Maria’s Mooie Mensen 393

Zorgvuldig werd het voorbereid: de overstap naar de basisschool. Vanaf januari hadden mijn meisjes en ik het er regelmatig over. Ze kregen broodbakjes en bekers, we zwaaiden naar hun juf en bespraken of ze ook zouden gaan spelen met andere kindjes (echt niet hoor, mama). Langzaam gingen we een stapje verder en keken we ook in hun toekomstige klas. Hun stoeltjes stonden al klaar en we zagen hoe de ene een vlieger als sticker kreeg en de ander een vlinder. We overwonnen een kleine crisis toen één van onze tweelingdochters besloot dat de juf die ze zou krijgen niet aan haar besteed was. Doe haar maar die ene, die met dat lange haar en die hoge hakken draagt. Na lang peinzen hadden we eindelijk door wie ze bedoelde – de directrice van de school – en sloten we een compromis. Ik zou vragen of deze laatste een keertje bij haar kwam kijken in de klas en dan zou zij toch gewoon naar haar eigen nieuwe juf gaan. We naderden het moment van intake en wennen en wat vonden mijn dames het spannend. Ze werden dwarser op de peuterspeelzaal en stoerder bij hun nieuwe school. Opnieuw was er een kleine crisis te overwinnen toen de ene dochter nu besloot direct naar groep drie te willen. Maar nee, alles liep anders. We deden wel een nieuw ritme op, maar dan dat van thuis blijven en niet meer de deur uit. Alle cadeaus die ze maandenlang aanwezen ten spijt; het lukte niet meer nog eens uitgebreid de winkels de rond te gaan om wat in te slaan voor een bijzondere verjaardag. ‘Komt onze oppas wel op ons feestje?’ werd me vaker en vaker gevraagd naarmate die ene dag dichterbij kwam. Maar het leuke is, kinderen zijn flexibel. Ze doen aan videobellen met hun nieuwe klasgenootjes en juf bij wijze van wennen. Blij lopen ze met nieuwe rugzakken door huis heen om alvast te oefenen voor hun nieuwe school. Niet met hun nieuwe juf maar met mij oefenen ze letters en getallen, zodat deze nieuwe juf straks vast verbaasd zal zijn. Ze spelen met elkaar en grote zus, blijven in de tuin en mogen niet meer mee naar het werk. En toch worden ze dan wel jarig. Net als anders tellen ze de laatste zeven nachtjes. Elke dag opnieuw vragen hoeveel nog totdat het dan echt zover is. En dan is het zover. Onze tweelingmeisjes zijn vier. De kleinste baby’s die we ooit gezien hebben, zijn gegroeid tot twee sterke tantes, fysiek in orde, lange benen en nog altijd die helder blauwe ogen. Krulletjes nu om hun gezichtjes die we inmiddels prima uit elkaar kunnen houden. Ze staan stevig, klaar om de wereld te veroveren. Compleet met geheel eigen karakter en smaak, maar wel een duo als het nodig is. Samen sterk, samen dikke lol. En elk uniek en zichzelf. Nog even wereld, nog even geduld en dat geldt ook voor deze twee dames. Er komt nog tijd genoeg om op school te zitten en te groeien. En juist nu, nu ze minder dan ooit bij me zouden zijn, heb ik ze terug. En stiekem is dat ook wel genieten. Ik zie ze groeien, zie ze klaar zijn en als het écht zover is, dan laat ik ze gaan. Maar nu houd ik ze nog maar even stevig vast.