Noordenvelders – Dick Wieken

Hij reed internationale concoursen over de hele wereld, pakte zilver met zijn team op het wereldkampioenschap en ging ervandoor met de Grote Prijs van Geesteren. Dick Wieken was een topruiter. Dit jaar is hij zeventien jaar manegehouder in Roden. Op manege de Hulhorst doet hij iedere dag wat hij het liefste doet: met paarden bezig zijn. En daar is Dick (68) nog lang niet flauw van. ‘Mensen vragen me wel eens ‘wanneer ga je stoppen?’ Dan zeg ik: ik heb totaal geen plannen in die richting. Ik heb fijne klanten, weinig gezeur en geen gedoe. Dat maakt het leven prettig.’

Aanvankelijk wilde Dick Wieken boer worden. De hogere landbouwschool na afronding van de middelbare landbouwschool, was het plan. Zover kwam het niet. Een vreselijk ongeluk maakte dat dat anders liep. ‘Mijn vader had een boerderij met paarden. Ik reed pony, maar klom ook wel eens op de grote werkpaarden. Een jaar of tien was ik. Toen ik op de landbouwschool zat reed ik een paard voor een boer. Die ging stijl overeind. Ik voelde dat het mis ging en liet me eraf glijden. Het paard viel overzij en ik lag eronder. Met inwendige bloedingen en een bekkenfractuur werd ik afgevoerd naar het ziekenhuis. Het was kantje boord.’ Toch herstelde Dick van de val. Zijn examen mocht hij mondeling afleggen. Geen moment twijfelde Dick of hij weer op een paard zou stappen. Paarden zijn z’n lust en zijn leven. Na zijn herstel vroeg de manege in Meppel of Dick het zag zitten om de handelspaarden te rijden. ‘Dat heb ik ongeveer vier jaar gedaan. Toen een springstal mij vroeg of ik voor hen concoursen wilde rijden, deed ik dat. Voor Stoeterij Zangersheide in België, de stal van Leon Melchior, de grootste springstal, fokkerij en stamboek van de hele wereld. Toen ik kwam had hij een paar paarden, dat is uitgebouwd tot 750 paarden. Tussen 1975 en 1980 heb ik grote prijzen gewonnen. Deed mee aan grote concoursen over de hele wereld. We hadden een goed team, Johan Heins, Henk Nooren, Anton Ebben en ik.  We werden tweede op de worldcup in Amsterdam en we pakten zilver op de wereldkampioenschappen. Nederland presteerde internationaal, we werden als land heel erg opgenomen in de paardensport. Hiervoor kwam Nederland helemaal niet voor.’De Olympiade zag Dick aan zijn neus voorbijgaan. Hij zou meedoen aan de Olympische Spelen die in Rusland plaats zouden vinden. ‘Rusland viel Afghanistan binnen. Toen werden de spelen geboycot. Dat was jammer.’

Via via kwam Dick Wieken in Roden terecht. ‘Ik heb 11 jaar in De Wijk gewoond, een dorp tussen Heerenveen en Meppel. Ik gaf overal springlessen, was altijd aan het reizen en pas ’s avonds laat thuis. Overdag reed ik mijn eigen paarden. Op een goed moment dacht ik: ik moet het spul maar eens op één plek hebben. In Groenlo stond een huis te koop en de naastgelegen manege was te huur. Daar hebben we uiteindelijk tien jaar gezeten. Mijn vrouw beviel het daar niet zo. Via een kennis hoorden we dat er in Roden een mooie manege te huur was. Zo zijn we hier beland. Nu zijn we zeventien jaar verder, de tijd gaat enorm snel. Meestal ben ik ergens zo’n jaar of tien en dan is het tijd voor iets anders. Waar dat is, maakt me niet zo uit. Bakkers bakken overal brood. Ik ben niet iemand die per se altijd op dezelfde plek wil wonen. Ik heb het hier wel heel erg naar mijn zin. Ik heb een mooi vrij leven, niemand jaagt me op. Bovendien: met paarden is iedere dag anders. En de variatie is groot: ik geef les, doe de stallen en de kantine. We hebben een hoop aanloop, het is hier nooit saai.’ Dat de manege uiteindelijk zal moeten verkassen begrijpt Dick goed. ‘De plek is prachtig hier, maar de boel is sterk verouderd. Het gebouw voldoet niet meer aan de huidige eigen en de schuur is provisorisch. Zo mag het nu niet eens meer. En op het dak van de manege ligt asbest. Maar hier hebben ze het al jaren over. Ik laat het rustig op me afkomen.’ 

Dick is hét voorbeeld van iemand die van hobby werk heeft gemaakt. Denk maar niet dat –ie een pot voetbal kijkt wanneer hij ’s avonds op de bank ligt. Zelfs Max Verstappen haalt de huiskamer van de manegehouder niet. ‘Ik heb een abonnement op ClipMyHorse. Daarmee heb ik via livestreams toegang tot alle grote wereldconcoursen. Ik heb net de hengstenshow van de Zangersheide bekeken. Paarden is mijn hobby. Anders is het ook niet vol te houden. Je bent er zeven dagen per week mee bezig.’ Wanneer we vragen naar hoogte- en dieptepunten is hij duidelijk: ‘Dat het Meppeler boerenjochie meereed op het internationaal concours met 50.000 man op de tribune’, dat was mooi. Echte dieptepunten ken ik niet. Het is net als het leven: soms zit het mee, soms zit het tegen.’