Kleine kernen verenigen zich voor sneller internet

Lieveren Liever glasvezel

“Je moet je blik op de toekomst gericht houden”

LIEVEREN/NOORDENVELD – In de grotere kernen is de strijd al gestreden. Regelmatig liggen er de stoepen open om glasvezel ruim baan te gunnen. Kleinere kernen zijn voor de op winstgerichte providers niet interessant en die moeten het dus met hun trage internetlijntjes doen. Glasvezel leek voor hun een utopie, totdat de provincie Drenthe besloot de aanleg hiervan in deze dorpen te stimuleren. Inmiddels ontstaan er overal langzaamaan coöperaties die ook in de kleine kernen als Lieveren het snelle internet nodig maken. Deze koploper heeft en houdt de vaart erin.

Met nog geen driehonderd inwoners is het dorp voor één van de grote internetproviders niet interessant. Zij streven naar een terugverdientijd van zeven jaar voor de aanleg van glasvezel; een onmogelijke optie in Lieveren. Toch hebben de bewoners er wel oren naar. De subsidie die de provincie Drenthe nu beschikbaar stelt, stond dan ook al snel op de agenda. “In maart van dit jaar hebben we het er tijdens de jaarlijkse vergadering van Dorpsbelangen over gehad”, vertelt Henk Baas, inwoner van het dorp en lid van de speciaal opgerichte werkgroep Breedband Lieveren. “En eigenlijk waren we allemaal enthousiast.”

Baas noemt glasvezel dan ook een hele mooie ontwikkeling. “Zowel de zend- als ontvangsnelheid is gelijk aan elkaar. Je kunt met glasvezel enorm snel bestanden met hele hoge beeldkwaliteit versturen en zware programma’s veel sneller uitwisselen. Films of muziek kun je spelen zonder oponthoud en downloaden gaat in een fractie van de tijd die het nu in beslag neemt.” Zelf komt hij met een arbeidsverleden bij onder andere KPN uit de wereld van automatisering en weet hij als geen ander wat snel internet kan betekenen. Bijvoorbeeld de grote agrarische bedrijven, ook in Lieveren gevestigd, kunnen bijna niet meer zonder. “In deze wereld wordt er steeds meer geautomatiseerd. Tegenwoordig kunnen de boeren al per koe nauwkeurig laten vastleggen hoeveel melk deze bijvoorbeeld levert. Maar het gaat daarbij wel allemaal om computerverkeer en grote bestanden.”

De aanleg van glasvezel is volgens hem zeker niet alleen voor de in het dorp gevestigde bedrijven van belang. “Dat is slechts één van de categorieën die er baat bij heeft. Ook voor de ‘gewone’ bewoners is glasvezel de toekomst. Denk maar eens aan de ontwikkelingen in de zorg. We willen als we straks tachtig zijn, ook nog graag hier blijven wonen. Er komen steeds meer voorzieningen op de markt die dat mogelijk maken, genoemd ‘domotica’. Daarvoor is alleen wel snel internet nodig. Maar wat dacht je van het beveiligen van je huis? Met snel internet kun je ook als je in Rome zit, even kijken of thuis alles goed is. Een andere ontwikkeling is onderwijs op afstand. Dat zie je steeds meer. En dan vergeet ik nog één belangrijk argument: de verkoopbaarheid van je huis. Stel je bent de enige die geen glasvezel heeft, dan zal dat straks misschien wel effect hebben op de verkoopprijs van je huis. Tuurlijk, een enkeling heeft nog altijd geen computer en denkt er geen belang bij te hebben, maar ook als je daartoe behoort, moet je je blik op de toekomst gericht houden.”

