Herdenking einde Tweede Wereldoorlog in Marum

MARUM – In 2014 werd de herdenking van het einde van de Tweede Wereldoorlog in Indië voor het eerst herdacht. Tijdens de bewogen bijeenkomst bleek er behoefte om dit niet eenmalig te laten zijn. Daarom zal op 15 augustus opnieuw stil worden gestaan bij de herdenking van het einde van de oorlog in Indië die voor velen overigens pas in 1958 ophield, met verhalen, video en tekeningen van het voormalig Nederlands Indië in die tijd. De bijeenkomst in de Romaanse kerk begint om 19.00 uur en er is gelegenheid om bloemen en kransen te leggen. ’s Avonds zal er een voordracht zijn over die tijd in Indië. Toen Nederland op 5 mei 1945 bevrijd werd, was er voor de inwoners van voormalig Nederlands Indië echter nog geen uitzicht op een bevrijding van de Japanse bezetting. De druk van de Japanse overheersing voor alle inwoners van dat land en de landen er om heen is zeer zwaar. Op 4 mei gaat de aandacht van de (Nationale) herdenking vooral uit aar de gevolgen van de oorlog met nazi Duitsland. De feestelijke viering de dag er na is de herdenking van de bevrijding van de Nazi-bezetter in Nederland. Echter, de geschiedenis van de mensen met Indische oorlogsachtergrond is anders dat de activiteiten op 4 en 5 mei, die bij lange na niet bij de behoeften van deze groep aansluiten. Pas op 15 augustus 1945 capituleerde Japan in dit gebied en kwam er een einde aan de oorlog. Voor de mensen in onder meer Indië betekende dit nog niet dat er sprake was van een bevrijding. Omdat de geallieerden Indië nog niet binnen waren gekomen, kregen de Japanse militairen de opdracht de orde en rust te bewaren tot de geallieerden de macht in dat land over konden nemen. Twee dagen na de capitulatie van Japan, 17 augustus 1945, verklaarden een invloedrijke groep Indonesiërs onder druk van hun jonge achterban Indonesië onafhankelijk van zowel Japan als Nederland. Het gevolg was dat Indonesische strijdgroepen alles op alles zetten om wapens van het Japanse leger te pakken te krijgen, dit om te voorkomen dat de Nederlanders hun voormalige machtspositie terug zou nemen. De onafhankelijkheidsoorlog was een feit. Een oorlog die met geweld en moordpartijen gepaard ging. Veel van de zogenaamde buitenkampers en ex-kampers belandden in een concentratiekamp, nu onder regime van Indonesische ‘vrijheidsstrijders’ of werden op gruwelijke wijze vermoord. Uiteindelijk leidt deze oorlog op 27 december 1949 tot de onafhankelijkheid van Indonesië. Het gevolg hiervan was dat velen gedwongen werden te kiezen tussen Nederlander zijn of Indonesiër worden. Een keuze ook tussen blijven of vertrekken. In de jaren na 1945 tot 1958 worden zo’n 300.000 mensen noodgedwongen verscheept naar Nederland. Van hen zijn er velen nooit in Nederland geweest. Hun ‘roots’ liggen in Indië. Ondanks hun dramatische oorlogsgeschiedenis, wordt het deze mensen duidelijk gemaakt dat er voor hun trauma’s en ervaringen geen plaats is in Nederland dat net een eigen oorlog achter de rug had. Er was geen ruimte voor de verhalen over de ‘verre’ Aziatische oorlog. Het einde van de Tweede Wereldoorlog luidde voor deze groep mensen geen periode van herstel in, maar mankeerde het voortschrijdende verlies van have en goed en men verloor status en geboorteland. Met andere woorden: een compleet verlies van een manier van leven, cultuur en identiteit. Het enige dat overbleef voor de betrokkenen was zonder protest en geluidloos aanpassen aan de cultuur en manier van leven in het nieuwe land, hun ‘moederland’. Elk jaar worden op 15 augustus de ingrijpende gebeurtenissen van de Japanse overheersing en de daarop volgende vrijheidsstrijd van Indonesië herdacht in gezelschap van familie en personen met dezelfde achtergrond.