‘Ik zie mezelf eigenlijk nergens anders voetballen, maar het gaat wel gebeuren’

Joris Adams verlaat de club waar hij is grootgebracht en gaat profvoetbaldroom achterna

NORG – Hij moet nog achttien worden, maar heeft al zoveel indruk gemaakt in het eerste elftal van GOMOS, dat hij komend seizoen de clubkleuren van FC Emmen verdedigt. Joris Adams – sinds zijn vierde speler in het geel-zwart – speelt vanaf de zomer in het oudste jeugdelftal van de betaald voetbalclub. Het doel is helder: debuteren in het eerste van de huidige Eredivisionist. ‘Daar gaan we alles aan doen. Volle bak geven.’

Geen spoor van twijfel bij de pas zeventienjarige Joris. De mbo-student Persoonlijk Begeleider Specifieke Doelgroep ziet zijn overstap naar Emmen wel zitten. ‘Begin februari werd ik gebeld op het werk’, zegt Joris, die in de bediening van restaurant Tafel 20 werkt. ‘Meestal neem ik niet op, maar het was rustig en Maikel (eigenaar, red.) zei dat het wel even kon. Toen bleek dat ik Frank Veldwijk aan de telefoon had. Hij vroeg mij of ik een aantal proeftrainingen wilde afleggen.’ Joris was onder de indruk van het niveau van die trainingen. ‘De techniek en handelingssnelheid is van een hoger niveau. De Onder 19 van Emmen speelt eerste divisie en dat merk je.’
Zijn debuut in het eerste maakte Joris daags voor zijn zestiende verjaardag en sindsdien houdt men hem in de gaten. De jongeling heeft zijn achternaam dan ook mee. In het allereerste interview dat hij gaf, begon RTV Drenthe verslaggever Niels Dijkhuizen al over zijn vader. Michiel Adams (1973) speelde tot zijn 24ste bij GOMOS, toen plotseling BV Veendam op de deur klopte. Adams vertrok richting Oost-Groningen en speelde later nog bij SV Meppen en VFB Oldenburg. Hij is nog steeds een bekende in het amateurvoetbal en de naam ‘Adams’ doet dus bij velen een belletje rinkelen.

De enige zoon van Michiel staat nu dus aan de vooravond van een vertrek richting Zuid-Drenthe. In zijn ouderlijk huis in Norg straalt Joris veel zelfvertrouwen uit. Over zijn talent valt niet te twisten. Zijn teamgenoten zien de toegevoegde waarde van het ‘kind van de club’, die op zijn twaalfde al werd gescout door FC Groningen. ‘Ik zat twaalf weken bij FC Groningen, maar toen wilde ik gewoon lekker ballen. Ik was ook wat te bleu. Dat is nu niet meer zo. Ik kan veel beter voor mezelf opkomen.’
Na zijn debuut – nu al twee jaar geleden – heeft Joris deels in het eerste en deels in de A1 gezeten. Vorig seizoen maakte hij veel minuten en greep hij met GOMOS het kampioenschap in de tweede klasse. Een persoonlijk hoogtepunt beleefde hij uit bij Stadspark, waar hij in de kampioenskraker (GOMOS won met 1-3) de openingstreffer maakte. ‘Ik kwam er op het goede moment bij. We hebben een goede ploeg en dan gaat je eigen niveau ook omhoog’, zegt Joris. ‘Wim Bakering heeft zeker ook een positieve invloed op mij gehad. Maar ook jongens als Ronald Sloots – die zelf ook nog in de jeugd bij FC Emmen speelde – hebben dat gehad. Ik heb me de afgelopen jaren goed kunnen ontwikkelen. En het is ook gewoon leuk. Kijk maar naar de groep: iedereen kan het goed met elkaar vinden. En ik denk dat je je dan ook beter ontwikkeld.’

Vanaf zijn vierde speelt Joris bij de plaatselijke voetbalvereniging. Dat hij na dit seizoen niet meer wekelijks richting sportpark Schapendrift zal fietsen, maakt hem enigszins melancholisch. ‘Eigenlijk kan ik mezelf nergens anders zien spelen dan bij GOMOS. Maar het gaat wel gebeuren. Ik heb zeker lang getwijfeld, maar ik wist ook: ik moet deze kans grijpen. Dat gaf mijn vader ook aan. Deze kans krijg je niet weer.’ Dat GOMOS tegenwoordig twee klassen hoger speelt dan op het moment dat Joris debuteerde, vergemakkelijkte zijn keuze niet. ‘Het was eenvoudiger geweest als we nog derde klasse hadden gespeeld. Nu spelen we écht hoog niveau. Dat merk ik wekelijks. We zijn écht goed.’

