Jan Postema, bestuurslid IJsvereniging Peize

‘Mocht het winterweer opeens losbarsten, dan zijn wij er als ijsvereniging helemaal klaar voor. De baan staat al onder water en het nodige onderhoud is al eerder gepleegd. In het voorjaar willen we nog met het clubgebouw aan de gang, maar dat is nog toekomstmuziek.
Ondanks het afgelopen coronajaar en het feit dat we de laatste jaren niet verwend zijn met het winterweer, zijn wij als bestuur aangenaam verrast dat we juist meer leden hebben gekregen het afgelopen jaar. Dat is mooi  om te zien, want voor een dorp als Peize is het belangrijk dat een dergelijke vereniging in stand wordt gehouden.
De klussen konden afgelopen jaar veelal doorgaan. Dat doen we immers als bestuur zoveel mogelijk zelf. Dat kan op afstand en zonder besmettingsgevaar. We bemensen met zeven personen het bestuur en hebben ruim negenhonderd leden. Een lidmaatschap gaat per gezin, dus we hebben nog veel meer potentiële leden. We zijn zeer blij dat dit goed in stand wordt gehouden en dat men er toch waarde aan hecht. Een lidmaatschap is gelukkig ook niet duur. Voor twee kaarten betaal je zes euro. Met het geld voor het lidmaatschap kunnen wij jaarlijks makkelijk uit. Onze financiële huishouding is dan ook op orde. In een periode als deze kijk je wat je als vereniging voor je leden kunt doen, maar dat is gewoon niet zoveel. Daar heb je je bij neer te leggen. We hebben wel eens nagedacht om bijvoorbeeld een uitje met jeugdleden naar een ijsbaan te regelen, maar dat is misschien nog eens iets voor later.
Vorig jaar lag er al een protocol voor de verschillende ijsverenigingen, mocht er weer op natuurijs worden geschaatst. De gemeente is echter voorzichtig en wil eerst de koppen bij elkaar steken, mocht het zover zijn. Dat valt natuurlijk te begrijpen. Je wil geen overhaaste beslissingen maken. Aan de andere kant is het voordeel van een ijsbaan dat je voldoende afstand kunt houden en dat je in de buitenlucht bent. Eerst maar even afwachten wat de komende tijd gaat brengen en hoe het virus zich ontwikkelt. Als we te zijner tijd weer open mogen, dan staan wij in ieder geval alweer te popelen. Het wordt hoog tijd dat we nog eens een mooie schaatswinter krijgen!’