Gemeente leunde teveel op vertrouwen bij rioolwerkzaamheden

‘Alsof de slager zijn eigen vlees keurt’

RODEN – De gemeente Noordenveld kwam afgelopen week met een plan van aanpak voor de afhandeling van de schades in de wijk Middenveld. Momenteel is de gemeente nog in gesprek met inwoners van de wijk en kijkt het hoe zij met de inwoners tot een goede afhandeling kunnen komen. Ondertussen steekt de gemeente, naar aanleiding van een rapport van Adviesbureau KPlusV, de hand in eigen boezem. ‘We hebben teveel op goed vertrouwen gewerkt’, stelt wethouder Henk Kosters.

In totaal zijn er, sinds juni 2018, 79 schademeldingen binnengekomen bij de gemeente. 57 van die meldingen kwamen uit de wijk Middenveld. En met de inwoners van die 57 schademeldingen is de gemeente Noordenveld in gesprek.

De oorzaak van de meldingen ligt hem inde bijzondere grond in Roden. ‘Iemand van Crux meldde dat wij in Noordenveld te kampen hebben met buitengewoon zettingsgevoelige grond, die ook nog eens heel erg verschilt’, meldde Kosters. Daarbij maakte Nederland in 2018 een extreem droge zomer mee, waardoor de grond nog zettingsgevoeliger werd.

Vanaf het eerste moment heeft de gemeente Noordenveld te kennen gegeven alle schades netjes te willen oplossen. Dat houdt in dat de inwoners niet lastig worden gevallen met de juridische afhandeling tussen verzekering en gemeente. Daarnaast werd een bedrag van 1,5 miljoen euro vrijgemaakt om alles op te kunnen lossen.

Allereerst werd er gekeken naar een oplossing voor de acht woningen in de Oudgenoegstraat. Inmiddels zijn twee panden aangekocht door de gemeente en bleek er bij één geen schade te zijn. ‘Met de overige vijf zijn we nog in gesprek’, gaf wethouder Jeroen Westendorp aan. Het liefst had de gemeente ook met deze vijf al een afspraak gemaakt. ‘We moeten samen het juiste perspectief delen. Momenteel zijn we in goed gesprek met deze bewoners.’

Met de overige 49 huishoudens die schade hebben, wordt momenteel ook gesproken. Er zijn echter nog 22 schademeldingen die buiten Middenveld vallen. Deze meldingen vallen niet onder het plan van aanpak van de gemeente. Voor deze meldingen geldt ‘wie eist, bewijst’. Volgens burgemeester Klaas Smid ligt het bij die schademeldingen namelijk ingewikkelder. ‘Dat kunnen wij als gemeente nu eenmaal niet zelf oplossen. Daarbij hebben we ook de steun van de Provincie en het Rijk nodig.’

De gemeente Noordenveld heeft  Adviesbureau KPlusV opdracht gegeven onderzoek te doen naar het ontstaan van de situatie. Hierin valt onder andere te lezen dat er op voorhand te weinig aandacht was voor de risico’s van de rioleringswerkzaamheden. Ook was er te weinig aandacht voor de rollen en het toezicht. Zo vervulde een werkvoorbereider soms tegelijkertijd de rol als toezichthouder. ‘Hierdoor keurt de slager zijn eigen vlees’, zegt wethouder Kosters: ‘De rode draad van het onderzoek is dat wij te weinig aandacht hebben gehad voor de verschillende risico’s ten te veel hebben vertrouwd op hoe we het altijd deden. Op zich is dat vertrouwen positief te noemen.’ Aan de andere kant noemt Kosters de uitkomsten ‘pittig’. Toch meent Kosters niet dat de gemeente laks is geweest. ‘Zo zou ik het niet noemen.’

De volgende stap is dat de gemeente Noordenveld haar bodem nog meer gaat monitoren. Dat doen ze onder andere bij nieuwe projecten, waarvan er momenteel drie ‘on hold’ staan. De extra monitoring kan Noordenveld zomaar extra geld gaan kosten. Je zou dus kunnen stellen dat Noordenveld flink pech heeft met de samenstelling van de grond. Toch ziet wethouder Kosters het positief in. ‘Noordenveld is niet alleen boven, maar ook onder de grond uniek’, zegt hij. ‘Ja, het kan zijn dat – afhankelijk van de risico’s – het meer geld gaat kosten om bepaalde projecten door te laten gaan. Aan de andere kant zijn wij hierin straks voorloper als gemeente. Ik verwacht dat over een aantal jaar iedere gemeente moet kijken naar de gevolgen op de bodem.’ Inmiddels is Noordenveld al begonnen met het grofmazig plaatsen van peilbuizen. Door de jaren heen moet er een steeds fijnmaziger netwerk van peilbuizen komen. ‘Dan kunnen we steeds nauwkeuriger zien wat de grond doet.’