Maria’s Mooie Mensen

Oudste dochterlief weet altijd extreem goed wat ze wil. Met een halfjaar sprak ze duidelijk papa en mama, met negen maanden besloot ze te willen lopen. Ze was nog maar anderhalf toen ze overdag niet meer wilde slapen en dat ook niet meer deed en koos toen al altijd haar eigen kleren uit elke dag. We gingen van de roze fase door naar de ‘roze-met-blauw’ fase – een hele lastige middenin de winter – naar de fase waarin alle kleuren van de regenboog en dan het liefst door elkaar gedragen moesten worden. Ze besloot hardnekkig dat ze wilde paardrijden en met zes jaar al wilde leren gitaar spelen. Ze is niet gewoon een koppig en eigenwijs meisje; alles wat ze wil, klopt ook altijd. Het past haar elke keer weer, de keuzes worden niet zomaar gemaakt. En als ze kiest, dan kiest ze met hart en ziel en zonder twijfel. En dat laatste, dáár schort het bij mij wel eens aan. Ik weet vaak goed wat ik wil, maar mijn brein weet toch soms alle honderd opties op een rijtje te zetten en mij aan het twijfelen te brengen. Laatst las ik dat dit een echt perfectionistentrekje is: het schijnt dat ‘wij perfectionisten’ –ik bleek volgens dit artikel hier meer dan onder te scharen – altijd op alles voorbereid willen zijn. Een jas kopen is dus niet zomaar een jas kopen, maar deze moet passen bij alle weersomstandigheden en matchen met alle denkbare andere outfits. Zelf heb ik hiervoor inmiddels een passende oplossing: ik koop er vaak niet één maar meerdere. Wat overigens elke ochtend een nieuw dilemma oplevert: welke moet ik aan en in welke zitten mijn spullen? Mijn oudste dochter ziet dit alles hoofdschuddend aan. Zij weet vaak al precies wat ze wil, kiest en is er gelukkig mee. Samen gingen we onlangs op bikini-jacht voor mij. Zoals te verwachten draalde ik tussen de rekken, weegde opties af, ging in mijn hoofd het gebruik bij langs. Zij pakte resoluut haar voorkeur eruit en bleef bij haar keuze. In het hokje paste ik het ene, het andere en nogmaals het ene. Ik stuurde haar de winkel in voor toch nog een andere optie en probeerde toch nog weer de eerste. Al die tijd bleef haar mening ongewijzigd: de donkerblauwe met jungleprint vond ze de mooiste en die moest het worden. Ik bekeek mezelf nog eens van voor en achter, probeerde toch nog eens een andere. Uiteindelijk hing ik alle opties terug in het rek. Dochterlief deed alsof ze flauw viel. ‘Mamá?!’ riep ze me tot de orde. Ik pakte een compleet een andere bikini uit het rek, concludeerde dat dit plaatje klopte en liep zo naar de kassa. In de auto verzuchtte ze dat het véél te lang had geduurd. Én dat ik toch beter die donkerblauwe met jungleprint had kunnen kiezen.