Hamerstukken week 15 “16

– Noordenveld kreeg bericht van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties over te verrekenen neveninkomsten politieke ambtsdragers 2015 en 2016. Het Ministerie heeft een applicatie waar de gegevens van alle (voormalige) politieke ambtsdragers ingevoerd zijn door P&O. De (voormalig) burgemeester en de wethouders hebben zelf deze gegevens gecontroleerd en aangevuld. De applicatie geeft vervolgens een advies per politieke ambtsdrager. Over die adviezen moet het college een besluit nemen. Voor de (voormalig) burgemeester is de verrekenplicht wel van toepassing, op basis van de opgaven hoeft echter geen verrekening plaats te vinden. Voor de wethouders in Noordenveld is de verrekenplicht niet van toepassing omdat zij in deeltijd werken.
– in 1988 heeft de toenmalige gemeente Roden een perceel verkocht aan de heer Willems, Dit ten behoeve van de bouw van een bedrijfspand. Later- na realisatie – is aan Willems ten behoeve van eventuele uitbreidingen en de bouw van een bedrijfswoning nog een tweede perceel verkocht. Aan de eerste verkoop zijn geen bijzondere voorwaarden gekoppeld. Maar aan de tweede transactie zijn enkele bepalingen uit de Algemene Gronduitgiftevoorwaarden verbonden, terwijl tevens een kettingbeding is opgenomen waardoor deze bepalingen moeten worden opgelegd aan opvolgende verkrijgers. Hiervoor is waarschijnlijk toen gekozen om zeker te stellen dat de grond zou worden gebruikt voor het doel waarvoor ze was gekocht: de bouw van een bedrijfswoning en niet voor speculatieve doelen. Inmiddels echter is de situatie ingrijpend veranderd en staan de opgelegde bepalingen een goede herontwikkeling van het perceel in de weg. Het college van Noordenveld ziet geen reden waarom de gemeente nog langer zou willen vasthouden aan de opgelegde bepalingen. Daarom is Noordenveld van plan afstand te doen van deze rechten. Notaris Herman Holland is daar over ingelicht.
– Noordenveld stemt vooreerst in met het voorontwerpbestemmingplan ‘Locatie Rottinghuis Nietap’ onder de voorwaarde dat de gevraagde aanpassingen vanuit de gemeente goed zijn verwerkt of nog worden verwerkt voor het opstellen van het definitieve ontwerpbestemmingsplan. De formele bestemmingsplanprocedure wordt opgestart nadat het college heeft ingestemd met het ontwerpbestemmingplan en de anterieure overeenkomst door betrokken partijen is ondertekend.