‘Nattigheid binnen de dijken’

LEEK – Begin mei en de kleinkinderen zingen nog, of alweer, uit volle borst sinterklaasliedjes. ‘Zie ginds komt de stoomboot, ik zie hem al staan’. Zonder dat ik het door heb neurie ik de liedjes mee. Als een mantra herhaalt het komen van de stoomboot zich ongemerkt in mijn geneurie. Een komen en gaan van op het laatst die ‘rottige stoomboot’ die maar bleef komen. Wat de stoomboot aangaat, de geschiedenis herhaalt zich ook ten noorden van Leek. Nog maar net is de stoom uit de oren van de tegenstanders van een waterbergingsgebied achter de A7, tussen Marum en Enumatil verdwenen, of het is opnieuw ‘prijs’. Zo’n 12 jaar geleden kon de boot worden afgehouden, door protest van bewoners en de raad van Leek. Toen werd hierdoor de waterberging verplaatst naar de Peizermaden, maar nu lijkt er geen ontkomen meer aan. Achter de schermen is er jarenlang nagedacht over berging bij wateroverlast in Dwarsdiep, De Dijken en Driepolders. En kom er es op, het thema is ‘Droge Voeten 2050’. Een gezamenlijk project van de provincies Groningen, Fryslân en Drenthe en de drie waterschappen. Dit om ons, ons nageslacht, te beschermen tegen eventuele wateroverlast tussen 2025 en 2050. Vergeleken met jaren geleden is alles meer doordacht ‘waterpas’ gemaakt. Gesprekken rond keukentafels met toekomstige aan de veilige kant van de dijk wonende gezinnen. Voorlichting aan de raad van Leek en Marum en was er een betere oproep voor de bijeenkomst aan de inwoners van beide dorpen geweest, dan waren ook zij op de hoogte of laagte geweest. Waarom de bergingen in het Westerkwartier moeten komen? Volgens de waterloop deskundigen stroomt het water vanuit de beken van Noord-Drenthe en het westen van Groningen via het Westerkwartier en het Leekstermeer, omdat dat het laagstgelegen gebied is. Daarna vervolgt het water zich een weg of water naar het noorden, bovenal omdat het wordt aangezogen door het gemaal De Waterwolf in Lamerburen. En nu de ellende, de watergangen zijn te smal bij Electra, zodat bij extreme regenval in Noord-Drenthe en West-Groningen de enorme wateraanvoer niet te verwerken is, waardoor het bij ons in het Westerkwartier in de soep kan lopen. Kan lopen of stromen, want we spreken of schrijven over een kans van ‘één keer in honderd jaar’ dat het vloeibare goedje problematisch kan worden. Doch, het zal maar gebeuren en het zal maar over een jaar, maand, week of morgen gebeuren. Dan heb je de stoomboten aan het dansen. Eén keer in de honderd jaar doet bijna denken aan een loterij met een kans van één op honderd. Toch zou, nu ik een korte stonde mijn brein laat brainen, de oplossing gemakkelijker en goedkoper zijn door de te smalle watergangen nabij Electra te verbreden. Indien dit mogelijk is natuurlijk. Een stuk eenvoudiger dan het halve Westerkwartier met dijken te omringen. Terwijl ik de letters typ en er woorden en zinnen op het scherm verschijnen schiet me iets te binnen. Tussen mijn boekenschat over de historie van vooral de eigen omgeving moet ook een juweeltje staan, geschreven door Geert Hadders over de Leekster Schans. En zowaar, door de omvang van het boek steekt boven de rest de titel ‘Leekster Schans, Schakel in een keten’ uit. Geschreven in opdracht van de Historische Kring Leek e.o. en gelukkig nog gedrukt door Drukkerij en Uitgeverij Bronsema Leek B.V. Het is moeilijk om in een paar zinnen uit te leggen waar de schrijver 139 pagina ’s voor nodig had. Weet in elk geval dat er tijdens de 80 jarige oorlog een keten van schansen in het Westerkwartier (verdedigingswerken) werd opgeworpen. O.a. één in Leek. Wat dit met dijken te maken heeft? Daar wil ik mij nog eens flink in verdiepen in een tijd van klimaatverandering, bodemdaling, actualisering van veiligheidsnormen en herindeling. ‘Ik groet u’. ‘Moi’.