Vorige week dinsdag maakte Joris tegenover zijn huidige medespelers bekend dat hij zou vertrekken. ‘De jongens zijn heel blij voor mij’, zegt hij. ‘Ze gunnen het mij stuk voor stuk. En natuurlijk krijg je een paar opmerkingen, dat hoort er ook bij. Maar iedereen is blij voor me.’

Bang dat de spelvreugde bij FC Emmen minder groot zal zijn, is Joris niet. ‘Ik zal vast even moeten wennen aan de nieuwe situatie. Vier keer in de week trainen, telkens met de auto op en neer. Maar ik zie er niet tegenop. Ik heb er juist zin in.’ Een nadeel is echter het ontbreken van een rijbewijs. ‘Daar zeg je me wat’, lacht Joris. ‘Had ik nog niet eens over nagedacht. Ach, ik vind vast wel iemand die me wil brengen en halen. De busverbinding is helaas niet heel best. Zijn er trouwens niet van die spoedcursussen waarmee je binnen twee weken je rijbewijs kan halen?’

Venlo-uit
De uitwedstrijden zullen Joris naar hele andere oorden brengen dan Bergum, Barger-Oosterveld en Nieuw-Buinen. Volgend jaar staan wedstrijden bij PEC Zwolle, Go Ahead Eagles, Roda en wellicht zelfs VVV Venlo (‘wat een roteind’) op het menu. Na dit seizoen is Joris op zondagen ‘gewoon’ vrij. Zaterdags is dan matchday. Even met zijn vrienden op stap in Groningen zit er dan niet meer in. ‘Eigenlijk mag ik ook nog geen bier hè’, lacht hij. ‘Nee, maar dat is wel voorbij. Geen bier en bitterballen na de wedstrijd. Maar dat kan me ook niet schelen. Ik wil dit graag. Voetbal is het allermooiste wat er is en als je daar later je beroep van kan maken, dan moet alles daarvoor wijken. Ik ga er honderd procent voor.’

Op tien

Het allerliefst speelt Joris ‘op tien’. Achter de spitsen dus. ‘Bij Emmen zou ik daar het liefste ook komen te staan. Ik heb nog niet van ze gehoord dat ze me op een andere positie willen neerzetten. Rechtsback? Haha, daar mis ik de snelheid voor denk ik.’ Trainer Bakering zet Joris nog wel eens in de spits, de positie waar zijn vader vroeger fantastisch uit de voeten kon. ‘Dat is niet mijn favoriete positie. Doe mij maar gewoon achter de spitsen.’

Overigens merkt Joris dat er op fysiek vlak nog het één en ander te verbeteren valt. ‘Ik heb het geluk dat ik zelf vrij groot ben, maar tegenover de andere spelers van Emmen onder 19, ben ik vrij tenger. In de eerste klasse leer je meer gebruik te maken van je lichaam en ik kan beter tegen een stootje. Maar ik merk dat ik soms makkelijk wordt weggezet.’ Vandaar dat hij thuis bezig zal moeten met krachttraining. ‘Volgens mij krijg ik straks oefeningen mee om wat  sterker te worden’, zegt Joris, die verder beaamt dat ook zijn ‘linkerpootje’ een probleem is. ‘Ja, dat moet beter. Ik gaf tijdens een proeftraining een lange bal met links en zag die trainer kijken met een blik van: “wat hebben we nou weer in huis gehaald”. Ik denk dat ik in de zomer maar met een bal tegen het schuurtje ga trappen’, lacht Joris.

Uit de schaduw

Uiteindelijk hoopt Joris dat hij uit de schaduw van zijn vader gaat treden. Dat hij niet meer ‘de zoon van’ is, maar dat Michiel ‘de vader van’ wordt. ‘Ja, dat zou me prachtig lijken’, lacht het jonge talent hardop. ‘O, wat zal dat heerlijk zijn.’ Met een jongensachtige twinkeling in zijn ogen kijkt hij voor zich uit. ‘Hoe vaak ik te horen krijg: “ben jij de zoon van Michiel?”. Och man… Het zou toch prachtig zijn als dat straks andersom is?’. Daarnaast weet Joris dat hij in zijn vader een goed klankbord heeft. ‘Hij weet hoe het wereldje in elkaar steekt. In de auto terug naar huis sprak hij al over de praktische dingen die erbij komen kijken. Maar niet voordat hij zei dat hij trots op mij was. Dat doet je toch goed.’

Aan het eind laat Joris zich nog ontvallen dat hij hoopt op nacompetitie voor promotie. ‘Je weet nooit waar het schip strandt. Misschien halen we de nacompetitie nog. Zal je zien dat GOMOS volgend jaar hoofdklasse speelt.’ De jongeling lijkt in ieder geval gedreven om er een prachtige afscheidstournee van te maken. In de wedstrijd van afgelopen zondag tegen het Friese Bergum scoorde hij tweemaal. GOMOS gaat Adams nog missen…