Handig doosje

Momenteel is het weer er waarschijnlijk niet naar om deuren of schuifpuien wijd open te zetten, maar bij wat hogere temperaturen gebeurt dat bij menigeen. Dan is het verstandig dat je gebruik maakt van horren om te voorkomen dat er insecten naar binnen vliegen. Zo verstandig ben ik zelf (nog) niet, met als gevolg dat er regelmatig beestjes, groot en klein, onuitgenodigd op bezoek komen. Een vliegenmepper kan uitkomst bieden, maar veroorzaakt viezigheid op de ramen en bovendien zijn er veel insecten bij die je liever spaart.

Door de jaren heen heb ik er al heel wat zien langskomen, zoals bijvoorbeeld de Blauwe glazenmaker. Dat is een grote libel die best behoorlijk wat herrie maakt  als hij eenmaal binnen weer een weg naar buiten zoekt. Meestal lukt dat wel, maar soms moet je hem (of haar) er een beetje bij begeleiden. Soms, als ze even rustig zitten, pak ik ze wel bij de vleugels en zet ze naar buiten. Bij waterjuffers gaat dat gemakkelijker, want die hebben opgevouwen vleugels. Die pak je dan tussen wijsvinger en duim. Bij libellen zijn ze gespreid en dus is dat iets lastiger. Uiteraard moet je dat voorzichtig doen om te voorkomen dat de vleugels worden beschadigd. Dat geldt ook voor binnen verzeilde vlinders. Vaak zijn dat nachtvlinders die ’s avonds als er nog gelucht wordt op een al ontstoken lamp afkomen. Voordat ze naar buiten worden gezet is het nog wel even zaak ze van een naam te voorzien. Er zijn nogal wat nachtvlinders en daarvan heb ik er al tientallen op bezoek gehad. Mooie namen hebben ze vaak. Je zal maar een Hyena in huis krijgen! Dat klinkt gevaarlijk, maar het is maar een klein vlindertje dat tot de groep van de uilen behoort. Heel wat onschuldiger klinkt het als je het hebt over de Lieveling. Dat is een fraaie soort uit de grote groep van de spanners.

Vlinders vang ik een glazen potje waarin ze zich goed laten bekijken. Zo’n potje zet je over de vlinder, waarna je tussen raam (of een ander oppervlak) en potje een papiertje schuift zodat de vlinder niet kan ontsnappen. Dat kun je ook doen met andere insecten, maar als het gaat om dikke (brom)vliegen, hommels, wespen, bijen enzovoorts gebruik ik een groot formaat luciferdoos. Die schuif je voor de helft open, plaatst het open gedeelte over het te vangen insect, waarna je hem langzaam dichtschuift. Dat werkt perfect en geeft geen geklieder. Buiten schuif je het doosje weer open waarna ze het luchtruim hervinden. Nou zeg ik er wel eerlijk bij dat ik dat niet bij alle insecten doe, want er zijn erbij waar ik zo de schurft aan heb dat ik ze liever doodmep. Alle bloeddorstige soorten zoals horzels, dazen en muggen kunnen niet rekenen op clementie. Die mep ik zonder mededogen dood. Dan maar een paar vlekjes wegwerken.

Steeds meer Dassen

Van de Das is bekend dat ze slecht zien, maar daar staat tegenover dat ze over een uitstekend gehoor beschikken en zeer goed kunnen ruiken. Ik heb wel eens gehoord dat mensen die Dassen willen spotten en bij een burcht postvatten ze toch niet krijgen te zien. Dan hebben ze toch door dat er iets is dat op gevaar duidt en blijven ze liever lekker thuis. De kans om ze in de natuur te treffen is dan ook zeer klein. Het overkwam Virry Schaafsma uit Roderwolde een keer bij de Kleibos op een ochtend toen ze mij verving bij een vogelinventarisatie. Die had ik toen graag zelf willen scoren! Maar zie, laatst moest ik ’s morgens vroeg vogels inventariseren waarbij ik werd geassisteerd door Marleen Riegman uit Peize. Plotseling wees ze naar iets en dat bleek een Das te zijn die op pakweg 15 meter afstand liep, steeds dichterbij kwam en ons pas doorhad toen hij op slechts twee meter afstand was en er toen vandoor ging. Niet ver daarvandaan – het kan steeds mooier –  zag (biologisch) melkveehouder Peter Oosterhof uit Foxwolde zelfs een hele familie op zijn land lopen. Er was zelfs tijd partner Marieke te waarschuwen om deze zeldzame gebeurtenis te showen. En er zijn al meer (sporen van) Dassen in de buurt gesignaleerd. Afgelopen zondag zag ik een andere marterachtige, de kleinste. Vanuit de tuin kwam een Wezel doodgemoedereerd het terras oplopen, scharrelde er even rond en verdween weer.