Langzaamaan

column-Cees-koraal

Enkele weken geleden had ik het over snelle vogels. Dat ging onder meer over de Havikarend die, nadat hij op thermiek een bepaalde hoogte had bereikt, een duikvlucht inzette en in een mum van tijd uit beeld verdween, zo snel ging dat. De snelste vogel werd toen ook genoemd, de Slechtvalk, waarover ik meldde dat deze een snelheid kan bereiken van wel 250 – 300 km/u. Dat moet ik nog iets aanpassen, want later las ik dat er zelfs snelheden zijn gemeten van 350 km/u! De topsnelheid die een (afgericht) exemplaar haalde was zelfs 389 km/u.

Tegenover snel staat langzaam en ik was benieuwd welke vogel als langzaamste vlieger bekendstaat. Ik stuitte al snel op de Houtsnip, maar dat was toch een tikkeltje onwaarschijnlijk. In het najaar worden we tijdens het zoeken naar paddenstoelen (niet om te eten, maar om te registreren) zeer regelmatig geconfronteerd met wegvluchtende houtsnippen. Bij dat vluchten maken ze met hun vleugels een ’kletsend geluid’. En om nou te zeggen dat het slome duikelaars zijn voert te ver. De langzaamst vliegende Houtsnip die ik ooit zag was op Schiermonnikoog toen ergens ter hoogte van paal 8 vanaf de Noordzee een exemplaar kwam aanvliegen. Vanwege de tegenwind ging dat bepaald niet snel. Verder zoeken leerde dat het niet over onze Houtsnip ging, maar dat het de Amerikaanse houtsnip betrof. Het schijnt dat deze vogel slechts een snelheid haalt van ca. 8 km/u. Dat is te verklaren, want andere snippen zijn gebonden aan water; meestal open gebied. Wanneer je daar wordt belaagd is het zaak vlot weg te kunnen. In het bos lukt dat niet met al die bomen en moet je behendig kunnen manoeuvreren. Met een vrij plomp uiterlijk is dat vast niet gemakkelijk. Liever vertrouwen houtsnippen daarom op hun geweldige schutkleuren in plaats van te vluchten. Ik maakte een keer mee dat we met een groep mensen op een vrij klein oppervlak onder een eik naar paddenstoelen zochten en daar best al een tijdje bezig waren toen een Houtsnip plotseling wegvloog. De grond werd kennelijk ten langen leste toch te heet onder de pootjes.

Mooi om te weten natuurlijk wat de langzaamste (vliegende) vogel is (je hebt ook loopvogels), maar dan wil je meer weten. Bijvoorbeeld welk dier het langzaamst is. Dan kom ik bij de foto boven dit stukje waarop u een koraal ziet afgebeeld. Koralen zijn poliepen (holtedieren) die, eenmaal gevestigd, niet van hun plek komen. Dat is nog langzamer dan langzaam. Je kunt ze stekken (klonen), maar uiteraard is er ook een seksuele voortplanting. Dan produceren alle koralen in één nacht (bij volle maan) sperma en eicellen waaruit miljarden larven ontstaan. Die bewegen wel, maar uiteindelijk weten slechts enkele tientallen exemplaren uit die enorme massa zich na enkele dagen een vaste plek te verwerven. De rest wordt opgegeten of gaat anderszins verloren. Andere zich langzaam voortbewegende zeedieren zijn zeesterren (minder dan 100 meter per uur en ook zeepaardjes zijn bepaald geen snelheidsduivels. Dat is de Galapagos-reuzenschildpad ook niet, maar dan betreft het zijn voortbewegen op land (1,6 km/u). In zee kunnen ze zich een stuk vlotter verplaatsen.

Het langzaamste zoogdier is toevallig één van mijn favorieten, de Drievingerige luiaard. Er is ook een Tweevingerige luiaard die kennelijk ’iets sneller’ is. Op de grond zou een luiaard er 6,5 uur over doen om een kilometer af te leggen en in de bomen zijn ze nog trager. Omdat hun klauwen het enige verdedigingsmechanisme is mogen ze vooral niet opvallen, want het zijn maar vrij kleine dieren (ca. 50 cm.). Er is een arend, de Harpij, die luiaards niet versmaad. Maar omdat ze zich zo traag voortbewegen vallen ze nauwelijks op. Daarnaast heeft hun vacht een dusdanige structuur dat er zich allerlei bacteriën en algen in vestigen waardoor het een groene kleur heeft. Alles is eigenlijk traag aan deze dieren, zoals ook hun spijsvertering. Dat brengt met zich mee dat ze slechts één keer per week hun behoefte doen. Daartoe moeten ze wel naar beneden, want hun gevoeg doen ze op de grond onderaan de boom. Vanwege de langzame spijsvertering slapen ze ook veel, zo’n beetje de helft van de dag. Dat is nog niets vergeleken met de Koala uit Australië, want die slaapt wel 20 uur per dag. Met afstand is dat de grootste slaper van het dierenrijk.