‘Het is niet vijf voor twaalf, maar vijf over twaalf’

Roner horecaondernemers luiden de noodklok

RODEN – De boodschap van Roner horecaondernemers laat weinig aan de verbeelding over. Deze maandag bood Bart de Vries van Het Wapen van Drenthe namens de horecaondernemers een lege spaarpot aan wethouder Henk Kosters aan. De Vries hoopt, samen met de overige ondernemers, dat het college van burgemeester en wethouders zijn uiterste best zal doen om de horeca tegemoet te komen. Dat ook het college hierin vrij machteloos staat, is duidelijk. ‘Maar we willen de noodklok luiden. Het is niet voor vijf voor twaalf, maar inmiddels zelfs vijf over twaalf.’

De ondernemers uit Roden geven met de actie gehoor aan de oproep van de Koninklijke Horeca Nederland. Zij riep ondernemers op de noodklok te luiden en zo aandacht te vragen voor de nijpende situatie waar vele ondernemers in verkeren. Volgens de KHN zijn er genoeg maatregelen om op een verantwoorde wijze open te kunnen gaan. Het protest, waar landelijk aandacht voor is, kreeg de naam ‘Black Monday’. Een knipoog naar Black Friday, waarbij de winkelstraten in grote steden veelal uitpuilden. Tijdens Black Monday is landelijk aangevraagd voor de opheffingsuitverkoop van vele restaurants en kroegen, die financiële steun verlangen en perspectief willen hebben.

Bart de Vries is als eigenaar van Het Wapen van Drenthe één dan drijvende krachten achter de Black Monday-actie in Roden. In totaal verlenen zo’n vijftien horecabedrijven uit Roden hun steun aan het idee. ‘Toen deze actie werd aangekondigd, hebben we meteen gekeken of we dat ook in Roden kunnen organiseren’, zegt De Vries, die niet blij is met de manier waarop er nu met de horeca wordt om gegaan. ‘Er wordt gesproken over extra steun en over een eventuele heropening, maar het is allemaal nog erg vaag. We weten totaal niet waar we aan toe zijn. Het is nog steeds afwachten.’

Binnen de horeca wereld gingen dan ook stemmen op om medio januari gewoon weer open te gaan. ‘Daar ben ik geen voorstander van’, zegt De Vries. ‘Maar ik snap waarom men dit wil. Wij zijn maar deels dicht, want we hebben het hotel nog. Maar ondernemers die een kroeg hebben, missen iedere vorm van inkomsten. Ondertussen zagen we de laatste tijd hoe winkelstraten in de steden uitpuilden.’

De mogelijkheid dat er weer nieuwe steunmaatregelen komen voor de horeca, zet volgens De Vries geen zoden aan de dijk. ‘Daar wordt inderdaad over gesproken, maar er wordt zoveel gezegd. Op den duur weet je het gewoon niet meer. Inmiddels is het voor ondernemers niet vijf voor twaalf, maar vijf over twaalf. Daarom luiden wij nu de noodklok. Als dit namelijk zo doorgaat, zien we over een tijdje een heel ander Roden. Dan gaan er heel veel bedrijven kapot.’

De Vries bood wethouder Henk Kosters een lage spaarpot aan, als symbool voor de bodem van de spaarpot die bij menig ondernemer al lang bereikt is. Verder vroeg De Vries Kosters om, in hoeverre dag mogelijk is, een lobby te voeren richting Den Haag. ‘Om op die manier onze problematiek aan de kaak te stellen.’

Wethouder Kosters gaf aan de benarde positie van de ondernemers te begrijpen. ‘Ik werk dan ook graag mee aan deze ludieke actie. Horecaondernemers krijgen het steeds moeilijker. Ze mogen niks, terwijl andere winkels gewoon open mogen blijven. Soms is het niet meer uit te leggen’, stelde hij.

Kosters had dan ook begrip voor de actie van de ondernemers, met wie de gemeente volgens hem goed contact heeft. ‘Wij roepen ondernemers met problemen dan ook van harte op om zich te melden wanneer ze ergens tegen aan lopen’, aldus Kosters. ‘Als er wat is, kan men aan de bel trekken.’

Wel wist Kosters de verwachtingen een beetje te temperen. ‘We gaan zeker kijken wat we als gemeente kunnen doen, onze invloed blijft natuurlijk beperkt. We blijven afhankelijk van wat men landelijk besluit.’

Ondernemers hebben vanuit de Koninklijke Horeca Nederland een poster ontvangen die zij voor de ramen kunnen plakken. Hiermee hopen de ondernemers voorbijgangers en mensen die eten komen afhalen bewust te maken van de problematiek binnen de horeca. ‘Uiteindelijk willen we vooral dat we meer perspectief krijgen’, zegt De Vries. ‘De bodem is voor iedere horecaondernemer in zicht. Wanneer kunnen we weer bezig?’