‘Laten wij die gewaarschuwd zijn elkaar het licht in de ogen gunnen’

Emotionele onthulling tijdelijk Holocaustmonument in Leek

LEEK – In het gemeentehuis van Leek werd afgelopen vrijdag een tijdelijk Holocaustmonument onthuld. Het monument, ‘Levenslicht’ geheten, zal tot en met 2 februari in het gemeentehuis te bezoeken zijn. Tijdens een emotionele bijeenkomst werd nogmaals het belang onderstreept van het blijven herinneren. ‘We kunnen 75 jaar bevrijding niet vieren, zonder deze schande te herdenken’, sprak burgemeester Ard van der Tuuk.

Zo’n zestig belangstellenden namen afgelopen vrijdag de moeite om naar het gemeentehuis in Leek te komen. De herdenking kwam voorafgaand aan de dag waarop concentratiekamp Auschwitz 75 jaar is bevrijd. Hier werd wereldwijd volop aandacht aan besteed. Zo ook in Leek, waar werd stilgestaan bij alle Holocaustslachtoffers van de gemeente Westerkwartier.

In de oude raadszaal van het gemeentehuis richtte burgemeester Van der Tuuk het woord tot de aanwezigen. Hij haalde het boek van Herman Oosterman aan. Hij is de initiatiefnemer van de werkgroep WLW, Wandelen Leek Westerbork, en schreef het boek ‘Het spoor volgen’. Het boek vertelt vele verhalen over Joden die via Westerbork uiteindelijk gedeporteerd zijn. Wanneer Van der Tuuk een fragment uit een brief van Roos Oudgenoeg voorleest, raakt hij zichtbaar geëmotioneerd. ‘Voor u, de aanwezigen, zal het vandaag waarschijnlijk ook niet altijd even makkelijk zijn’, vervolgde Van der Tuuk. ‘Geef elkaar dan ook de ruimte om emoties te uiten.’

Vervolgens vertelde Van der Tuuk over het tijdelijke monument. ‘De stenen staan symbool voor de slachtoffers van de Holocaust.’ Vervolgens stelde hij: ‘We kunnen de vrijheid niet vieren, zonder de schande van de Holocaust te herdenken. Dit monument, met speciaal geïmpregneerde stenen die af en toe licht geven, is onderdeel van een totaalmonument, verspreid over gemeenten in heel Nederland.’ Het licht wat zo af en toe verschijnt en dan weer verdwijnt, staat voor een levensadem die gehaald wordt.

Martin de Boer, bestuurslid van de Samuel Leviestichting in Leek, sprak over de geschiedenis van Joden in Leek. Later, toen de oorlog uitbrak, hadden lang niet alle Joden door wat hen te wachten stond. ‘Sommigen zagen het gevaar niet zo, terwijl anderen zich al gauw zorgen maakten.’

Uiteindelijk werden er 83 Joden uit het Westerkwartier gedeporteerd. ‘Zij zijn bruut vermoord, hun levenslicht werd gedoofd’, aldus De Boer. ‘Vandaar dat het passend is om hen vandaag te herdenken. Dat zij zijn weggevoerd en vermoord, mogen wij niet vergeten. Het Joodse Schooltje houdt die herinnering levend. Opdat wij, die gewaarschuwd zijn, elkaar het licht in de ogen gunnen.’

Vervolgens las kinderdichter Tom Withaar zijn gedicht ‘Wolken stappen’ voor. Hij voegde eraan toe dat de Tweede Wereldoorlog voor hem en zijn leeftijdsgenoten weliswaar ver weg leek, maar het maken van het gedicht ervoor zorgde dat hij zich nog meer verbonden voelde met de geschiedenis. Vervolgens volgden de aanwezigen burgemeester Van der Tuuk naar de hal van het gemeentehuis, alwaar de namen van de gedeporteerde Joden werden voorgelezen.

‘In gedachten zijn wij bij de namen die net gesproken zijn’, stelde Van der Tuuk na het voorlezen van de namen. Dat dit indruk maakte op de aanwezigen, mocht duidelijk zijn.

Over het monument

 Zowel in de Joodse herdenkingstraditie als in de Roma- en Sinti-cultuur zijn stenen belangrijk. Kunstenaar Daan Roosegaarde en zijn team hebben deze traditie als inspiratie gebruikt. Met in totaal 104.000 lichtgevende stenen – gelijk aan het aantal slachtoffers uit Nederland – staat het kunstwerk symbool voor de impact van de Holo­caust

De stenen zijn verdeeld over de verschillende gemeenten waar Joden, Roma en Sinti woonden, hun leven leefden; soms al generaties lang. Ook uit onze gemeente zijn Joden tijdens de Tweede Wereldoorlog weggerukt en vermoord.

Om de paar seconden zie je de stenen oplichten en weer uitdoven, als een ademhaling in licht. Daarmee symboliseren ze het leven dat nu in de gemeente gemist wordt. Door stil te staan bij het gemis van de plaatsgenoten bij Levenslichtblijft de herinnering aan de slachtoffers levend.


Martin de Boer meldde nog het passend te vinden wanneer de stenen later op een graf zouden komen, zoals te doen gebruikelijk in de Joodse traditie.