Gemeente maakt inhaalslag Beheer Openbare Ruimte

Noordenveld is nu ‘te groene’ gemeente

NOORDENVELD –  Heb je het over een groene gemeente, dan heb je he doorgaans over een gemeente die in de bossen ligt. Waar de mensen genieten van  de bomen, de groene weilanden. Heb je het over een groene gemeente zoals er de afgelopen maanden over de gemeente Noordenveld gesproken werd, dan heb je het over een gemeente die het groen amper nog onderhoudt. Een gemeente waar het gras in de openbare ruimte zolang is dat het kietelt onder de oksels. Waar het gras dik tussen de tegels zit en waar overhangende takken je beletten om normaal over het trottoir te kunnen lopen. Noordenveld is op dit moment een te groene gemeente. Maar: dat gaat veranderen. De afgelopen week werden mensen van vooral dorps- en wijkbelangenverenigingen bijgepraat over een hot item: Beheer Openbare Ruimte. De BOR.

Zomaar een voorbeeld uit de praktijk. Joke Nijborg uit Roden loopt een rondje en ziet dat een ouder stel bezig is de parkeerplaatsen achter hun huis schoon te maken. Meneer en mevrouw zijn in de tachtig. Nodig, want er staat ondertussen gigantisch veel onkruid. ‘Geweldig, wat een inzet van deze mensen’, zegt Joke. ‘Ze verdienen mijns inziens een geweldige bos bloemen van de gemeente. Want: zo kan het dus ook. Als de gemeente niets meer doet aan het groenonderhoud, maar we samen als buurtbewoners de schouders eronder zetten, dan houden we in elk geval de buurt schoon en redelijk vrij van onkruid.’ Joke heeft een punt en in veel meer wijken gebeurt het ook al. Dat bewoners zelf de schoffel, snoeischaar en grasmaaier pakken. Ze willen zich niet langer ergeren aan het overtollige groen. ‘ Heb je de parkeerplaatsen aan de Ceintuurbaan Noord laatst nog gezien? Het ziet er niet eens meer uit als een parkeerplaats. Het lijken wel graszoden die daar liggen.’ Joke kwam in 1994 in Roden wonen. ‘Het is nog nooit zo slecht geweest. Het gaat steeds verder achteruit. Dat Noordenveld fietsgemeente van Nederland wil worden, juich ik van harte toe. Maar zorg er dan ook voor dat het dorp er toonbaar bij ligt. Bij ons in de buurt pakken veel mensen het gelukkig zelf op. Maar dan doemt weer een ander probleem op. De één doet het wel, de buurman of buurvrouw weer niet. Vaak ook een verschil tussen mensen die huren en een eigen woning hebben. En als de een het wel doet en de ander niet, dan ziet het er nog niet uit. Nog iets. Als ze dan een keer komen, dan doen ze het mijns inziens allemaal maar half. Nooit helemaal. En laten we het over de afwerking maar helemaal niet hebben. Voorlichting? Die krijgen we niet. Het is toch niet moeilijk om even een briefje te sturen als je van plan bent de parkeerplaatsen te doen? Zetten we allemaal de auto even elders neer. Maar wij hebben hier nog nooit wat gehoord.’

Vul voor Joke een andere naam in, neem een andere buurt, en in vrijwel alle gevallen hoor je hetzelfde. Het is inwoners een doorn in het oog dat er amper nog iets gedaan wordt aan beheer openbare ruimte. Slechts in wijken waar de mensen zelf de handen uit de mouwen willen steken, is het nog enigszins toonbaar. Maar zo mooi verzorgd als het jarenlang was, die tijd lijkt voorgoed voorbij.

En dus wezen de vingers de afgelopen maanden richting gemeente. Want ‘zij’ doen er immers niets aan. Het minder bijhouden van de openbare ruimte, is uiteraard niet zomaar. Dat heeft alles met geld te maken. Er moest bezuinigd worden. En dan kun je – zo liet wethouder Alssema al eens weten- wel de gemeentelijke belastingen omhoog gooien bijvoorbeeld, je kunt ook kiezen om wat minder aandacht te besteden aan de openbare ruimte. Kwestie van keuzes maken en als wethouder doe je het in dit soort gevallen zelden goed. Ander aspect waar inwoners zich aan ergerden, was de gebrekkige communicatie. Er werd ineens niet meer gemaaid. Dan weer wel, dan weer niet kwamen mensen langs om wat aan het groen te doen. En waarom werd in de wijk verderop wel gemaaid, en bleef het gras voor hun huis lang?

Albert Gelling van wijkbelangenvereniging Roderveld stelde de gemeente voor om eens duidelijkheid te geven en vervolgens samen een schouw te doen in een van de wijken in Roden. De gemeente pakte die handschoen snel op en de afgelopen week waren er bijeenkomsten in Norg en Nieuw Roden. Verhelderende bijeenkomsten, dat zeker. Noordenveld laat, zo bleek, veel over aan Antea Group als het gaat om zogenaamde normering. Zij beoordelen de openbare ruimtes in de gemeente en toetsen die aan een landelijke normen.  Met andere woorden: het gras mag zo hoog staan, er mag zoveel hondenpoep op een veldje liggen en ook worden zaken als speeltoestellen en verharding beoordeeld. De gemeente Noordenveld werd getoetst aan onderhoudsniveau laag. Dat verklaart dus het feit dat er minder gemaaid werd, veldjes een paar weken overgeslagen werden om te maaien. Er was getoetst en als een grasveldje volgens de normering nog wel een maandje kon wachten, dan werd er ook daadwerkelijk een maandje gewacht. Het was – zoals veel mensen wel veronderstelden- beslist geen natte vinger werk. Ondertussen is de gemeente teruggekomen op het besluit om voor onderhoudsniveau ‘laag’ te gaan. Men gaat volgend jaar naar onderhoudsniveau ‘basis’ en straks al zal een inhaalslag gemaakt worden. Er wordt dus weer extra geld vrijgemaakt voor onderhoud van het groen, zoals inwoners van Noordenveld dat zo graag zien. En hoewel de aanwezigen zich nu nog steeds ergeren aan al dat onprettige en ongewenste groen, gingen de meeste mensen toch met een voldaan gevoel naar huis. Er was tenminste duidelijkheid geschapen. Uitleg over hoe bepaalde zaken gaan, wat de normen dan precies zijn en waarom bepaalde keuzes gemaakt zijn, bleken weer eens heel belangrijk. Belangrijkste boodschap die de afgevaardigden van de verschillende belangenverenigingen echter voor hun achterban hadden, was dat het volgend jaar allemaal beter wordt. Minder groen in elk geval.