Hockey in Roden, hoe lang nog?

Continuïteit in groot gevaar
RODEN – Hockey in Roden, hoe lang nog? Niet dat er ineens minder belangstelling is voor de sport, wél vanwege een ernstig conflict tussen MHC Roden enerzijds en de Stichting Kunstgrasveld Hockey Roden anderzijds. De club wil beide velden en het clubhuis onderbrengen in een nieuwe stichting – Stichting Sportcomplex Noordenveld-, maar de ‘oude’ stichting wenst daar niet aan mee te werken. De stichting wil geld van de club en ondernam ondertussen al juridische stappen richting MHC Roden. Ondertussen probeerde wethouder Gerrit Alssema, hoewel de gemeente dus geen partij is, beide partijen om tafel te krijgen en dit al jaren spelende conflict op te lossen. Tevergeefs.

Wethouder Alssema tikte vrijdag 21 oktober nog maar een mail richting zowel club-  als stichtingsbestuur. ‘We hebben de afgelopen periode apart van elkaar gesprekken gevoerd over het conflict, met als doel om tot een oplossing te komen. Wij als gemeente zijn geen partij, maar willen wel helpen bij het oplossen van het conflict om zo de toekomst van de hockeysport in de gemeente te garanderen. Tijdens onze gesprekken heb ik een bemiddelingsvoorstel gedaan. Beide partijen hebben gereageerd. Voorwaarden zijn wel dat de vervolggesprekken plaatsvinden met andere mensen (namens MHC Roden was ex-voorzitter Gerbrant Fennema al bereid gevonden), dat alle afspraken worden gerespecteerd en dat juridische acties worden stopgezet. Ook daar hadden jullie geen problemen mee. Tot mijn grote teleurstelling hebben jullie echter niet voldaan aan de voorwaarden (de juridische actie van de stichting jegens club lopen nog, red).  Ik heb daarom nagedacht over het wel of niet doorgaan met de bemiddelingspoging. Mijn verstand zegt dat ik zou willen stoppen, mijn gevoel zegt dat ik door moet gaan. De gesprekken die we hebben gehad bieden namelijk voldoende aanknopingspunten voor een oplossing.’ Was getekend: wethouder Gerrit Alssema. Zijn mail kon gezien worden als ultieme poging om MHC Roden en de hockeysport in Roden en Noordenveld van de ondergang te redden. Kon, want ondertussen heeft de wethouder laten weten zijn lijmpoging te staken.

