KV Sparta viert honderdjarig jubileum een jaar later

‘Je mist het samenkomen op de club’

ZEVENHUIZEN – ‘Als er reden is tot een feest, grijpen we die aan.’ De aanwezig vijf leden jubileumcommissie van KV Sparta (van de in totaal tien leden) kijken er serieus bij. De familieclub uit Zevenhuizen bestaat dit jaar exact een eeuw. Alle reden tot een groot feest dus. Maar dat feest komt er niet. Althans, nog niet. Volgend jaar gaat dit noemenswaardige jubileum alsnog gevierd worden. De jubileumcommissie kijkt alvast vooruit, zonder daarbij het verleden uit het oog te raken.

Het overdekte ‘terras’ van KV Sparta is afgezet met rood-witte linten. Ervoor staan zes terrasstoelen, bezet door vijf Spartamensen en één redacteur. Achter hen een zwarte oppervlakte. Wie niet beter zou weten, zou denken dat het hoofdveld van Sparta binnenkort geasfalteerd zou worden voor een nieuwe parkeerplaats. Niets is minder waar, binnenkort moet op die plek een gloednieuw kunstgrasveld liggen. En dat werd hoog tijd, zo vinden de aanwezige Bob van der Velde, Gerlinda Spandaw, Petra Seldenthuis, Gerardus Luinge en Jannette van der Velde. De aanwezigen (als ook de niet aanwezige commissie-leden Esther Alkema, Ingrid Alkema, Jimmy Holman, Mark van der Velde en Roelf Poelstra) spelen of speelden allemaal bij Sparta, met uitzondering van Petra. De jubileumcommissie weet dus als geen ander dat het tijd werd voor een nieuwe ondergrond om op te spelen. Ook nog eens samen met de tennisvereniging die nu ook hun velden hier krijgt, een unieke combinatie! Het goede contact met de nog jonge gemeente Westerkwartier, zorgde ervoor dat het veld er nu kan komen.

Eerst even over het jubileum. Honderd jaar dus, een unicum. Zeker in een tijd waarin het verenigingsleven onder druk staat. ‘Het is zeker knap’, weet Bob, voorzitter van Sparta. ‘Honderd jaar is niet niks. Dat zouden we dan ook groots vieren. Op 27 juni zou er een feest zijn, maar dat kan natuurlijk geen doorgang vinden. We stellen het uit, maar halen het absoluut in. Wanneer, hoe en wat: dat weten we alleen nog niet. We konden gelukkig alles nog cancelen zonder grote kosten te hebben gemaakt. En we willen het jubileum graag groots vieren. Maar dat laat nog even op zich wachten.’

De laatste tijd is het onderlinge contact tussen de leden wat verwaterd. ‘Er is nog contact via de WhatsApp-groepen van de teams’, zegt Gerardus. ‘Maar je mist het samenkomen op de club. Dat geeft toch de binding.’

‘Ach, onze vereniging heeft het wel eens lastiger gehad’, weet Bob. ‘Dineke Kuiper (onze eigen ‘clubhistoricus’) heeft de archieven uitgeplozen en zag dat er in de jaren ’50 en ’60 soms niet meer dan elf leden ingeschreven stonden. We hebben anno 2020 zo’n zeventig à tachtig leden. Een redelijk aantal, maar het mag iets hoger. Honderd zou een mooi streven zijn. De aanwas van jeugd valt de laatste jaren wat tegen. Dat is ook een algemene trend die je ziet. Daarom werken we nu op een zeer prettige wijze samen met OWK en KC Rodenburg.’ ‘We proberen jeugd ook via Kangoeroetrainingen en schoolkorfbal bij onze club te betrekken’, vult Jannette aan. ‘Dat levert gelukkig regelmatig nieuwe jeugdleden op. Vroeger was het korfbal groter. Twintig jaar geleden hadden we nog tien senioren teams. Maar het plezier en de sfeer is nog altijd dik in orde bij KV Sparta’.

