Maria’s Mooie Mensen

    Kinderen doen het over het algemeen erg goed op structuur. Ze houden van ritme, patronen en gewoontes. Ook manlief en ik doen het er erg goed op. Een eigen bedrijf, de kinderen, de dieren; het is allemaal druk en dan werkt het goed door een stukje sleur te creëren in onze vrije tijd. Stukje dus, want soms is het juist zo nodig om daar uit te breken om het leven wel leuk te houden. De zondag is normaal echt relaxdag bij ons. We zijn dan thuis, starten super langzaam op, vaste klusjes als het verschonen van de bedden komen voorbij en we verwachten verder niet veel van het leven. Een dag om bij te komen, uit te rusten, te doen waar je zin in hebt. Is heerlijk, is ontspannend, maar soms wil je meer. En dus peilde ik zaterdag de kinderen: ‘willen jullie naar het strand?’, ik kreeg een driemaal ‘jaaaaaa!’en dus gingen we. Ons gezelschap bestond uit oudste dochterlief die op zoek wilde naar parels – niet gevonden kan ik alvast verklappen – , de kleintjes waarvan de ene onverstoorbaar de twee uur durende rit uitzat en de ander elke tien minuten vroeg of we er al waren en ons drukke hondje. Eenmaal aan zee sloeg de wind ons om de oren en ergens vaag echoden de woorden van de weerman de vorige avond nog in mijn hoofd: ‘aan zee, ja-a, daar aan zee daar waait het echt wel hoor’. Nou, inderdaad. Waar we uit de auto stapten in de luwte en een waterig zonnetje, bleek de situatie eenmaal over de duinen compleet anders. Eerst moesten we de opgang naar zee door, waar de wind vrij spel had en ons zandstraalde tot en met. Eenmaal beneden bulderde de wind zo hard dat mijn slechte oren de stemmetjes van de dames niet meer konden ontcijferen. De golven verrasten ons zo hard als ze binnen rolden en dus waren de kletspoten niet van de lucht. Heen met de wind in de rug liepen we nog aardig soepeltjes; terug was het bikkelen met de wind in het gezicht. Oudste dochterlief bleef vastberaden schelpen zoeken, de kleintjes hadden de lol er wel af. Eentje klaagde non-stop dat ze het ondanks jas, trui en t-shirt koud had en de ander haalde nog maar eens natte voeten toen ze opnieuw door een golf verrast werd. Ons hondje bleef overigens zonder uitzondering blij en enthousiast. De terugrit die met oponthoud niet de geplande 1,5 uur maar 2,5 uur in beslag nam, tukte hij lekker door in de achterbak. De dames deden een poging het zand van de voeten te schudden op de achterbank, ik worstelde met een fastfood bestelling die we besloten in de auto op te eten. De kinderen lagen eigenlijk nét even te laat in bed, we hadden inmiddels het halve huis onder het zand en ik kon de hele dag die volgde proberen de was een beetje in te lopen. Kost ons zeker een week om weer in die sleur te zitten. HEER-LIJK. ‘Weet je mama’, zei oudste dochterlief toen we maandagochtend naar school reden, ‘het voelt alsof ik een week weg ben geweest’. Missie geslaagd.