Dat zoveel mogelijk inwoners het initiatief steunen, is van groot belang voor de werkgroep die onder het motto ‘Liever Glasvezel’ zich inzet. “De provincie bevordert de aanleg van glasvezel alleen als er binnen de kernen voldoende huishoudens meedoen. Er moet draagvlak zijn.” En om te kijken hoe dat er voor staat, wordt er een speciaal onderzoek gedaan dat inmiddels bijna afgerond is. “We kunnen wel stellen dat er ruimschoots belangstelling is in het dorp. We zijn de belangstellingsregistratie aan het afronden. De teller – overigens ook af te lezen aan de in het dorp geplaatste thermometer, red. – staat nu op ongeveer 80%. Maar ik denk dat we uit kunnen komen tussen de 90 en de 100%.”

Met alleen haar eigen inwoners is het dorp er nog niet. “De provincie vereist minimaal 600 huishoudens. We proberen dus een coöperatie te vormen met andere kleine kernen in de gemeente.” Het dorp ‘lonkt’ naar RAS-dorpen en Langelo. Maar deze samenwerking is nog geen uitgemaakte zaak. “Dat is wel ons streven, maar we willen ook graag contact houden met Altena en hebben ook contact met Bunne, Donderen en Winde. Dit met name omdat we ook de taak hebben gekregen de witte vlekken in kaart te brengen. Denk maar aan de Scharenhulsedijk. Horen deze huizen bij Peize, Roden of Lieveren? Een goed voorbeeld is ook de Mensingheweg, waar halverwege een aantal huizen staan. Deze huizen zijn niet meegenomen met Roden, maar horen officieel ook niet bij Lieveren. En daarom zoeken we dus zelfs gemeentegrensoverschrijdend contact. Omdat het soms logischer en korter kan zijn ook een aantal huizen nét buiten de gemeente toch mee te nemen in onze coöperatie.”

Het contact binnen de gemeente Noordenveld wordt vooral door de gemeente zelf geïnitieerd. “De gemeente faciliteert vooral. Zij zorgt als het nodig is voor een vergaderruimte en een kop koffie en stemt af, zodat de initiatieven regelmatig even bij elkaar zitten”, vertelt Baas. “Daar kunnen we samen brainstormen en van elkaar leren.” En dus uiteindelijk elkaar vinden in die grotere coöperatie die zorgt voor de aanleg van de glasvezel. Baas legt uit: “de coöperatie zal een lening bij de bank afsluiten, waarvoor de provincie garant gaat staan. De aanlegprovider berekent de aanlegkosten dan weer aan de coöperatie. De abonnees gaan weer maandelijks aan de coöperatie betalen.” Groot voordeel van deze constructie: “De prijs moet concurrerend blijven en dus ongeveer gelijk zijn aan wat de mensen nu ook betalen. Het zal uitkomen op een 55 à 60 euro per maand. De terugverdientijd is veel langer dan de zeven jaar waar een provider naar streeft. Maar dat geeft niet”, lacht Baas, “de coöperatie heeft dan ook geen aandeelhouders om tevreden te stellen.

Hoewel Lieveren de vaart erin heeft, is zij niet de koploper. Cööperatie ‘De Kop Breed’ waarbij onder andere Roderwolde, Foxwolde, Leutingewolde en industrieterrein de Noordhoek zich hebben aangesloten, is al aan het aanbestedingstraject toe. “Daar kan tussen nu en een jaar glasvezel liggen”, vertelt Baas. De snelheid daar zit hem volgens hem in de bedrijven die het initiatief hebben opgepakt. “In de dorpen heb je te maken met kleineren eenheden en welwillende amateurs. Maar”, zo concludeert hij tevreden, “ook hier loopt het mooi en van de andere dorpen loopt Lieveren aardig voor.”

In het gesprek benadrukt Baas meerdere keren dat wie aan de toekomst denkt, ook aan glasvezel moet denken. Er is nog een reden waarom hij zich graag inzet in de werkgroep. “Ik heb ook wel een ideëel motief. Het is mooi te zien hoe een initiatief als dit de solidariteit en de samenhang in een dorp versterkt. Het is toch een doel waar men samen voor gaat. Men heeft hetzelfde belang.”