‘Het lijkt wel of we het troetelproject van Alteveer waren’

PlekZat gaat verhuizen naar Tolbert

ALTEVEER – Op een stuk of wat kastjes, tafels en stoelen na is de boel leeg in Alteveer. Voor die spullen zoeken Henk en Dian Achterberg nog een nieuwe eigenaar. Na bijna acht jaar verlaten ‘papa en mama beer’ en de koters hun zo geliefde buurtschap. Stichting PlekZat verhuist naar Tolbert. Naar een nieuw te bouwen stulpje aan het Sintmapark. In de tussentijd huist tutta la famiglia op De Dam in Leek, in een riante woning van een oud-huisarts, tegenover het witte kerkje. We spreken Henk en Dian, onder het genot van koffie in de zon, nog één keer bij PlekZat aan de Melkweg. “Het lijkt wel of we het troetelproject van Alteveer waren.”

De rust, de ruimte en de buurt gaan Henk (64) en Dian (47) Achterberg zeker missen. Het pand waarin ze gehuisvest waren in mindere mate, dat is oud en versleten. Maar de plek? Onbetaalbaar. Op vijf juni in 2012 streek het stel neer in Alteveer, samen met ‘hun’ toen nog zeven kinderen. PlekZat vangt kinderen op die vanwege gedragsproblematiek en problemen thuis nergens anders meer terecht kunnen. Binnen een half jaar werden dat er twaalf, nog iets later zestien. “Als iemand vraagt om hulp en je hebt plek zat zeg je geen nee”, begint Henk Achterberg. “En in het weekend kwamen daar nog eens 21 kinderen bij. De ‘logeerweekenden’, zoals we die noemen waren ongelofelijk populair. 52 keer per jaar. We hadden een vaste club kinderen die ieder weekend bij ons kwamen om hun ouders en andere gezinsleden te ontlasten. Een mooie tijd. Gezellig druk. De kinderen vonden het fantastisch. Er was altijd wel iemand om te voetballen.” Dian: “Vaak vroegen ze maandag al: ‘wat gaan we doen in het weekend?’ Terwijl wij nog languit lagen van vermoeidheid.”

De kinderen die bij PlekZat terecht komen, hebben meestal een lange weg van verhuizingen en overplaatsingen achter de rug. De problematiek van deze kinderen is complex en in veel gevallen heftig. “Je wordt niet zomaar uit huis geplaatst. Daar gaat heel wat leed aan vooraf. De meeste kinderen die hier komen zijn beschadigd”, weet Henk die zich samen met Dian over hen ontfermt, al zijn het hun eigen kinderen. “Wij zijn niet de vader en moeder, laat ik dat voorop stellen. Dat hebben we ons altijd goed gerealiseerd. We noemen ons zelf wel eens ‘papa en mama beer’. Hier gaat het nagenoeg  altijd goed met de kinderen. Op de een of andere manier is hier iets waardoor ze zich gemakkelijk kunnen aanpassen. Hier ben je niet bijzonder. Je zit allemaal in hetzelfde schuitje. Er ontstonden mooie gespreken tussen de kinderen. Hier zijn vriendschappen gesloten. En voor ons geldt ook: je bouwt een band op met de kinderen. Je kunt niet alleen iets professioneel en zakelijk oplossen. Ook als wij verdrietig zijn zien ze dat. We zijn een beetje een uit de kluiten gewassen gezin. Lopen rond in pyjama en eten samen chips op de bank.”

Henk en Dian proberen altijd contact te houden met de ouders van de kinderen. Niet altijd een heel gemakkelijke opgave gezien de doelgroep, erkent Dian. “Veel van onze kinderen zijn niet opgegroeid in een veilige omgeving. Enkele van hen zijn verslaafd geboren. Hebben veel ellende meegemaakt. En toch hebben kinderen een grenzeloze loyaliteit naar hun ouders. Je mag een kind nooit in een situatie plaatsen dat het moet kiezen. Ouders moeten het ermee eens zijn dat ze hier zijn. Er is altijd plek onder onze vleugels. Je mag hier komen wonen, maar het moet niet.”

