Gemeente Noordenveld stemt in met garantstelling voor Pauperparadijs

Twee ton voor terugkeer theaterproductie

NOORDENVELD – De gemeenteraad van Noordenveld heeft ingestemd met een garantstelling van 200.000 euro voor de terugkeer van het Pauperparadijs. In totaal kost de theaterproductie rond de twee miljoen euro. Gelet op de positieve economische spin-off, ziet de raad geen bezwaar om de garantstelling te verlenen. Wél gaf men de organisatie mee zo veel mogelijk te doen om ondernemers uit de gemeente  te betrekken bij het Pauperparadijs.

Daags voor de raadsvergadering kwam nieuws naar buiten over omwonenden die naar de rechter willen stappen vanwege de geluidsoverlast die het Pauperparadijs met zich meebrengt. Desondanks vormde dit geen bezwaar voor de gemeenteraad, die allereerst werd toegesproken door Peter Sluiter. Sluiter is directeur van het Gevangenismuseum en dus nauw betrokken bij de terugkeer van Het Pauperparadijs. ‘Het is belangrijk om het verhaal van het Pauperparadijs te vertellen’, stelde hij. Ook wees hij op gedetineerden die bezig zijn met re-integratie en actief meewerken aan een goed verloop van het theaterstuk. Over de relatie met de klagende buren, vertelde Sluiter het volgende: ‘Het is belangrijk om een goede relatie met onze buren te hebben. We zetten dan ook alles in het werk om aan de bezwaren van de omwonenden tegemoet te komen. Zo hebben we ze uitgenodigd voor een gesprek en hen gevraagd wat overlast zou kunnen voorkomen.’

Verder stelde Sluiter dat ondernemers van harte welkom zijn om hun steentje bij te dragen. Mits hun onderneming iets toevoegt aan de ‘gastbeleving’. Dat wil zeggen dat een ondernemer die op een bepaalde manier een link kan leggen met het Pauperparadijs van harte welkom is. ‘Denk hierbij aan een boerenbedrijf uit de buurt, die bereid is uit te leggen wat het verschil is tussen de landbouw van toen en nu.’

Namens Stichting Het Pauperparadijs sprak Bert Pathuis in. Hij is een Veenhuizer ondernemer en bovendien oprichter van de stichting. Hij stelde dat de stichting goed contact heeft met vele ondernemers. Robert Meijer (VVD) merkte echter op dat 2500 euro (kosten van het lidmaatschap) veel geld is voor kleine ondernemers. ‘En wat brengt het hen?’, vroeg hij hierop. Menne Kamminga (ChristenUnie) concludeerde dat, wanneer je je als ondernemer bij de stichting aansluit, je automatisch iets aan de gastbeleving toevoegt. ‘Dat klopt’, zei Pathuis. ‘Want die ondernemers dragen een bepaald financieel risico.’

De raad gaf de stichting mee vooral samenwerking te blijven zoeken met ondernemers uit de regio. Gerard Willenborg (CDA) vond zelfs dat de stichting verplicht moet worden om met álle ondernemers in gesprek te gaan. Meijer gaf hierop aan dat hij het liefst ziet dat vooral Noordenveldse ondernemers worden gevraagd mee te werken aan het Pauperparadijs. ‘Wij staan als gemeente garant voor twee ton. Dat is gemeenschapsgeld, betaald door onze inwoners. Wij dragen het risico dus ik vind dat Noordenveldse ondernemers best voordeel mogen hebben.’

Burgemeester Klaas Smid gaf voor het stemmen nogmaals het belang van het Pauperparadijs aan. ‘Onderschat de enorme uitstraling die het Pauperparadijs heeft niet. Wanneer ik in de Randstad kom, word ik vaak raar aangekeken wanneer ik het over Noordenveld heb. Maar bij het woord Veenhuizen is dat anders’, stelde hij. Over de overlast van omwonenden zei hij het volgende: ‘Het overgrote deel van de inwoners van Veenhuizen zijn positief over de terugkeer. We zijn in gesprek geweest met de omwonenden en hoewel we niet tot een overeenstemming kwamen, hebben we toch een aantal zaken op papier gezet om de overlast te beperken. Zo zullen alle activiteiten op de binnenplaats plaatsvinden, zodat de overlast wordt beperkt.’

Verder vindt hij dat ondernemers uit de regio vooral zelf moeten kijken op welke manier ze van het Pauperparadijs kunnen profiteren. ‘Waar wij kunnen faciliteren, doen we dat. Maar de ondernemers moeten vooral zelf aan de slag. Het Pauperparadijs biedt grote mogelijkheden voor de ondernemers en ik heb er vertrouwen in dat de ondernemers die mogelijkheden zullen herkennen.’

In totaal zullen er vijftig voorstellingen plaatsvinden komende zomer.