Maria’s Mooie Mensen 409

Voor twee mensen die stellig besloten geen gezinsuitbreiding meer te willen, hebben wij ons huishouden wel extreem uitgebreid de laatste periode. Drie konijntjes kregen de dames, een puppy kwam ons leven verblijden – en soms verstieren – en we besloten zelf eendjes uit te broeden. Ons huishouden tettert niet meer alleen van de meisjesstemmen die keihard door de wc schallen – op de één of andere manier zitten ze hier allemaal zingend op de wc – of elkaar soms voor van alles uitmaken, maar elke ochtend klinkt er nu vrolijk kuikengekwetter door de woonkamer. Dacht ik dat het druk was om werk en kinderen te combineren, blijkt nu dat een puppy ook een redelijke handenbinder is. En toch, er wordt hier niet gemopperd, konijnenhokken worden zonder morren verschoond en de hond om en om uitgelaten. Dieren brengen werk met zich mee, maar ook een hoop liefde en gezelligheid. ‘Gefeliciteerd, je bent weer moeder geworden’, maakt manlief mij op een vroege zaterdagochtend wakker. In mijn slaperigheid moeten deze woorden even bezinken en in mijn hoofd flitst van alles door elkaar heen voorbij. Kinderen; nee. Hond: mannetje. Eenden; nog geen ei gelegd. Konijntjes, oh de konijntjes. Iedereen kent dat wel: je koopt drie konijnen, besluit dat je absoluut geen jongen wilt. Het was bij ons niet anders. Totdat bleek dat ze met vier maanden geslachtsrijp zijn en de heren pas met zes maanden gecastreerd kunnen worden. Een klusje wat overigens meer kost dan wij hadden bedacht en dus ons aan het twijfelen bracht. Hoeveel geld wil je investeren in twee konijntjes die per stuk nog geen tientje gekost hebben? De natuur twijfelt niet en de konijntjes hadden geen geduld. En dus piepten er op deze vroege zaterdagmorgen vier baby-konijntjes in ons hok. Met groot geluk zijn ze ’s nachts – en daardoor dus in het nachthok – geboren. Anders hadden we ze nog uit het hol in de grond kunnen halen waar wij deze moeder al wel fanatiek mee bezig hadden zien gaan. Destijds vonden we het nog grappig: kijk onze Pluisje eens graven. Nu weten we wel beter. Ze bleek al snel niet net zo fanatiek in het voeden van haar baby’s als in het graven van hun nestje. Deze kersverse moeder had één favoriet die ze fantastisch groot bracht, maar de andere drie liet ze stuk voor stuk en om en om creperen. Eentje werd doodgeboren, eentje bleek een dag later niet meer te redden. Geen nood dachten wij: dat is de natuur en moeders zal dit konijntje vast niet voor niets negeren. Maar toen ook een derde het zwaar begon te krijgen, kon moeder natuur wat mij betreft de pot op en greep ik in. In de stromende regen wikkelde ik het piepkleine, maar al oh zo complete, diertje in een warme doek en probeerde er warmte en leven in te krijgen. Tevergeefs. Inmiddels houden we het laatste baby-konijntje als haviken in de gaten. Moeders wordt verwend met extra wortels en elke dag aangespoord goed voor haar baby te zorgen. En zo hebben we ook al besloten: één konijntje extra kan er prima nog bij. De allerijl gepolste vrienden met kinderen zijn al weer afgezegd. Hebben we er toch weer een baby bij.