Troetelproject

Bijna hebben ze de 8 jaar volgemaakt in Alteveer. “Ik weet nog goed toen we hier kwamen. We zijn met open armen ontvangen door de buurt. We hebben weleens gedacht: het lijkt wel of we het troetelproject van Alteveer zijn. De buurt, de locatie en de rust gaan we enorm missen. Dit is echt uniek. Het pand is op helaas. Er moet veel gebeuren, wil je het weer bij de tijd brengen. Alles is verouderd. Niet dat dat de hoofdreden is om te verhuizen. We willen terug naar een kleinere groep. Het pand is veel te groot geworden. We zijn al jaren aan het afbouwen. Nemen geen nieuwe kinderen meer aan. Henk wil graag ook nog met pensioen.”

De meeste kinderen gaan, als hun PlekZat-tijd erop zit, door naar een andere stichting waar 24 uur begeleiding is. Een enkeling is in staat om met begeleiding op de achtergrond zelfstandig te wonen. Dian heeft ook weleens iemand bij de deuren van jeugdgevangenis ‘Het Poortje’ afgezet omdat –ie ondanks de vele waarschuwingen toch meende het dievenpad op te moeten gaan. “Ook dat is voorgekomen. Gelukkig niet vaak. We zetten zoveel mogelijk in op zelfredzaamheid. We hopen dat de kinderen uiteindelijk uit die zorgsector komen. Wat heb je nodig om het in de maatschappij te redden? Daar kijken we naar. Werk, koken, de was doen, rekeningen betalen. Al dat soort dingen proberen we ze bij te brengen. Ook het halen van een rijbewijs hoort daarbij. Dat vergroot de kans op betaald werk. We proberen het maximale eruit te halen: wat kun je wel? Waar liggen de kansen? Zo hebben we al eens iemand bij een houthandel geplaatst. Die bloeide helemaal op, zó mooi, vond –ie het. Het is belangrijk om een succeservaring te hebben.”

Ingewikkelde mix

Dat dat nog best wat energie vergt, lijkt logisch wanneer Dian vertelt over de doelgroep. “De kinderen die hier wonen hebben een complexe diagnostiek. Ze hebben een cognitieve achterstand, zijn afgewezen op hun gedrag, hebben hechtingsproblematiek, zijn autistisch, (in sommige gevallen) verslaafd geboren en beschadigd door alles wat ze in hun jonge leven al hebben meegemaakt. Ga dat door elkaar roeren en je hebt een heel ingewikkelde mix. Ze zijn overal afgewezen omdat ze niet binnen de doelgroep passen. Wanneer een kind PlekZat verlaat, hangt helemaal af van het kind zelf. “Soms is iemand met 16 klaar, willen ze zich niet meer laten begeleiden. Maar we hebben ze ook van begin twintig gehad. Die vonden het heerlijk hier. Waar ik voeldoening uithaal? Als ik zie dat een kind doorgroeit, zelfstandig is met een beetje hulp op de achtergrond.”

Op Dam dag heeft het uit de kluiten gewassen gezin de beschikking over een riante woning met besloten binnentuin op De Dam. Dat maakt dat aanloopkat ‘Vlooiebak’ ook mee kan verkassen. De bedoeling is medio september naar Tolbert te verhuizen waar aan het Sintmapark hun nieuwe woning moet verrijzen. “We gaan van 1500 vierkante meter naar 350. Dan weet jij wel wat we op moesten ruimen. De kinderen hebben ons daar heel goed bij geholpen. De volgende verhuizing wordt een eitje.” Toch nog heel even over de coronacrisis. Die hakt er flink in bij Dian en Henk. Hadden ze eerder nog een paar spaarzame uurtjes samen, zijn die nu helemaal verdwenen door de sluiting van de scholen. “Een verhuizing met zes cliënten om je heen is niet heel gemakkelijk. Zes meningen over hoe de bank moet komen te staan. Je hebt momenten nodig om even bij te tanken. Die zijn er nu niet. Dat is pittig.” Ook de leiding bij PlekZat is afgebouwd. “Op een gegeven moment houdt PlekZat op. Op de nieuwe locatie komt geen bord meer te hangen. We worden steeds meer een gezin. Gaan richting normaler.”

Of het stel nog een droom heeft, willen we tot slot weten. Henk is kort: “Samen oud worden wordt hem niet. We verschillen 17 jaar. Maar een weekje samen weg zou héél mooi zijn.” Dian schiet in de lach. “Als we een keer zeggen ‘we gaan een weekend weg’, roepen de kinderen: ‘waar gaan we heen?’ Ze gaan er automatisch vanuit dat ze mee gaan. In hun ogen werken wij niet. Wij hebben geen baan.”