MHC Roden pakte de handschoen op en schreef in aanloop naar een in allerijl uitgeschreven ledenvergadering op de website een tekst over het geschil tussen club en stichting. Die tekst, ook gemaild naar leden, viel echter weer in totaal verkeerde aarde bij de stichting, die dus niet met de club om tafel wil. Een oplossing lijkt daardoor verder weg dan ooit. De stichting beticht de club, en zeker de voorzitter, van het doen van negatieve uitlatingen over (bestuursleden van) de stichting. En dus leggen zij nu ook hun kaarten op tafel. ‘Wij zijn eigenaar van kunstgrasveld 1 en hebben eind 2008 een overeenkomst gesloten met de club en de gemeente op basis waarvan de gemeente tot 2020 een onderhoudsvergoeding voldoet van jaarlijks negenduizend euro. Deze bijdrage betaalt de gemeente aan de club, die het vervolgens moet doorbetalen aan de stichting als de helft van de huur voor het gebruik van kunstgrasveld 1. Met dat geld worden de eerder door de stichting gedane investeringen in de loop der jaren terugbetaald, wordt geld gereserveerd om onderhoud te kunnen plegen en om in de toekomst een nieuw kunstgrasveld aan te kunnen leggen’, zo laat de stichting weten. ‘ Volgens de stichting heeft het een huurovereenkomst gesloten voor het gebruik van veld 1 met een huurprijs van 18.000 euro per jaar, waarvan de gemeente dus de helft vergoedt. MHC Roden kent de overeenkomst maar zegt dat het nooit getekend heeft en dat de overeenkomst dus niet rechtsgeldig is. En dus is er van een contract geen sprake en zegde de club de huur per 1 juli 2016 op. Ondertussen bleef en blijft de club wel gebruikmaken van het veld, dat dus niet van de club is, en krijgt het ook de vergoeding van de gemeente. De stichting stelt dat dit standpunt niet deugt en heeft dit juridisch laten toetsen. Volgens de stichting heeft de club over het afgelopen seizoen geen huur betaald en had dit voor 1 december 2015 betaald moeten zijn. Bovendien was er nog een restantschuld. En dus is er nu volgens de stichting een huurachterstand van 30.000 euro. Tijdens een ledenvergadering in 2014 begon de ellende, toen een aantal ouders van leden -statutair dus niet eens bevoegd- een soort van motie van wantrouwens richting de stichting indiende. Gebrek aan transparantie was slechts één van de verwijten die de bestuursleden van de stichting te horen kregen. En dus zou het voor de club beter zijn de sport en de accommodatie te scheiden en een nieuwe stichting op te richten, waarin de twee velden en het clubhuis gestald zouden worden. Die nieuwe stichting kwam er, in december 2015. Eerder dat jaar liet de ‘oude’ stichting weten in principe mee te willen werken, mits er een solide financiële onderbouwing zou zijn. En die is er in de ogen van de stichting niet. En dus zal kunstgrasveld 1 voorlopig niet in de nieuwe stichting ondergebracht worden. Saillant detail is verder dat de huidige voorzitter van MHC Roden ook voorzitter is van de nieuw opgerichte stichting.

‘Wij hebben’, zo laat de stichting weten, ‘ vragen gesteld over de financiële gang van zaken. In onze visie is daar niet deugdelijk op geantwoord. Bovendien heeft de club geen gehoor gegeven aan betalingsverzoeken van achterstallige huur. Ons restte vervolgens niets anders dan de gang naar de rechter. Als bestuursleden van de stichting hebben wij deze beslissing moeten nemen vanwege de opstelling van de voorzitter van de hockeyclub. Wij betreuren dit, maar hadden geen andere keuze. Zolang deze meneer voorzitter is, komen wij niet naar de ledenvergadering. Tijdens een vorige vergadering is ons de mond gesnoerd en de wijze waarop over ons wordt gecommuniceerd, achten wij fundamenteel onjuist. Wij wachten eerst het vonnis van de rechter af zolang de huurschuld niet is voldaan en zolang deze voorzitter nog op zijn plek zit.’

En daarmee lijkt, de goede bedoelingen van Alssema ten spijt, de boel op slot te zitten. Een veroordeling van de hockeyclub zou het einde van de club betekenen. Zonder twijfel. Financieel ging het de laatste jaren al minder, terwijl ook het ledenaantal daalde. Een leek zou de houding van de stichting star kunnen noemen. Zij wensen zich echter te houden aan de statuten. Doen ze dat namelijk niet, kan dat de bestuursleden privé duur komen te staan. De hockeyclub wil met een nieuwe stichting een nieuwe weg inslaan. Naar de toekomst kijken. Eerder dit jaar nog liet de stichting weten de statuten na te leven in het belang van club en leden. Fusie en het inbrengen van de reserves (geld dus) is pas aan de orde als zij zeker weten dat de gelden goed terechtkomen. Ook vroeg de stichting zich al af of de club überhaupt wel twee velden kan permitteren én houdt het zich, concluderend, vast aan de door gemeente, club en stichting gemaakte overeenkomst. En die loopt tot 2020. ‘De stichting wil niet aanschuiven voor overleg met de club. Dat betekent dat ik mijn pogingen om te bemiddelen staak. Bemiddeling heeft slechts zin als beide partijen met elkaar om tafel willen’, zegt wethouder Alssema.