Kleuterjuf Els Nolden mag rentenieren

‘Kleuters zijn leuk. Zo heerlijk onbevangen. Dat vind ik fantastisch om te zien’

RODEN – ZEVENHUIZEN- Voorkomend, netjes. Beschaafd, traditioneel. O ja, en punctueel. Afspraak is afspraak bij Els.  Karaktereigenschappen die OBS de Poolster-directeur Jan Timmer allemaal even opratelt wanneer het gaat over zijn vertrekkende kleuterjuf Els Nolden. “Had ik bevlogen al genoemd? Want dat is ze zeker. Helemaal wanneer het gaat over de Rodermarktwagens. Els was de aanjager. Nam de bouw van de wagen, waar ik zelf nog wel eens –heel eerlijk- wat luchtig over dacht, bloedserieus. En elk jaar weer liep zij ernaast. Uitgedost als dokter, knecht of octopus. Els deed het”, aldus de schooldirecteur. Wij zijn wel benieuwd naar die bevlogen, voorkomende juf die het nu verplicht rustiger aan moet doen.

Els Nolden (64 ½) vindt het allemaal wat onwennig. Nu een week precies stapt ze niet meer de deur van het klaslokaal binnen. Al een week moet ze het zonder ‘juhuuuuuf’ stellen. Ruim 35 jaar deed ze niets anders dan kleine hummels op speelse wijze iets bijbrengen. Beginselen van rekenen, maar dan in de zandbak. Bekers vullen. Eén eraf, één erbij. “Kleuters zijn leuk. Echt mijn ding”, begint Els nadat ze een vers bakkie heeft gezet.  “Dat heerlijk onbevangene, zo lekker vrij spelen, daar kan ik enorm van genieten. Dat boek is nu dicht, ik weet het. Maar o, dat is wel even wennen hoor. De eerste paar dagen dacht ik: waar moet ik naar toe?”

De geboren Hagenese deed haar opleiding tot kleuterleidster in Rotterdam. “Aan de Lange Hilleweg. Ik weet het nog goed. Daarna heb ik in heel wat plaatsen voor de klas gestaan. Rotterdam, Alkmaar, Hoogezand en in 1988 ben ik begonnen op de Meester de Vriesschool in Nieuw-Roden. Als invaller. Mijn kinderen zaten er ook op. Op een gegeven moment werden de kinderen naar huis gestuurd. Ziekte en geen vervangende leerkracht beschikbaar. Dat is toch te gek voor woorden, dacht ik. Toen werd ik die invalkracht. O, en ik heb wat ingevallen zeg. Een tijdelijke benoeming tot 1991. Daarna voor een tijdje op de Jetsesschool voor de klas en in 1994 kwam ik terug op de Meester de Vries. Ik kreeg er een vaste aanstelling als leerkracht gecombineerd met zorgtaken. In kleine groepjes ging ik aan de slag met leerlingen die uitvielen op de cito’s. Voor iedere leerling zocht ik passend materiaal om ze te kunnen helpen met de dingen waarover ze struikelden.” Els koestert warme herinneringen aan de Meester de Vriestijd. “Helemaal toen ik met groep 4 (in het jaar 1996-97) in het ‘klokhuis’ belandde. Zo noemde ik de plek die was gecreëerd achter de hoge kasten ergens in een hoek. De klas moest gesplitst omdat –ie veel te groot was. Dus zat ik met ‘mijn groep 4 in het klokhuis. Zo knus was het.”

In 35 jaar onderwijs is er een hoop veranderd, vindt Els. Vooral de intrede van de computer heeft daar een bijdrage aan geleverd. “Een belangrijke ontwikkeling, zeker. Dat je álles op kunt zoeken van achter je beeldscherm heeft ongelofelijk veel veranderd.  In positieve zin, maar nadelen zijn er ook. Kinderen lijken soms geobsedeerd door de pc. Ze krijgen meer prikkels. Dat is jammer. Een kind moet ook spelen. Lekker buiten ravotten met vriendjes en vriendinnen. Zó belangrijk voor de ontwikkeling. Er wordt tegenwoordig een hoop van kleuters gevraagd. Op de Poolster proberen we daar balans in te vinden. Dingen die moéten moeten, maar spelen moet ook.”

De laatste jaren in haar onderwijscarrière bracht ze door in de spiksplinternieuwe en supermoderne Poolster, vanaf 2012 de nieuwe plek van de Meester de Vriesschool. Geen gemakkelijke overgang. Privé maakte ze op dat moment een zware periode door. Haar man kreeg te kampen met een ernstige ziekte. “Dat hielp niet mee om goed te wennen aan de nieuwe situatie. Ik strandde op een cursusdag, ergens in maart van dat jaar. Ik rende maar door terwijl er ondertussen heftige dingen speelden. Dat brak me op.” Toen het met haar echtgenoot beter ging, kwam Els terug. Met een eigen groep op de Poolster. “Jan Timmer vroeg mij en collega  Jacqueline Bouma om een instroomgroep op te starten. De beide kleuterklassen zaten overvol. Of wij de nieuwe leerlingen op wilden vangen in een derde lokaal. Dat werd al snel een klas met 20 kleuters. Geweldig vond ik dat.” En hoe zat dat nou met die Rodermarktwagens, willen we weten. “De paradewagen hoort erbij! Ieder jaar opnieuw die spanning wat het gaat worden. Het zorgt voor een heel bijzondere sfeer. Bij kinderen en bij de ouders. Daar ben ik zelf maar wat graag onderdeel van, haha. Ik stond als octopus op de kaart van mijn afscheidsreceptie.”

Het afscheid was fantastisch. Kleuters die een stuk op voerden op het podium, warme woorden van ouders én een geweldig feest in de Postwagen deden veel goeds. Ze kreeg zóveel potten en planten van de kids en haar collega’s, dat ze nu over een heuse Poolstertuin beschikt. Vrolijk met verf gekleurde bloempotten sieren de betonnen randen rond om de gigantische borders. De perken zijn opgesierd met een bonte mix van Poolsterbloemen en –planten. En dat is niet de enige link naar de school. Om haar nek schittert een kettinkje. Van dichtbij een bloemetje van verder af een ster. De Poolster. “Mooi hè. Gekregen van alle collega’s. Of ik nog van plan ben om op de school te kijken?” Els schiet in de lach. “Ben al geweest. We hebben zólang samengewerkt, om dat dan in één keer door te hakken, daar heb ik moeite mee.”