Merelziekte

Heerlijk toch, het spetterende gebadder van deze merelman in een kinderbadje (foto: natuurfotograaf Geert de Vries). Onwillekeurig denk je er een ochtendzonnetje bij, of avondzonnetje, wat u maar wilt, en dat zo’n tafereeltje zich afspeelt in het voorjaar. En dan met frisse moed beginnen aan een dag vol verplichtingen. Want zo is het wel, een beetje lanterfanten en flierefluiten is er niet bij als er jongen in het nest zijn. Dan moet er worden gebuffeld, de hele dag door.

Op dat voorjaarszonnetje moeten we voorlopig nog een behoorlijk tijdje wachten. Niet op het gebadder van vogels, dat kan het hele jaar door. Het zal met warmer weer wel meer gebeuren om lastig ongedierte in het verenkleed kwijt te raken of om af te koelen. Het is wel de vraag hoeveel merels de winter zullen overleven. Sowieso is er natuurlijke uitval en dat kan nog worden vergroot wanneer er langdurige, barre, winterse omstandigheden zijn. Niet dat daar in Nederland vaak sprake van is, dat is beslist geenszins het geval, maar het zou kunnen. Iets anders kan een wissel trekken op het aantal merels dat het voorjaar haalt. Er heerst namelijk ziekte onder merels, het Usutu-virus. Hierbij denkt u wellicht dat de herkomst Japans is, maar het is een virus dat vernoemd is naar de oorsprong van de bron waar dit virus voor het eerst is geconstateerd, een rivier in Swaziland in Afrika.  Muggen zouden de ziekte hier op vogels hebben overgebracht. Wat ik wel merkwaardig vind is dat de Merel, mussen en de Zwartkop worden genoemd als vogels die bevattelijk voor dit virus zijn. Dat zijn wel vogels die ver weg van Swaziland leven (een koninkrijkje ingeklemd tussen Mozambique en Zuid-Afrika). Misschien dat andere (trek)vogels dit virus mee helpen verspreiden.

Het Usutu-virus werd enige jaren geleden voor het eerst vastgesteld in Oostenrijk. Daarna in Duitsland waar de ziekte genadeloos toesloeg. Honderdduizenden merels legden het loodje. In bepaalde streken, steden en dorpen werden ze totaal weggevaagd. Sommige mensen zullen dat trouwens niet erg hebben gevonden, want er zijn lieden die een bloedhekel aan merels hebben omdat ze al tamelijk luidruchtig zingen voordat de zon op is. Zo tegen de zomer aan kan dat dus al voor vier uur zijn! Wat mij betreft mogen ze rustig hun gang gaan; ik heb er geen last van. Het was niet de vraag of de ziekte Nederland zou bereiken, maar wanneer. Dit jaar kwam op 21 september het onvermijdelijke bericht dat het virus hier ook had toegeslagen in de provincies Gelderland, Noord-Brabant en Limburg. Er zijn mensen die beweren dat er in onze omgeving opvallend weinig merels zijn, maar dat is niet mijn ervaring. Mocht u wel zieke en/of dode vogels vinden dan kunnen ze gemeld worden bij de www.sovon.nl  of via dwhc@uu.nl (030-2537925). Dat DWHC staat voor Dutch Wildlife Health Centre, een organisatie, verbonden aan de universiteit van Utrecht, die het wel en wee van wilde dieren volgt. Het schijnt zelfs dat men langs komt om zieke of dode merels op te halen. Die dode merels moeten dan nog wel ’kakelvers’ zijn om vast te kunnen stellen dat het inderdaad om het Usutu-virus gaat.

Zieke vogels zijn gemakkelijk te herkennen aan de lusteloze houding en het meestal slecht zittende verenkleed. Vaak zijn ze al vermagerd, ondanks dat er best genoeg voedsel voorradig is. Als je doodziek bent heb je nu eenmaal geen trek; zo werkt dat. Slechts enkele mensen met een slechte weerstand bleken bevattelijk voor het virus, maar gezonde mensen zullen er van gevrijwaard blijven. Toch wordt aangeraden zieke of dode dieren niet met blote handen op te pakken. Je weet immers maar nooit. Maar zoals al opgemerkt hebben mij geen berichten bereikt dat in Noord-Nederland sprake is van het virus (ik heb het hier niet over de Vogelgriep bij watervogels), maar dat kan zomaar wel het geval zijn. Thuis zag ik vanuit het raam zelfs een zeldzaam schouwspel, namelijk zeven gezonde merelmannen die gelijktijdig op het kortgeschoren gemeentelijke gazonnetje voor het huis aan het foerageren waren. Een paar minuten later keek ik weer en zag er geen een meer. Wel een merelvrouw die er in haar eentje voedsel aan het zoeken was. Ik vroeg me af hoe ze dat voor elkaar had gekregen. Zou ze in haar eentje al die mannen hebben verjaagd?