Noordenvelder – Bart Elderhorst


LIEVEREN – Organiseren zit in zijn bloed, van jongs af aan zat hij altijd al in allerlei besturen. Toen hij dan ook 20 jaar geleden in Lieveren neerstreek, kwam hij meteen in het bestuur van de ijsbaan terecht. ‘Ik vind het leuk om betrokken te zijn bij wat er in het dorp gebeurt. Maar het bestuur van de ijsbaan is geen erg drukke baan met deze winters,’ lacht Bart Elderhorst.
Het gevoel van betrokken willen zijn leverde dan ook de Liefair op, het jaarlijkse evenement waar zo’n 120 tot 130 standhouders hun waren aanbieden. ‘We wilden eigenlijk geen braderie, want die zie je overal al. Toen bedachten we dat het leuk zou zijn om een fair te organiseren. Dus zijn we bij allerlei fairs langsgegaan om standhouders uit te nodigen ook bij ons te komen. Het eerste jaar hadden meteen al 80 standhouders. Het verschil tussen een fair en een braderie is in mijn ogen het soort waren dat er wordt aangeboden. Dit jaar gaan we weer los, maar we hebben twee jaar stilgelegen.’
In het dagelijks leven is Bart directeur vastgoed en servicebedrijf bij de GGZ. ‘Ook zit ik nog in de raad van toezicht van een oudereninstelling. Ik vind het belangrijk om bij te dragen aan de zorg. Er zijn grote problemen in de zorg, en die zullen alleen maar groter worden. Ook als de lonen flink omhoog gaan verwacht ik niet dat er veel personeel bij komt. Als je kijkt naar de toekomst, dan moet 1 op de 4 à 5 mensen in 2035 in de zorg werken om de tekorten op te vullen. Dat gaan nooit gebeuren. De problemen hebben we eigenlijk zelf veroorzaakt, door de keuzes die we politiek maken. Want de politiek kiezen we uiteindelijk zelf. Ik vind het interessant om te bedenken hoe het beter kan, hoe we het slimmer aan kunnen pakken. Kijk, nu gaat niet alle energie naar het bed toe. Een deel van de tijd gaat naar de administratie. We moeten kijken naar de ontwikkelingen in de zorg, waar kunnen we het slimmer en beter aanpakken en waar kunnen we beter ondersteunen.’
Bart begon zijn carrière niet in de zorg, maar bij de Rabobank. ‘Ik heb altijd geleerd tijdens het werken. Ik deed dan cursussen intern. Ik begon met MAVO, toen MEAO en een jaar HEAO. Uiteindelijk heb ik nog wel twee masters gedaan, in facilitymanagement en MBA. En hoewel ik inmiddels prima op mijn plek zit, ben ik altijd wat jaloers geweest op mensen die al heel jong weten wat ze willen. Als ik alles opnieuw zou mogen doen zou ik kiezen voor bedrijfskunde en vastgoed. Niet zo heel veel anders dan wat ik nu doe dus.’
Bart komt uit Eelde-Paterswolde en woonde daar tot 20 jaar geleden ook nog. Zijn vrouw runde de manege. Paarden spelen dan ook een grote rol in zijn leven. ‘Paarden zijn eerlijk. Ze geven onmiddellijk terug wat je geeft. Als je met stress in je lijf opstapt, merk je dat meteen aan je paard. Je moet ook eerlijk met paarden omgaan. Ze wegen 600 kilo, je kunt ze niet dwingen. Als ik na het werk ga rijden, voel ik me rustig worden. Ik heb voorheen altijd gesprongen en jonge paarden opgeleid. Momenteel hebben we nog twee paarden, waar we ook regelmatig mee in het bos gaan rijden. Ze hebben ook echt een eigen karakter. Een van de twee staat bij elke steen die een beetje gek ligt onmiddellijk stil, terwijl hij, als hij een hindernis ziet, onverschrokken is.’
De verhuizing naar Lieveren is Bart en zijn vrouw prima bevallen. ‘We werden van het eerste moment meteen in het dorp opgenomen. Als je erbij wilt horen, dan mag dat. Wil je dat niet, dan is dat ook prima. Ik hoor nu dus bij de Club van tien, tien mannen die leuke dingen organiseren in Lieveren. Met als grootste evenement dus de Liefair, maar de avond daarvoor organiseren we altijd een grote barbecue voor het dorp. Daar komen toch zo’n 70 à 80 mensen op af. En we hebben de nieuwjaarsvisite. Nieuwe inwoners worden dan ook altijd uitgenodigd. Doordat mensen het steeds drukker hebben wordt het wel wat moeilijker om dingen te organiseren. Maar dat komt dan ook door strengere eisen. Bij de Liefair moeten we bijvoorbeeld een calamiteitenplan hebben, we moeten er EHBO-ers bij hebben. Maar zoals we het nu organiseren hebben we het allemaal mooi in de hand. Groeien is dus geen doel, we houden het mooi op het aantal stands waar we nu plaats voor hebben.’