De verhalen van vroeger zijn legio. Zo was er een tijd dat Sparta op écht hoog niveau acteerde. Maar er zijn ook de verhalen van uitwedstrijden die per fiets werden bezocht en natuurlijk de verhalen over de oorlogsjaren, waarin Sparta onverdroten doorspeelde. ‘Als je de geschiedenis bekijkt, kom je er achter hoe bijzonder zo’n honderdjarig jubileum is’, zegt Bob. Gerlinda: ‘We hebben zelfs nog notulen uit 1941. Best bijzonder.’

Op de Facebookpagina van KV Sparta wordt nu eens per maand een historische gebeurtenis uitgelicht. ‘Bedoeling is om dit te bundelen in een speciale jubileum-editie van het aloude clubblad De Koblaze’ legt Gerlinda uit.

Dat de leden van de jubileumcommissie al zo lang bij de club betrokken zijn, heeft te maken met het echte Sparta-gevoel wat er heerst. ‘Dat kun je het beste vergelijken met een familiegevoel’, meent Gerardus. ‘Ik ben al mijn hele leven bijna bij Sparta. Mijn moeder zat hier op korfbal, mijn broer ging hier spelen en ik ook. Dat zie je bij veel meer families. Dat maakt de binding ook zo groot.’ Bob vult aan: ‘ook de hoofdsponsor Loonbedrijf en Grondverzetbedrijf Zoutman uit ons dorp heeft een extra binding met onze vereniging doordat hun zoon Dennis bij onze club speelt!’.

Dat blijkt ook wel uit de vaak goed bezochte reünies. Dit jaar is er al één gehouden,  voor het najaar zou er nog een reünie zijn voor oud-leden uit de jaren ’80 en ’90. ‘Het is de vraag of die door kan gaan, maar we hopen van wel’, zegt Bob. Gerardus: ‘Iedere reden voor een feestje, grijpen we hier aan. Er wordt veel georganiseerd en het is dan ons kent ons. Je ziet ook veel setjes ontstaan van leden van Sparta.’ Hij kan het weten, als getrouwde ‘ korfbalheer’ met een ‘korfbaldame’ met inmiddels twee kinderen. ‘Het begint als een gezellig feest en het eindigt met trouwen’, lacht Gerardus.

Wie eenmaal bij de club speelt, vervult al gauw ook een vrijwilligersrol. Petra, die zelf niet voor Sparta korfbalde, raakte betrokken via haar kinderen. ‘Ik sta nu zelf geregeld achter de bar. Dat zijn hele gezellige dagen. We hebben hier dan zelfs een box waar de kleine kinderen in liggen te slapen. Hier kan dat.’

Juist in een tijd als nu is het gemis van Sparta groot. Het clubgevoel blijft bestaan, maar het niet kunnen ontmoeten van elkaar is vervelend. De jeugd en volwassenen mogen inmiddels weer trainen gelukkig. Of de reünie in het najaar door kan gaan, is nog de vraag. ‘En we moeten ook nog twee kampioenschappen vieren’, weet Gerardus. ‘Misschien moeten we straks, voordat het nieuwe MFC er is, maar een extra feestje geven. Dan mag het dak er écht af. Toch de laatste keer in deze kantine…’

MFC Zevenhuizen

In Zevenhuizen gaat het de laatste tijd vaak maar over één ding: het nieuw te bouwen MFC. Het multifunctionele centrum moet straks voor de plaatselijke gymvereniging, de voetbalvereniging en alle dorpsgerelateerde instanties het onderkomen worden. Zo ook voor de korfbalclub. ‘Voor ons is dat heel belangrijk’, meent Bob. ‘De vereniging hou je makkelijker in de benen, met zo’n MFC. Als wij ’s winters willen spelen, zijn we aangewezen op de sporthal in Leek. Het is toch makkelijker dat je straks zelf alle faciliteiten hebt om binnen te korfballen. Ik weet niet of dat heen en weer rijden een drempel was, maar feit is dat het makkelijker is voor de leden.’ Gerardus voegt toe: ‘De manier waarop het MFC tot stand moet komen, geeft aan wat voor dorp Zevenhuizen is. Iedereen draagt zijn steentje bij.’