Minikul week 31 “15

U hebt er geen enkele boodschap aan, maar het waren voor mij echte horrorweken. Door lichamelijk ongemak van mijn vrouw moest ik thuis vier weken lang de rol van ‘huisman’ vervullen. Zij lag in het ziekenhuis. En dat heb ik geweten. Waardoor, laat ik dat ook maar meteen zeggen, ik nu na bijna zestig huwelijksjaren ‘eindelijk’ respect, waardering en bewondering voor het werk van de huisvrouw heb gekregen. Nou, dat werd dan tijd ook, zult u zeggen. En daar hebt u meer dan gelijk in. Maar te mijner ‘ontlasting’: Ik ben altijd wel buitenshuis erg actief bezig geweest om wat beleg op onze boterhammen te krijgen. En kwam dan afgepeigerd thuis. Wat, besef ik nu, geen verontschuldiging mag zijn maar wel een verklaring.

Thuis in mijn uppie sinaasappels uitpersen – het begin van de dag – ging aanvankelijk prima met de elektrische pers. Maar na twee dagen vloog het snoer in brand (te dicht bij de gasvlam waar een pannetje op het vuur stond om eieren in te koken.) Brood smeren werd een kliederboel, maar het lukte, hoewel de boter er in wel erg dichte lagen op lag. Thee of koffie zetten met het voor mij te ingewikkelde Dolce Gusto-apparaat liet ik gemakshalve achterwege. Ik dronk Spa, cola of leidingwater. Afwassen deed ik na elke maaltijd, want de vaatwasser stelde mij voor te veel problemen. Stofzuigen deed gelukkig de hulp die een ochtend per week bij ons komt. De wasmachine leerde ik met veel vallen en opstaan wel bedienen. De kleine wasjes, de witte en de bonte was hebben voor mij – na heel veel stuntelen en miskleunen – nu geen geheimen meer. De gewenste boodschappen mailde ik door naar mijn zoon en dochter die daar liefdevol voor zorgden. Bed opmaken liet ik achterwege; ik haalde de deken en de lakens naar achteren en als ik weer naar bed ging, trok ik ze weer naar voren. Het was het behelpen en mijn onbenulligheid ten top. Ik besef dat u uw hoofd nu gaat schudden: ‘Wat een oen – om geen ander woord te gebruiken – is die man.’ Maar het was niet anders. Ik beken.

Na thuis vier horrorweken te hebben doorstaan mag ik mijn vrouw vanmiddag eindelijk uit het ziekenhuis ophalen. Rollator en rolstoel staan voor haar klaar. Dan gaat weer een nieuw hoofdstuk in: de revalidatie.

Het waren, schreef ik een paar keer, horrorweken. Maar die hebben mij wel het besef bijgebracht dat ‘huisvrouw-zijn’ geen sinecure is. Dat besef is echter wel erg laat tot mij doorgedrongen. Ach, beter laat dan nooit.

Henk Hendriks