bank plaatsnemen. Bij die thuiswedstrijd zat ik op de bank. Ik maakte  alles mee. Vanaf de voorbereiding bij Hotel Karsten in Norg, tot aan de prachtige sfeer in het Oosterparkstadion. Het was voor mij de kers op de taart.’

Dat het niet alleen hoogtepunten waren bij de FC, moge duidelijk zijn. In 1998 degradeert de club uit de Eredivisie en vertoeft het twee jaar lang een niveau lager. ‘Een degradatie brengt veel stress bij een club. We degradeerden bij Cambuur-uit. Na de degradatie is er een frisse start gemaakt. Er werd afscheid genomen van huurspelers en er werd meer naar de eigen opleiding gekeken. Dat deed de club goed.’

Door de jaren heen zag Henk veel veranderen. ‘Alleen al het aantal wissels. Vroeger gingen er vier reservespelers mee, nu zitten er een man of dertien op de bank’, zegt hij. ‘Daarnaast waren veel spelers semi-prof. Nu zijn het allemaal fullprofs, kunnen ze zich volledig richten op de voetballerij.’ Zelf was Henk geruime tijd ook parttime in dienst. ‘Daarnaast werkte ik nog bij de post, als administratief medewerker. Twintig uur bij de post en zo’n veertig uur bij de club. Pas in 2010 werd ik ook volledig door FC Groningen betaald. Enkele spelers hadden dat al vaker geopperd, maar het gebeurde pas in 2010.’

Juist de band met de spelers is bij Henk altijd goed geweest. ‘Ik had natuurlijk een andere band met die jongens dan de trainer. Ze vertelden mij andere dingen en wisten dat ze mij konden vertrouwen. Wat ze mij vertelden, bleef onder ons.’ Henk gaf de spelers desgevraagd eerlijk advies. Zo kon het dat hij Luis Suárez juist stimuleerde om een stap te zetten naar Ajax, terwijl FC Groningen hem liever niet liet gaan. ‘Terwijl de buitenwacht het niet leuk vond, stimuleerde ik Suárez om te gaan. Nijland wilde het onderste uit de kan en dat is begrijpelijk. Maar FC Groningen is een springplank voor talent. En als een talent zich dan bij een andere club kan door ontwikkelen, moet diegene daarvoor gaan.’

‘Het leverde fantastische gesprekken op’, zegt Henk. ‘Zulke gesprekken had ik met Tadic, Matavz, Granqvist…. We waren altijd open en eerlijk naar elkaar toe. Zeiden waar het op stond. Spelers waardeerden dat. Of ik me soms een amateurpsycholoog voelde? Misschien, maar dan wel met de nadruk op amateur’, lacht hij.
Een vertrouwensband binnen de club is erg belangrijk, meent de verzorger. ‘Vergeet niet dat vooral buitenlandse jongens een stukje warmte nodig hebben. Ze moeten zich lekker kunnen voelen in een vreemde omgeving. Dat wordt door sommige clubs nog wel eens onderschat.’
Als voorbeeld noemt hij Filip Kostic, die het in zijn beginperiode bij de FC lastig had. ‘Later bloeit zo’n jongen op tot een grote speler. Onlangs speelde hij nog in de halve finale Europa League tegen Chelsea. Daar kan ik alleen maar respect voor hebben.’
De druk op spelers is de afgelopen jaren alleen maar toegenomen. Henk weet wel waarom. ‘Vroeger zond Sport in Beeld alleen de samenvattingen van Ajax, Feyenoord en PSV uit. Over FC Groningen stond alleen wat in het Nieuwsblad van het Noorden. Tegenwoordig wordt iedere scheet breed uitgemeten. Dat legt druk op de spelers.’

Contrast

Het kan verkeren in de voetballerij. Als Henk wordt gevraagd naar een hoogtepunt bij de FC, noemt hij uiteraard de bekerzege van 2015. Aan de andere kant hangt deze wereldprestatie samen met misschien wel het grootste dieptepunt in zijn carrière. Het overlijden van de vrouw van Patrick Lodewijks, die om het leven kwam bij een auto-ongeluk. ‘Ik weet nog dat we ’s middags de vrouw van Patrick begroeven. In de namiddag stonden we op Stadspark de bekerwinst te vieren. Dan besef je je dat er veel belangrijkere dingen zijn in de wereld. Ik heb niet echt kunnen genieten van die dag.’

Afscheid

Voor Henk komt het moment van afscheid nemen dichterbij. De nu 64-jarige verzorger kan het fysiek minder makkelijk bolwerken dan voorheen. ‘Ik heb al een aantal jaren last van m’n rug’, verklaart hij. ‘Om het plat te zeggen: met al die jaren als verzorger, heb ik mijn rug behoorlijk verneukt. Ik wist al een tijdje dat ik mijn pensioenleeftijd niet zou halen als verzorger. Op de terugreis tussen Groningen en Roden moest ik vaak onderweg stoppen, om een rondje te lopen om de auto. Zo’n last had ik. Ik heb me op den duur ziekgemeld bij de club en heb me laten onderzoeken. Daarna ging ik in gesprek met Hans Nijland en Ron Jans. In goed overleg is besloten om voorlopig niets meer voor de club te doen. Zoals het nu lijkt stop ik per 1 juli.’
Waar Hans Nijland afgelopen zondag werd uitgezwaaid voor het thuispubliek, weet Henk nog niet of hij een afscheidsfeestje gaat organiseren. ‘Ik denk het eigenlijk niet. Het is wel goed zo. Daarnaast zou ik niet weten wie ik moet uitnodigen. Je kunt het nooit goed doen.’