‘Liever Jan de Roos dan Jan Roos’

LEEK- ‘Rot verkiezing!’ ‘Rot politiek!’ ‘Stomme regels!’ ‘Verscheur em moar!’ Aan zijn grammiedig gezicht was te zien dat de man in kwestie behoorlijk ropperig in de huud was. En hij was nog zo gewaarschuwd door de leden van het stembureau. Hij wilde afgelopen week stemmen uitbrengen tijdens het Referendum. Twee stempassen had hij bij zich, waarvan één een volmacht van zijn broer. Helaas had hij de identiteitskaart, of een kopie hiervan niet bij zich. Bereidwillig, zoals een stem comité hoort te zijn, werd hem de mogelijkheid der moderne techniek uitgelegd. ‘Mocht zijn broer een mobieltje hebben, dan kon deze een foto maken van zijn legitimatiebewijs en deze daarna naar zijn broer zenden’. ‘ Hij hoefde de afbeelding alleen maar te tonen, en klaar zou ‘Kees’ zijn. Stemmen maar. Twee voor de prijs van één. Maar ‘nee’ dat hoefde beslist niet. ‘ Dan maar niet voor hem gestemd’. Nadat hij zelf zijn voor of tegen had gestemd, hoorde ik hem in de gang van het gemeentehuis nog net mompelen ‘dan kom ik straks wel terug’. ‘Oei’ zei ik, ‘ daar heb je ‘t gedonder al’ . ‘Als deze meneer terug komt wordt het ‘oorlog’ . Bode `Martha kon maar beter ouwe koppies en schuttelies op de tafel voor ons zetten, want de normale waren te duur voor het gooi en smijtwerk. Zelf had ik daarna even pauze. Toen ik terug kwam en vroeg ‘alles goed verlopen?’, hoorde ik in geuren en kleuren wat zich had voorgevallen. ‘ Meneer’ was zeker terug gekomen. Met een gestuurde foto van het identiteitsbewijs. Er mankeerde niets aan, alles zat er op en aan. Of het trillen was, ik denk het niet, want de leden van het stembureau stonden hun mannetje en twee heldhaftige dames wel. Hem werd medegedeeld dat hij helaas niet weer mocht stemmen, omdat hij zelf zijn stem al had uitgebracht. En de regels zijn, alleen stemmen voor een ander, als je zelf ook gaat stemmen. En dat had ‘meneer’ eerder die dag al gedaan en toen was hem dit duidelijk verteld. Zo dat was er uit. Toen barstte de man los. Zijn woorden citeerde ik al eerder. Na zijn scheldkanonnades verkreukelde hij de volmacht en smeet deze op tafel met de woorden ‘ verscheur em moar. Daarna liep hij al scheldend richting de uitgang. Martha kon de nette koppies en schuttelies weer tevoorschijn halen en het gooi- en smijtwerk weer achter in het keukenkastje. Gelukkig vielen er ook veel leuke momenten te beleven. ‘Dit kan bijna niet waar zijn’ dacht ik, toen ik de kwieke wijze zag waarop ze zich voort bewoog naar het stemhokje. Even eerder had ik op haar legitimatiebewijs haar geboortedatum gezien. Nadat ze haar stembiljet op elegante wijze in de ‘afvalcontainer’ had gedeponeerd, vroeg ik haar ‘hoe doet u dat toch, op deze leeftijd en nog zo vol energie?’ De dame op respectabele leeftijd antwoordde ’goed omgaan met wat je overhebt’. Ze bedoelde, ondanks de gebreken die ze had, genieten van alles wat nog wel mogelijk was’. De zin ’goed omgaan met wat je overhebt’ bleef de rest van de dag positief in mijn hoofd hangen. Dit ondanks het feit dat ik honderden kiezers en hun legitimatiebewijzen aan mij voorbij zag komen. De één fris en fruitig, de ander behoorlijk gevormd door het niet altijd eenvoudige leven. Anderhalf uur na sluiting van het stembureau kwam de uitslag van Leek binnen. Opkomst 33,5 %, 42,7 % voor, 56,8 % tegen. Te vergelijken met het landelijk gemiddelde. Of ik tevreden ben? Ik had meer met Jan de Roos toen, dan Jan Roos nu. Konden we maar allemaal ’goed omgaan met wat we overhebben’, dan ging het stukken beter in ons land. ‘Ik groet u’. ‘Moi’.