Maria’s Mooie Mensen

Met het starten van een nieuw schooljaar starten ook de speeldates weer. Mijn kinderen blijken zich in vakanties vaak uitstekend met elkaar te vermaken en de speeldates nemen die zes weken hard af in aantal. Er wordt wel wat gespeeld, maar zonder de dagelijkse impuls van klasgenootjes blijkt het toch altijd opeens heel prima om je met je zusjes te vermaken of eens lekker in je eentje aan te rommelen. De schoolweek was echter amper een dag oud toen uiteraard alle drie met een plan uit school kwamen. Tijd om te vertellen hoe die eerste dag was, iets waar mama de hele dag toch ietwat gespannen aan gedacht had, was er niet; eerst moest de date beklonken worden. Aan mij de schone taak om de wensen van drie dames in kaart te brengen en af te stemmen met elkaar en andere vaders en moeders. Meestal lukt dat aardig, soms houdt het gewoon op. Ik kan wel zeggen; ik had het niet gemist dit speelfestijn. Als alles dan in kannen en kruiken is, bleek er deze week een nieuwe uitdaging bijgekomen. Ons hondje bleek niet zo in trek bij de meisjes die de jongste twee mee troonden naar huis. Onze Nero namelijk, had de kinderen énorm gemist al die uren dat ze op school zaten en was er meer dan aan gewend geraakt om met ze mee te spelen. Als zo’n koe die voor het eerst de wei in gaat, verliet hij weer zijn bench. Driest, rond springend en hard rennend en het liefst zich overal tussen wurmend, maakt hij werkelijk elk vriendinnetje aan het huilen en menigeen zoekt haar heil bovenop de tafel. Het is nogal wat als ze er zo’n wild zwart gevaarte met van die grote witte tanden zijn best doet je te imponeren met zijn energie. Onze dames kijken al niet meer op of om; ‘hoi jongen’, zeggen ze liefdevol en laten hem begaan. De beste manier overigens, want hoe minder aandacht je hem schenkt, hoe sneller Nero weer rustig is. Maar als de angst de overhand krijgt en je begint te rennen voor hem, denkt hij belandt te zijn in een leuk spelletje en doet hij er gerust een schepje bovenop. Ik aanschouw alles met dubbele gevoelens: het is niet nodig dat andere kinderen hier met een hondenfobie vandaan komen, maar Nero is ook een beetje mijn baby en ik kan het ook niet over mijn hart verkrijgen hem telkens in zijn bench weg te stoppen. Aan mij dus de schone taak meneer te leren geen meisjes de stuipen op het lijf te jagen. Ik hou hem bezig met zijn bal – die hij vervolgens liever bij de meisjes brengt – of leid hem af met een bot – die hij liever in de bosjes verstopt. Als het echt de spuigaten uitloopt, pak ik hem zonder moeite bij de oren om hem in zijn mand tot rust te laten komen. Schuldbewust kruipt hij daarna vaak bij mij achterop mijn stoel om met zijn kop op mijn schoot tóch nog te laten zien zich keurig te kunnen gedragen. Er is hoop; dat houd ik al die bange meisjes ook voor. Op dit punt kunnen ze allemaal weer veilig van de tafel af komen.